Verhalen over Frankrijk zijn complete onzin

In alle publicaties over het `verval van Frankrijk' wordt over het hoofd gezien dat het land een niet te onderschatten positie op economisch en (wereld) politiek vlak inneemt, meent Anne Gazeau-Secret.

De afgelopen weken heeft de Nederlandse kwaliteitspers veel gesproken over een aantal Franse publicaties met als thema `de Franse neergang', de `Franse arrogantie' en `het verval van Frankrijk', met verwijzing naar commentaren van enkele Anglo-Amerikaanse journalisten die bekend staan om hun french bashing.

Hoewel deze artikelen een bijdrage leveren aan het democratische debat, geven ze geen volledig beeld van de situatie waarin mijn land verkeert. Inderdaad kent Frankrijk momenteel, net als andere westerse landen, economische en budgettaire problemen. Maar deze nieuwe profeten van het Franse verval gaan voorbij aan de volgende gegevens: Frankrijk is de vierde exporteur ter wereld; de Franse arbeidsproductiviteit per uur is één van de hoogste ter wereld; Frankrijk is volgens de OESO – vóór China – de grootste ontvanger van buitenlandse investeringen; Nederland is – overigens samen met de Verenigde Staten – de belangrijkste investeerder in Frankrijk; en in een groot aantal sectoren hebben de Franse bedrijven zich sinds de jaren tachtig en negentig ontwikkeld en aangepast aan de mondialisering.

De commentaren aan het adres van Frankrijk zijn overigens tegenstrijdig, want hoewel zij enerzijds wijzen op het Franse onvermogen om hervormingen door te voeren, betreuren ze tegelijkertijd het einde van de `gouden eeuw' van een traditioneel, door de tijd heen geïdealiseerd Frankrijk.

Er wordt veel gepraat over de Franse arrogantie, ook in Nederland. Maar dit cliché miskent het mechanisme van ons denken.

In de eerste plaats is de Franse denkwijze doortrokken van de filosofie van Descartes. Wij houden er een logica op na die soms te systematisch en star is en daarmee onderscheiden wij ons van de meer pragmatisch ingestelde Anglo-Amerikaanse cultuur. Wat doorgaat voor arrogantie is vaak niets meer dan de uiting van deze specifieke denktrant.

Ten tweede is het de kritische geest, waarmee de Fransen – getuige de recente publicaties – vaak naar zichzelf kijken, die kan worden opgevat als een vorm van arrogantie, wanneer deze blik op het buitenland wordt gericht.

Tot slot aarzelt Frankrijk niet zijn stem te laten horen op het internationale toneel, niet in de laatste plaats wanneer wij het niet eens zijn met naburige of bevriende landen. Democratie betekent immers ook het recht om anders te zijn en dat wordt ons door sommigen verweten als een vorm van arrogantie.

Daarbij denk ik natuurlijk aan Irak. Maar wij vinden dat het in het multilaterale debat, waar Nederland terecht net als wij zeer aan hecht, erom gaat verschillende meningen met elkaar te confronteren en op basis daarvan te zoeken naar een oplossing.

Allié, mais pas aligné (bondgenoten, maar niet gebonden) – dat is onze gedragslijn sinds de Tweede Wereldoorlog. In tijden van reële en extreme dreigingen gaan de Fransen hun verantwoordelijkheid niet uit de weg. Zo kwam Frankrijk als enig land Nederland in mei 1940 te hulp, al is dit een vrijwel onbekend gegeven. In totaal zijn er meer dan zeshonderd soldaten onder Franse vlag gesneuveld bij de verdediging en de bevrijding van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Ondanks de vooroordelen jegens Frankrijk die af en toe de kop opsteken, onderhouden onze beide landen uitzonderlijk sterke banden op het economische en culturele vlak. De in dit verband sterk symbolische samenwerking tussen de KLM en Air France en de gedeelde toekomst die zij tegemoet gaan, stemt mij zeer gelukkig.

Met alle respect voor degenen die verzot zijn op clichés en blijven hameren op onze verschillen – die er gelukkig zijn! –, valt niet te ontkennen dat onze volkeren al ruim vijftig jaar samen bij het avontuur van de Europese eenwording betrokken zijn en dezelfde waarden en leefwijze delen. Het grote bewijs wordt geleverd door de 300.000 Nederlanders die een huis bezitten in Frankrijk.

Anne Gazeau-Secret is ambassadeur van Frankrijk in Nederland.