Streefgewicht weer niet gehaald.

Hoe Hanneke Groenteman jarenlang wilde afvallen en er ten slotte een boek over schreef.

Het is de eerste gedachte die door mijn hoofd flitst als Hanneke Groenteman (65) in de deuropening van haar Amsterdamse grachtenpand verschijnt: geen Teletubbie. Ze oogt misschien wat gedrongen, maar verder lijkt zij in niets op de koddige peuterhelden aan wie zij zich spiegelt in haar boek Doorzakken bij Jamin, waarvan gisteren het eerste exemplaar door haar boezemvriend Paul de Leeuw werd uitgereikt. Groenteman is gewoon Groenteman: een vrouw met kloten. Als ik die gedachte halverwege ons gesprek uitspreek, kijkt zij mij peinzend aan. ,,Een vrouw met kloten? Daar word ik niet echt gelukkig van. Maar ja, het had ook slechter gekund.'' Hanneke Groenteman, de boekenkoningin van Nederland, blijkt over een flinke dosis zelfspot te beschikken.

Na een journalistieke carrière van ruim dertig jaar besluit je een boek te schrijven over dik-zijn. Hadden memoires niet meer voor de hand gelegen?

,,Memoires? Ach, welnee! Wat maakt mijn leven nou interessanter dan het jouwe? Memoires schrijf je als je een groot schrijver bent. Of als je leven een bepaald tijdsbeeld weerspiegelt. Zoals Madeleine Albright, van wie onlangs een boek verscheen over haar ministerschap. Kijk, zo'n vrouw heeft nou wat te vertellen. Daar is mijn leven toch peanuts bij?''

De uitgever had liever gezien dat je een boek schreef over je ervaringen als onderduikkind.

,,Ha, dat vond ik helemaal gênant. Je moet van het kaliber Durlacher, Herzberg of Primo Levi zijn, wil je aan dat onderwerp nog iets kunnen toevoegen – literair of inhoudelijk. En laat ik daar nu net niet de capaciteiten voor hebben. Ik ben geen lichtgewicht, maar heb wel voldoende zelfkennis om mij daar niet aan te wagen. Vervolgens kwam de vraag `wat dan wel?'. `Mijn leven en diëten', antwoordde ik. En daar konden zij zich meteen in vinden.''

Toch is het boek meer dan dat. Tussen de regels door komen tal van onderwerpen aan bod, zoals oorlog, seks, schaamte, feminisme, uiterlijk, de journalistiek. Kennelijk verbindt je obsessie met dik-zijn al die facetten in je leven.

,,Ja, gek hè? Het is een rode draad, of althans: een van de rode draden in mijn leven. Door mijn obsessie met dik-zijn heb ik mij vaak geschaamd tijdens het vrijen. Door die obsessie was ik tijdens mijn werkzame bestaan veel met mijn uiterlijk bezig. En door die obsessie met eten heb ik de oorlog als kind op een vrij bijzondere manier beleefd.''

Eten verschafte je ,,veiligheid, warmte en troost'', schrijf je.

,,Ja, want hoewel ik nauwelijks herinneringen heb aan mijn onderduiktijd in Rijnsburg – ik was vijf, zes jaar – is dat eten mij altijd bijgebleven: die heerlijke gerechten van mijn onderduikmoeder tante Cor. Zuurkool, aardappelen met jus en prinsessenboontjes en af en toe een stukje borstplaat.''

Je kwam blakend uit de oorlog.

,,Ik weet: het kán eigenlijk niet. Een onderduikkind hoort uitgemergeld te zijn, nietwaar? Maar ik was verre van uitgemergeld, ik had mij al die tijd tegoed gedaan aan alles wat los en vast zat. Tot de vellen van de pap aan toe. Er zijn ongetwijfeld periodes van gebrek geweest, maar ik heb er in ieder geval weinig van gemerkt.''

Na de oorlog volgden de joodse kuchel met peren van je moeder, die samen met haar man de oorlog overleefde. Wat heeft joods-zijn met vraatzucht te maken?

,,Ik denk dat joden goede eters zijn. Ze hebben een eetcultuur die eeuwenlang teruggaat en die een voorkeur voor kwaliteit en zoetigheid verraadt. Zelfs in tijden van onderdrukking deden zij daarin geen concessies. Met mijn joodse minnaars snoepte ik altijd na het vrijen. Dan aten wij resten boerenkool en bonbons in bed – heerlijk was dat.''

