Vrede op krediet

Nee, opdrachten heeft hij er tot nu toe niet uit weten te slepen, zegt de Amerikaanse vertegenwoordiger van Caterpillar, specialist in zware machines en infrastructurele werken. Maar hij is wel onder de indruk van de wijze waarop de voorlopige Iraakse regeringsraad in Madrid zijn plannen presenteert. ,,Wij zijn hier om uit de eerste hand te horen wat de behoeften van Irak zijn'', zegt hij, een blikje cola-light in de hand.

Het is ,,het begin van een proces''. En: ,,een positieve start''. Aan goede bedoelingen geen gebrek op de tweedaagse conferentie over de financiële hulp aan Irak. Meer dan zeventig landen, 330 bedrijven, dertien non-gouvernementele organisaties, de VN, de Wereldbank, de OESO en de Islamitische Raad kwamen afgelopen donderdag en vrijdag in Madrid bijeen. Doel: geld en opdrachten binnenhalen om Irak uit het slop te helpen.

Is het mogelijk een forse geldstroom op gang te brengen voor een land waar in de hoofdstad gemiddeld 30 schietpartijen per dag plaatsvinden? De Spaanse vice-premier Rodrigo Rato sprak vooraf de hoop uit dat in Madrid 15 tot 20 miljard euro bijeengebracht wordt, grofweg een derde van het bedrag dat volgens de Wereldbank en de Verenigde Naties nodig is voor de wederopbouw van Irak tot 2007. Zijn collega van Buitenlandse Zaken Ana Palacio was voorzichtiger. ,,Deze conferentie moet de bereidheid tonen dat de landen willen bijdragen aan de wederopbouw van Irak'', zei ze. En Colin Powell, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, zei: ,,We zijn hier niet om op één conferentie 56 miljard dollar op te halen.''

Een troepenmacht van politici, ondernemers en hulpverleners is uitgerukt in Madrid. Dertienhonderd journalisten volgen hun verrichtingen, voorzover mogelijk. De vergaderingen en presentaties vinden plaats in de zalen van het congrescentrum Juan Carlos I aan de rand van de stad. De marathon aan speeches die leiders van de regeringsdelegaties houden, wordt door de pers gevolgd vanuit een congreshal met televisiemonitors, op veilige afstand van de vergaderzaal. Soms krijgen de verslaggevers bezoek van een minister of een ondernemer.

Zo komt prins Saoed Feisal, minister van Buitenlandse Zaken van Saoedi-Arabië, langs. Hij heeft juist namens zijn land beloofd een miljard dollar bij te dragen voor de noden van de Irakezen. Omgeven door zes veiligheidsmannen loopt de prins – een grote man in een geel gewaad met goudstiksel, ringbaardje onder een roodwit geblokte hoofddoek met zwarte band – de pershal binnen. Onmiddellijk wordt hij omringd door een leger van cameralieden. Een interviewster van de zender Al Arabia speldt hem een microfoontje op.

Een half miljard dollar zal aan het algemene Trust Fund voor Irak worden gegeven, vertelt Feisal, de andere helft zijn garanties voor exportkredieten. En ja, Saoedi-Arabië zal ook bereid zijn de uitstaande schulden aan Irak kwijt te schelden. Op voorwaarde dat andere landen daar ook toe bereid zijn. De Verenigde Staten hebben veel landen bezocht met het verzoek genereus te geven, laat de prins weten. Maar Saoedi-Arabië heeft dit soort aanmoedigingen niet nodig als het gaat om het steunen van een broedervolk. Saoed Feisal staat op ten teken dat het interview beëindigd is.

Een nieuw leven voor Irak, daar ging het over in Madrid. Maar de wonden die zijn veroorzaakt door het Amerikaans-Britse optreden in Irak zijn nog niet geheeld, zo blijkt uit de Franse weigering om met geld over de brug te komen. Frankrijk heeft een staatssecretaris gestuurd, net als Duitsland trouwens. Rusland zond zijn onderminister van Buitenlandse Zaken. Die laat weten de bibliotheek in Bagdad boeken te schenken in het Russisch, opdat de Iraakse burgers de taal kunnen leren. De landen van het `nieuwe Europa' kunnen zich geen kapitale schenkingen veroorloven. Maar zij proberen toch een bijdrage te leveren. Slowakije stuurt medicijnen, dekens en voedsel. Bulgarije zegt ook medicijnen en voedsel toe, naast schoenen en kleren.

Geld wordt toegezegd door de Europese Unie – door `Brussel' en door individuele lidstaten: tot 2007 minstens 1,3 miljard euro. Het is allemaal zinloos, vindt Rafael Vila Sanjuan, internationaal secretaris van Artsen zonder Grenzen. Irak, zei hij deze week in dagblad El País, kampt op dit moment niet zozeer met de gevolgen van een oorlog. Het mist een regering met gezag. De donorconferentie is volgens hem vooral bedoeld ,,ter bevrediging van de politieke behoeften van de betrokken landen''.

