De B-wegen naar kennis

Amsterdamse studenten psychologie willen onderwijs dat uitdaagt. En dus gingen ze zelf aan de slag.

WAT DOE JE als je vindt dat het onderwijsaanbod van je studie tekortschiet? Dan neem je het heft in eigen handen en ontwikkel je zelf een cursus. Dat deden althans zes studenten psychologie aan de Universiteit van Amsterdam. Belangrijkste punt van kritiek: de universiteit maakt ons niet kritisch genoeg. Onder bezielende leiding van Pleun van Vliet, docente persoonlijkheidsleer, ontwikkelden zij in hun vrije tijd `de ideale cursus' die wél die kritische geest verlangt én aanscherpt. Een cursus die verwarring zaait in plaats van geruststelt. Die de passiviteit voorbij is. Komend voorjaar gaat `de ideale cursus' onder de naam `Fundamentele Controverses in de Psychologie' in première.

Het begon allemaal twee jaar geleden aan de borreltafel van het VOC-café in Amsterdam. Daar verzamelden zich eens per maand een tiental studenten om te discussiëren over het universitair onderwijs. Initiatiefnemer Pleun van Vliet: ``Onder studenten leven ten aanzien van het universitair onderwijs ik weet niet hoeveel ideeën, dat merk je als docent. Maar ik zie ook hoe weinig de universiteit daar concreet mee doet. Tot een jaar of zeven geleden leidde dat nog tot een apatische `het-heeft-toch-geen-zin'-houding. Maar de studenten van nu organiseren zelf de verdieping en verbreding, bijvoorbeeld in de vorm van congressen. Ik wilde meedoen, vandaar dat ik deze denktank heb opgestart.''

Naast ontevredenheid over de studievorm – door de grote studentenaantallen voornamelijk hoorcolleges – bleek de denktank fundamentele kritiek te hebben op de inhoud. Joris Methorst (24, zesdejaars): ``We willen meer uitgedaagd worden.'' ``In de studie wordt alleen de snelweg gepresenteerd'', vindt Steven Hauwaerts (24, vijfdejaars), ``maar wij willen ook de B-wegen kennen die hetzelfde doel op een andere manier bereiken.''

Deze kritische studenten willen hun wereldbeeld op de kop gezet zien. Ze willen de aannames kennen waarop de hedendaagse psychologie gestoeld is, bijvoorbeeld of gedrag `aangeboren' is of `aangeleerd' – nature versus nurture. En ze willen die aannames ter discussie stellen. Omdat ze pas dan zélf een oordeel kunnen vellen over de huidige `mode' in de psychologie, in plaats van deze klakkeloos te volgen.

Een voorbeeld. Een eeuw geleden was introspectie een legitieme onderzoeksmethode, maar nu wordt dit niet meer als wetenschappelijk gezien. Nu is het een en al observatie wat de klok slaat. Joris: ``Als er nu onderzoek wordt gedaan naar verliefdheid, meten we vooral de fysiologische verschijnselen die daarbij horen, zoals zweethanden, hartkloppingen. Maar dat staat mijlenver af van de subjectieve ervaringen met de liefde die je in het dagelijks leven hebt. Dat roept de vraag op wat je in de psychologie mist als je objectiviteit nastreeft. Waarom mogen die subjectieve belevingen geen rol spelen? Psychologie is toch geen exacte wetenschap?''

Terug naar af, dat is wat de studenten willen. Want, zoals Van Vliet verwoordt: `Via systematische twijfelzucht wordt de keten van vanzelfsprekendheden doorbroken en kan verwondering ontstaan.'

De denktank is inmiddels een zachte dood gestorven. Maar anderhalf jaar geleden is een opvolger opgestaan: de werktank, bestaande uit Joris Methorst, Caroline Prick (23), Willem Frankenhuis (22), Wieke Sleeswijk Visser (22), Marieke Ruardi (22) en Steven Hauwaerts. Deze zes studenten hebben – samen met Pleun van Vliet – het verlanglijstje van de denktank vertaald in een concrete cursus.

In 24 bijeenkomsten worden twaalf fundamentele controverses uitgediept, zoals `objectivisme versus subjectivisme' en `determinisme versus vrije wil'. ``We beginnen met de wetenschapsfilosofie'', legt Van Vliet uit. ``Het fundamenteel onderzoek. Dan laten we die tegenstelling los op het moderne psychologische onderzoek. Daar discussiëren we over. En tot slot kijken we naar de dagelijkse praktijk. Wat heeft het standpunt dat `men' inneemt ten aanzien van menselijk gedrag voor effect op het beleid? Denk aan criminaliteitsbestrijding: de golfbeweging die je ziet in het belang dat men hecht aan `aangeboren' versus `aangeleerd' bepaalt het beleid. En kennen de beleidsmakers die aannames waarop zij hun beleid baseren eigenlijk wel?'' Dit alles wordt – ondersteund door Van Vliet – voorbereid door de zes studenten, die hiervoor studiepunten krijgen en een geldelijke beloning in de vorm van een student-assistentschap.

Van de deelnemers aan de cursus wordt, behalve lezen en meepraten, verwacht dat zij in tweetallen een presentatie geven over een controverse, in een vorm die zij zelf mogen bepalen. Daarbij moeten ze het onderwerp ook werkelijk tot leven laten komen, door gebruik te maken van films, gedichten, krantenartikelen. Want, zo schrijft Pleun van Vliet in de cursusbeschrijving, `de cursus dient aan te sluiten bij de directe ervaring van de student. Het is de bedoeling dat de student daadwerkelijk iets meemaakt waar hij zijn nieuw verworven kennis direct mee in verband kan brengen.' Van Vliet: ``Het moet anders dan anders zijn. Een andere plaats dan de collegezaal bijvoorbeeld, of een onverwachte invalshoek: wat zou de filosoof Kierkegaard vinden van dr. Phil, de televisiepsycholoog?''

Op de vraag aan de bedenkers van `de ideale cursus' of zij niet te veel verwachten van hun medestudenten antwoorden ze allemaal ontkennend. ``Maar'', zegt Joris, ``we verwachten wel dat er vooral `geestverwanten' op afkomen, kritische enthousiastelingen net als wij.''

Meer informatie: pleunvanvliet@planet.nl