Kazerne

Soms is de sloop van een gebouw reden tot vreugde, soms tot droefenis. Vandaag de tweede aflevering in een serie over bouwwerken die op het punt staan te verdwijnen: de Zwarte Madonna in Den Haag.

,,Hé, dat is interessant'', zei de architect Carel Weeber volgens de overlevering, toen hij voor het eerst een computer zag. ,,Er zit een herhaaltoets op.''

Hoewel het onwaarschijnlijk is dat Weeber dit echt heeft gezegd – computers hebben nooit een enkelvoudige herhaaltoets gehad – past de opmerking wel heel goed bij zijn houding. In de jaren zeventig werd Weeber bekend als de architect die ten strijde trok tegen wat hij de `nieuwe truttigheid' had gedoopt: de gebouwen vol nisjes, hoekjes, bankjes, deurtjes, raampjes en alle andere dingen die op -je eindigen die toen, met het werk van Aldo van Eyck als inspiratiebron, overal in Nederland verschenen. Weeber stelde daar een `rationalistische' architectuur tegenover, met als credo `beter is herhaling van het goede'.

In de jaren tachtig heeft Weeber op veel plekken in Nederland zijn rationalistische architectuur weten te realiseren. In Rotterdam werd naar zijn ontwerp de Peperklip gebouwd, een reusachtig complex met sociale huurwoningen achter een gevel met blauwe en witte tegels. Heeft de blauw-witte Peperklip door zijn rondingen nog een zekere zwierigheid, de Zwarte Madonna in Den Haag, zo genoemd naar de zwart betegelde gevels aan de straatzijden, is een streng, ongenaakbaar blok dat als enige frivoliteit slechts één ronde hoek heeft. Bij de 360 woningen van de Zwarte Madonna is de herhaaltoets goed van pas gekomen.

In 1985 werd de Zwarte Madonna voltooid. Zestien jaar later nam de gemeente Den Haag het besluit om het te slopen om plaats te maken voor nieuwe kantoortorens voor ministeries. Er zijn enkele pogingen ondernomen het gebouw van de ondergang te redden. Tegenstanders van sloop gebruiken verschillende argumenten. Ze wijzen op de kapitaalvernietiging die het neerhalen van de Zwarte Madonna zou betekenen. En ze vinden het asociaal dat mensen in een sociale-huurwoning blijkbaar niet mogen wonen in het dure centrum van Den Haag. De bewoners van de Zwarte Madonna zelf zijn bijna unaniem te spreken over hun woningen, die nog lang niet versleten waren.

Opvallend is dat geen van de verdedigers van de Zwarte Madonna de schoonheid als reden voor behoud noemt. Weeber zelf heeft de Zwarte Madonna ook nooit mooi genoemd – mooi is trouwens een woord waar de meeste architecten niet over willen praten. Weeber zelf omschreef het woongebouw eens als `fundamentele sociale woningbouw'. ,,De Zwarte Madonna is een vangnet voor mensen die geen woning kunnen vinden en betalen en zo ziet het gebouw er ook uit: een huurkazerne'', zei hij in een interview.

Maar de Zwarte Madonna is niet zomaar een huurkazerne. Terwijl de Mietkasernes in bijvoorbeeld Berlijn altijd nog zijn voorzien van een paar welgemikte ornamenten, is de Zwarte Madonna een doorgerationaliseerde huurkazerne. Het is de huurkazerne tot de essentie teruggebracht: de herhaling van goedkope (en in dit geval ook goede) woningen wordt op geen enkele manier verhuld, maar juist beklemtoond door de gevel. Hierin lijkt de Zwarte Madonna op de Oost-Europese Plattenbau-flats, die, vast niet toevallig, ook vaak met tegels beplakte gevels hebben gekregen.

De Zwarte Madonna is zeker van architectuurhistorisch belang. Je zou het gebouw heel goed kunnen aanmerken als een monument voor de sociale woningbouw, waar de twintigste-eeuwse Nederlandse architectuur wereldberoemd mee werd en die een jaar of tien geleden vrijwel werd afgeschaft. Maar het is ook een gebouw dat je weliswaar goed kunt begrijpen, maar waarvan je niet kunt houden. Zoals `jede Konsequenz' volgens de Duitsers `zum Teufel führt', zo is in de Zwarte Madonna de logica van de sociale woningbouw tot het absurde doorgevoerd. Het resultaat is een ongenaakbaar gebouw, een brok graniet in de Haagse binnenstad. Behalve de tevreden bewoners en enkele architectuurhistorici zullen weinig Hagenaars dan ook treuren om het verdwijnen van de Zwarte Madonna.