`Boeken zijn er echt niet alleen voor de lezers'

De Poolse schrijver Pawel Huelle schreef met de roman `Mercedes-Benz' een loflied op de kracht en elegantie van vooroorlogse automobielen. Maar ook een tragische geschiedenis van Polen. ,,Schrijvers sterven niet voor altijd.''

De ouders van de schrijver Pawel Huelle (1957) moesten na de Tweede Wereldoorlog uit het zuidoosten van Polen vluchten en kwamen aan in Gdansk, het voormalige Danzig. Daar groeide de jonge Pawel op in dezelfde wijk als Günter Grass. Stadgenoten dus, maar in verschillende werelden. Grass is als telg uit een Duits gezin verbonden met de Duitse traditie; Pawel Huelle komt voort uit een joods-Poolse achtergrond en is als schrijf- en spreektaal het Pools trouw gebleven.

Huelle brengt een bezoek aan Antwerpen en Breda, de stad van zijn uitgever, om de verschijning van Mercedes-Benz te vieren. In Antwerpen heeft hij zojuist het Museum voor Schone Kunsten bezocht en hij is ,,onder de indruk van de zeventiende-eeuwse landschapschilders uit de Lage Landen''. Het is hem opgevallen dat de overeenkomsten tussen Antwerpen, sommige Nederlandse steden en Gdansk groot zijn: ,,De architectuur van de barok en renaissance vinden we in Gdansk terug. Het spel van de spitse torens boven de daken is hetzelfde, de boogvorm van de ramen. Maar mijn woonplaats is ruimer aangelegd. Hier heb je een stad, een stuk land, een boerderij, snelweg en dan weer een stad. De weidse omgeving van Gdansk is voor mij van grote schoonheid en ook troost. Ik kan me terugtrekken in de heuvels, de bossen of langs de meren. Dat is belangrijk voor mijn schrijverschap.''

Huelle is een schrijver die speurt naar overeenkomsten, zowel in de literatuur als daarbuiten. In tegenstelling tot veel andere schrijvers heeft hij niet de ambitie een grote roman te schrijven, hij wil de lezer plezier geven, hem een glimlach schenken en laten nadenken. ,,Maar'', zo houdt hij me met enige strengheid voor, ,,boeken zijn er niet alleen voor de lezers, het ene boek bestaat ook dankzij het andere. Boeken gaan een dialoog met elkaar aan, om het zo te noemen. In mijn eerste boek Wie is David Weiser? verliest mijn hoofdpersoon op dezelfde manier het leven als de hoofdpersoon uit Kat en muis van Grass. Bij Grass is de verdwijning mysterieus, in mijn boek ook. Mijn David Weiser raakt zoek in een denkbeeldige, driehoekige plek die zich bevindt tussen de joodse, Duitse en Poolse wijk van de stad. De roman Mercedes-Benz is een hommage aan de Tsjechische schrijver Bohumil Hrabal. Het ontstaan van dat boek is heel eenvoudig, ik zal het u uitleggen.''

Rijles

Pawel Huelle spreekt bijna accentloos Engels. Tijdens het gesprek is hij aanvankelijk niet op vragen gebrand. Hij neemt liever zelf het woord en zet zijn gedachten boeiend en systematisch uiteen: ,,Het boek is geschreven vanuit de facts of life. Ik moest rijles nemen en per toeval kreeg ik een charmante instructrice van rond de dertig. Zij beschikte over een armzalig Fiatje 126. Ik had en heb nog steeds de grootste moeite met autorijden. Om haar niet te veel te belasten of om haar zenuwen te kalmeren als we weer eens tijdenlang in de file stonden, begon ik haar verhalen te vertellen over mijn grootouders. Die waren zo ongeveer de allereerste automobilisten van Polen, het vooroorlogse wel te verstaan. Ze waren Citroën-pioniers en later de pioniers van Mercedes-Benz.

Tijdens de rijlessen herinnerde ik me het prachtige, absurde verhaal `De avondrijles' van Hrabal. Dat gaat over Hrabal zelf die motorrijles krijgt en tegen zijn instructeur eindeloos zeurt over de motoren en andere helse machines, waarmee zijn stiefvader de wegen onveilig maakte. Mijn boek Mercedes-Benz is geschreven als een lange brief aan Hrabal. Ik richt me tot hem terwijl ik de wederwaardigheden op de Poolse wegen van mijn grootouders memoreer, en ook die van mijn vader en oom. Ondertusen krijg ik ook nog eens rijles. Er lopen dus verschillende verhaallijnen door elkaar.''