Als twintiger kwam je in de journalistiek terecht. Eerst bij Het Parool, later bij de radio, en uiteindelijk bij de televisie. In hoeverre speelt uiterlijk in dat vak een rol?

,,In de journalistiek speelt uiterlijk een niet te onderschatten rol. Je stelt je bloot aan mensen die naar je kijken en met wie je snel iets wilt opbouwen. Dus moet je presentabel zijn, maar ook weer niet te opvallend. Bij de televisie speelt dat meer dan bij de radio of de krant, want daar kijken duizenden mensen mee. Televisie vergroot uit en dat maakt je als presentator uitermate kwetsbaar.''

Meer dan in het dagelijks leven?

,,Ja, in het dagelijks leven denk ik dat anderen mij voortdurend aan een keuringsonderzoek onderwerpen. Ik bekijk mijzelf door de ogen van mijn strenge, seksistische medemens. In werkelijkheid blijken mensen veel meer bezig te zijn met hun pijnlijke likdoorn, of met wat ze vanavond nu weer eens zullen gaan koken. In het televisiewereldje daarentegen, wordt die fantasie wél bewaarheid. De eerste minuten van een uitzending hebben kijkers volgens mij alleen oog voor je kleding of je onderkin. Pas daarna gaan ze zich interesseren voor wat je te vertellen hebt. Bij de vrouwelijke presentatoren althans, bij de mannen werkt dat weer anders.''

Wat is het verschil?

,,Voor mannen zijn de normen veel minder streng. Neem wijlen Jaap van Meekeren. Het was een prima presentator hoor, maar niet moeders mooiste. En geen mens die daar om maalde. En Theo van Gogh – hij heeft iets heel verleidelijks, menige vrouw valt voor hem, maar op de keper beschouwd voldoet hij niet aan het schoonheidsideaal. Hoe anders wordt er geoordeeld over een vrouw als Henny Stoel. `Lelijk' oordeelde Story een paar jaar geleden zonder pardon. Het werd volgens het roddelblad tijd dat zij plaatsmaakte voor jonger, mooier talent. Zouden ze ooit zoiets over een mannelijke Journaal-lezer durven schrijven? Nooit!''

Heb je er als presentatrice ooit nadeel van ondervonden dat je niet voldoet aan het schoonheidsideaal?

,,In de tv-wereld gaat het er buitengewoon schijnheilig aan toe. Ze zullen nooit zeggen `Hanneke, je bent te dik'. Maar tussen de regels door wordt wel duidelijk dat ik niet beantwoord aan het schoonheidsideaal. Televisie is een uitstalkast, een etalage, zeker waar het vrouwen betreft. Ik ben een van de schaarse vrouwen die niet aan het schoonheidsideaal beantwoorden en toch jarenlang met hun hoofd op televisie zijn geweest.''

Bij de VPRO verwierf je een vaste plek op de zondagmiddag met De Plantage. Hoe camoufleerde je in die jaren je onzekerheden?

,,Ik had een hele goede regisseur bij De Plantage, Ellen Jens. Beeldschoon en broodmager, maar ze snapte precies wat ik bedoelde als ik riep: `Pas op die onderkin'. Waar een mannelijke regisseur zou hebben geantwoord `stel je niet aan', zei zij: `daar denken we aan, Hanneke. De camera staat links, je wordt mooi uitgelicht'. Dat ik dik was, kon iedereen zien. Maar doordat zij mijn onzekerheden serieus nam, viel er een last van mij af.''

Toch voelde je je doodongelukkig als je jezelf op televisie zag.

,,Vaak wel, ja. Vooral de eerste momenten zijn dodelijk, dan zie ik echt alleen vlees en onderkin. Of ik zie mijzelf zo ingespannen kijken, dat het bozig aandoet. Ik kijk programma's wel terug, al is het maar om te beoordelen waar en waarom ik de verkeerde vraag stelde. Ik leer er veel van.''

In de kwalificaties die je jezelf in je boek toedicht – `Teletubbie', `een ecoboerin die haar eigen garen spint' – klinkt bijna zelfhaat door.