De Spaanse premier Aznar was er veel aan gelegen om de conferentie in Madrid door te laten gaan. Ook al was dat tegen de zin van hoge ambtenaren bij Buitenlandse Zaken, die bedenkingen hadden over de kans van slagen van de bijeenkomst. De conservatieve Spaanse premier heeft nog altijd de ambitie om de prestaties van zijn socialistische voorganger Felipe González te evenaren. Die organiseerde in 1991 een uiterst succesvolle vredesconferentie voor het Midden-Oosten in Madrid. Daarnaast hoopte de Spaanse premier er meer binnenlands politiek aanzien mee te verwerven. Tot afgrijzen van 90 procent van de bevolking besloot de regering Aznar, die een absolute meerderheid in het parlement bezit, de preventieve oorlog te steunen tegen Irak van Saddam Hussein.

En Nederland? Daar speelt de discussie over militaire steun aan de coalitie minder. Van Nederlandse zijde zijn het vooral de ondernemers die zich beklagen over de aanpak van de Nederlandse regering. Nederlandse ondernemers willen namelijk best investeren in Irak. Maar hun enthousiasme nam af toen de regering aanvankelijk liet weten geen cent extra ter beschikking te stellen voor hulp. De Iraakse minister van Planning, die de Nederlandse bedrijven had uitgenodigd om toch vooral zaken te komen doen (,,Als u komt, waarborg ik uw veiligheid''), reageerde teleurgesteld. De Amerikaanse onderkoning Paul Bremer ook. ,,De Nederlandse opstelling werd niet goed begrepen'', zegt een deelnemer aan de `Task Force Irak', die bestaat uit Nederlandse ondernemers en enkele ambtenaren. Uiteindelijk zegde Nederland toch 13 miljoen euro toe.

Ook de afvaardiging in Madrid wekte wrevel. Die stond onder leiding van staatssecretaris van Financiën Joop Wijn (CDA). Minister Zalm, die eerst zou gaan, had andere verplichtingen. En minister van Buitenlandse Zaken De Hoop Scheffer dook donderdagavond wel op in Madrid, maar kwam niet naar de conferentie. Hij zat aan bij een privé-diner van zijn Spaanse ambtgenoot. ,,Warrig en verbrokkeld'', zo omschrijft FME-voorzitter Arie Kraaijeveld, leider van de Task Force Irak, het Nederlandse beleid.

De westerse zakenwereld, die op de eerste dag van de conferentie samenkwam, lijkt vooralsnog benauwd om af te reizen naar Irak. Voorzitter Manuel Azpilicueta van de invloedrijke Spaanse bedrijfskring Círculo de Empressarios: ,,Een bedrijf kan wel willen, maar je vindt niemand die er naar toe wil. Te gevaarlijk.'' Het Spaanse bedrijfsleven kijkt liever naar de investeringsmogelijkheden in Oost-Europa.

Bovendien zijn de grootste kluiven al ingepikt door Amerikaanse bedrijven als Halliburton en Bechtel. ,,Je komt er als niet-Amerikaan moeilijk tussen'', zegt een ondernemer. Voorzitter Arnold Noorduijn van de Irak-commissie van het Nederlands Centrum voor Handelsbevordering vindt dat de Nederlandse regering steun moet verlenen op voorwaarde dat het Nederlandse bedrijfsleven daarvan meeprofiteert, zoals de Amerikanen doen. Gisteren werd hij op zijn wenken bediend: van de 13 miljoen euro die Nederland geeft, is 3 miljoen specifiek uitgetrokken voor Nederlandse ondernemingen, zo maakte staatssecretaris Wijn duidelijk.

In hoeverre de beloften worden nagekomen is nog de vraag. Tijdens eerdere donorconferenties voor Afghanistan werd meer geld toegezegd dan feitelijk verstrekt. En zelfs al doen alle landen die in Madrid bijeen zijn, hun beloften gestand, dan nog heeft Irak een fors financieel probleem. Irak heeft schulden in het buitenland, die volgens de schattingen tussen de 350 en 450 miljard dollar bedragen. Nederland heeft circa 220 miljoen euro uitstaan, zegt staatssecretaris Wijn, geld dat de Nederlandse overheid voor haar rekening heeft genomen bij de herverzekering van exportkredieten. Maar Nederland zal niet het initiatief nemen die schulden gedeeltelijk kwijt te schelden. Wijn: ,,Waar het om gaat is dat Irak nu van alle landen te horen krijgt dat ze willen dat het deel uitmaakt van de internationale gemeenschap. Er moet een perspectief worden geboden. De internationale gemeenschap moet nu zeggen: Irak, we gaan jullie daarbij helpen. Mentaal is dit een heel belangrijke conferentie.''