`No cure no pay gênant'

Nederlands enige hoogleraar advocatuur Bert Quant is tegen het systeem van no cure no pay dat de Nederlandse Orde van Advocaten overweegt in te voeren. De beroepsgroep van advocaten heeft onlangs besloten een proef met het systeem te nemen, waarbij de advocaat alleen wordt betaald bij een gunstig resultaat.

Quant uitte gisteren zijn bedenkingen tijdens zijn afscheidscollege als hoogleraar op de Universiteit van Amsterdam. ,,De discussie over no cure no pay is eigenlijk wat gênant'', verklaarde Quant. Volgens de hoogleraar moet een advocaat staan ,,voor de belangen van de cliënt, en niet voor enig eigen belang''. Quant vermoedt dat dit laatste een belangrijk motief voor letselschade-advocaten is. Juist deze groep van raadslieden wil met het systeem gaan werken.

Bij het systeem van no cure no pay ontvangt de advocaat bij succes zo'n 20 tot 30 procent van het uitgekeerde schadebedrag. Tot dusver was dit systeem in Nederland verboden. In Amerika is deze manier van werken gemeengoed, waar volgens Quant het systeem overigens no win no fee heet.

Quant stelde in zijn afscheidscollege voor dat een cliënt een uurtarief krijgt berekend naar draagkracht: het tarief kan vervolgens worden verhoogd naar normaal tarief bij een gunstig resultaat.