,,Dat vind ik een te sterk woord. Maar het is waar: ik hóú gewoon niet van mezelf. Van mijn uiterlijk. Ik vind het jammer dat ik ík ben. Ik wil heus niet blond en twee meter lang zijn, maar ik zou ontzettend graag 25 kilo minder willen wegen. Ik ben echt een klant voor Extreme makeover, dat programma waarin ze gasten van een compleet nieuw uiterlijk voorzien. Ik kan me heel goed voorstellen dat die mensen na afloop veel gelukkiger zijn. Uiterlijk gesproken dan hè, want een bloedmooie vrouw die opeens verder moet met een lelijk klein mannetje krijgt weer met hele andere problemen te maken.''

De Amerikaanse tv-presentatrice Oprah Winfrey, die ook al jaren met haar gewicht kampt, zei ooit: `Het gaat niet om het eten, maar om het verdriet in jezelf. Om de pijn achter de pindakaas'.

,,Troost-eten noemen ze dat – eten om je beter te voelen. Dat herken ik natuurlijk ook. Alles wat Winfrey op dit gebied zegt, klopt trouwens. Ik ben een groot bewonderaar van die vrouw. Voel mij enorm met haar verwant. Mijn grootste wens is dat Oprah ooit mijn boek leest. Niet om te recenseren, gut nee, maar gewoon om te weten dat er in Nederland iemand woont die soortgelijk werk doet en haar al een aantal jaren volgt.''

In je boek haal je de Engelse psychotherapeute Susie Orbach aan. In `Fat is a feminist issue' schrijft zij dat vrouwen er belang bij hebben dik te zijn. Wat bedoelt zij daar precies mee?

,,Met vet schep je afstand, plaats je je buiten de markt. Dikke vrouwen verzetten zich tegen de traditionele rolmodellen. Ze willen geen lustobject zijn voor de man. Ze willen niet op een voetstuk worden geplaatst. Dikke vrouwen houden anderen ver van hun hart.''

Maar dat is toch centimeterwerk?

,,Dat dacht je. Je kunt dat ook figuurlijk opvatten. Ook ík hoor vaak dat ik iets uitstraal van `kom niet in mijn buurt'. Mensen zijn bang voor mij omdat ik adrem ben en altijd het hoogste woord voer. Mijn dik-zijn heeft daar ongetwijfeld iets mee te maken. Ik heb er kennelijk belang bij om het in stand te houden. Als ik een mooi figuur werkelijk zo belangrijk had gevonden, had ik er allang iets aan gedaan – toch?''

Dan ging je niet meer doorzakken bij Jamin.

,,Precies!''

Hoe gaat zoiets eigenlijk in zijn werk?

,,Vergelijk het met doorzakken in de kroeg: je laat je even helemaal gaan. Doorzakken bij Jamin doe ik als ik een tijd lang tegen mijn natuur in heb gelijnd. Dan word ik koppig, koop ik alles wat streng verboden is. Remmen los en bunkeren maar!''

En dan de kater.

,,De walging en de schaamte, ja. Ik prop zó gulzig van alles naar binnen, dat ik er niets van proef en ook niets meer voel. Behalve maagzuur. Ik word soms gewoon agressief van dat tegennatuurlijke lijnen. En die agressie uit zich dan eerst door alles wat het dieet verboden heeft in te slaan en op te schrokken en vervolgens mezelf daar weer om te verachten. De herinnering hieraan weerhoudt me van weer een nieuw streng dieet.''

Je vergelijkt diëten met verliefd zijn. Als je niet in de mood bent, lukt het niet. Is het zo simpel?

,,De roes die een dieet kan opleveren – als het goed gaat, bedoel ik – lijkt op de roes van verliefdheid. Die verliefdheid maakt dat je de ontberingen van het diëten kunt doorstaan.''

Ten slotte, kunnen we nog een boek van je verwachten?

,,Waarschijnlijk wel, want de liefde tussen de televisie en mij lijkt voorlopig voorbij. Boeken op zondag krijgt geen vervolg; de NPS wil niet langer met sponsors werken en als ze ooit weer een boekenprogramma krijgen willen ze dat een jongere uitstraling geven. Dat laatste maakt dat ik zeg: láát maar, ik ga iets anders doen. Ik heb nooit de ambitie gehad om een écht boek te schrijven, maar ik denk dat het er maar eens van moet komen.''