Vondst

Het kleine ondernemerschap maakt de mens inventief. Hij moet woekeren met zijn weinige middelen. Er is geen geld voor dure tekstschrijvers, dus probeert hij zelf zijn pakkende slagzinnen te bedenken. Het resultaat kan, net als bij de naïeve schilder, van een ontwapenende eenvoud zijn.

Zo moet ik altijd gniffelen als ik langs café Heuvel op de Prinsengracht in Amsterdam loop. Daar staat op een groene zonnewering deze wervende tekst: ,,Als ik toch sneuvel dan bij Heuvel.''

Toen ik deze week argeloos het Centraal Station naderde, werd mijn blik naar een merkwaardig verschijnsel gezogen. De zadels van enkele tientallen op de stoep gestalde fietsen waren overtrokken met witte plastic hoesjes. Wat was hier gebeurd? Was de hemel gevallen om alle fietsen een witte muts te geven?

Ik boog me over een van de fietsen en las op het hoesje de woorden: ,,Het hele jaar rond een droge kont.''

Het was een zin die een spontane lach loswoelde, nog voordat ik goed besefte wat er precies bedoeld werd. Dat had deze tekstschrijver in ieder geval al bereikt. Werkte hij voor de belendende overdekte fietsenstalling die nog klanten zocht, of maakte zijn opdrachtgever regenkapjes voor de altijd zo weerloze fietszadels?

Nee, het bleek de autowereld te zijn die de fietser naar haar beschutte domein wilde lokken. `Het Rijschool Bemiddelings Buro (RBB)' te Amsterdam had de slagzin ondertekend. Toen wist ik nog niet veel, maar dat heb ik vaker met opvallende reclameacties: de vondst overschaduwt de lading.

Een `Rijschool Bemiddelings Buro' wat was dat eigenlijk?

De volgende dag belde ik het bedrijf op. De bedrijfsleider vertelde me trots dat zijn vriendin, Maaike Eek, de slagzin had bedacht. Ik noem haar bij haar naam, want creatieve mensen moeten altijd geëerd worden.

Samen hadden zij de leiding van een bedrijf dat zich toelegde op de bemiddeling tussen rijscholen en klanten. Wilde iemand zo snel mogelijk rijlessen op dit of dat uur? Het RBB bracht hem in contact met een rijschool die aan al zijn eisen kon voldoen.

Het kostte de klant niets, de rijschoolhouder betaalde een eenmalig bedrag aan de bemiddelaar. ,,Ik verkoop u aan de rijschool'', zei de bedrijfsleider, hoewel hij helemaal niet als een slavenhandelaar klonk.

Hij vertelde me dat hij bij het Centraal Station anderhalf uur lang de fietszadels had overtrokken met de hoesjes. In totaal hadden zich achtereenvolgens zes politieagenten over zijn werkzaamheden gebogen. De eerste vier vonden het wel een ludieke actie, maar de laatste twee hadden met een bekeuring gedreigd. Hij moest eerst een vergunning aanvragen. ,,Heel jammer'', zei de bedrijfsleider, ,,want ik had tienduizend van die zakjes bij me.''

Eerder was hij enthousiast onthaald toen hij bij de Vrije Universiteit bezig was geweest. Docenten waren een kijkje komen nemen en namen een hoesje mee om er met hun studenten economie over te praten.

,,Het hele jaar rond een droge kont.''

Dat leer je niet op een universiteit, dat leer je alleen op de school van het leven.