Mercedes-Benz is een genot om te lezen. Het boek bestaat uit ellenlange zinnen die, naarmate het slot nadert, een steeds hoger tempo krijgen tot je zowat ademloos, als uitgeput na een snelle rit, aan de laatste bladzijden toekomt. Het boek ligt tussen ons op tafel en Pawel bladert erin en zoekt de ene foto waar alles om draait. ,,Kijk, met deze historische foto is de roman begonnen.''

Op de achtergrond staat een Mercedes-Benz 170, twee jonge jongens leunen tegen de grille met daarop de bekende, driepuntige ster. Het zijn Pawels vader en broer. Zijn grootmoeder staat links in beeld en zijn grootvader is als schaduw op de voorgrond te zien; hij maakte de foto. ,,Ja, veelbetekenend,'' zegt hij, ,,want vlak hierna brak de oorlog uit. Mijn grootvader was een van de eerste gevangenen van Auschwitz, mijn oom heeft de hele oorlog als verzetsstrijder in de bossen gezeten. Grootmoeder wist te overleven. Mijn vader ook: die ging werken in de Duitse fabrieken, om niet te worden opgepakt. Polen werd voor de zoveelste keer overvallen, aan flarden gescheurd. Telkens in de geschiedenis zijn de grenzen van Polen verlegd, we raakten steeds meer kwijt, niet alleen steden als Lemberg en Vilnius – tijdens de nazi-terreur zijn ook tienduizenden intellectuelen vermoord.

,,Polen is een door het noodlot getroffen land. Het is een symbolische foto voor mij. Ik heb geen heimwee naar het vooroorlogse Polen, ik heb wel heimwee naar mijn kindertijd. Mijn grootouders deden mee aan spannende wedstrijden. Zo was het een veelbeoefend tijdverdrijf om met auto's de tocht van luchtballonnen te volgen. Wie als eerste op de plaats arriveerde waar een ballon was geland, had gewonnen. De Citroën en later de Mercedes-Benz van mijn ouders reden dan over stoffige landwegen, dwars door de weilanden.''

Een andere autobiografische aanleiding voor Mercedes-Benz is een waar gebeurde scène in een Iers café in Gdansk, waar Huwel en zijn vrienden – schrijvers, schilders, dichters, journalisten – elke week samenkomen om bier te drinken, over kunst en politiek te praten. Dat was in 1997. Opeens komt de nieuwslezer met het bericht op de televisie dat Hrabal dood is, hun Hrabal, de schrijver die ze zo bewonderen. ,,Er stierf een epoche,'' memoreert Huwel. ,,Met de dood van de auteur van boeken als Ik heb de koning van Engeland bediend, Zwaarbewaakte treinen en Al te luide eenzaamheid ging de Midden-Europese verteltraditie teloor, waarin melancholie, humor en absurdisme verweven zijn.

Bier

,,In mijn boek heb ik ook die specifieke, joodse humor nagestreefd. Humor was het enige wapen in de getto's om te overleven. Ik herinner me nog dat we met verbijstering naar zijn doodsbericht luisterden en in koor riepen: `Hrabal, we denken aan je, je had de Nobelprijs voor literatuur moeten winnen, we reizen nu terstond af naar Stockholm om die commissie eens de les te lezen'. En ondertussen dronken we bier, dienbladen vol bestelden we, zo diep ontgoocheld waren we. Gelukkig leeft Hrabal voort in zijn boeken. Schrijvers sterven niet voor altijd. Ze leven met hun boeken temidden van ons.''

Deze scène vormt het hoogtepunt van het boek. Huelles zinnen worden steeds langer, heden en verleden lopen kriskras door elkaar. Het is of al die verschillende dronkemansstemmen in de Ierse pub door elkaar klinken.

Eigenlijk wilde Huelle schilder worden. Op zijn elfde jaar meldde hij zich aan bij een docent aan de Hogeschool voor Kunsten, maar die wees hem af. Volstrekt gebrek aan talent. Hij sloot zich aan bij Solidariteit, maar werd werkloos toen deze vakbond zijn macht verloor. Hij begon te schrijven, al gaat zijn voorkeur nu nog steeds uit naar de schilderkunst.

Ondanks dat verlangen om te schilderen is hij weer aan een nieuwe roman begonnen. Castorp is de titel, naar Hans Castorp, de hoofdpersoon uit De Toverberg van Thomas Mann. In Manns boek staat een kort zinnetje, bijna een terzijde, dat Huelle meteen inspireerde. Voordat Hans Castorp naar het sanatorium hoog in de bergen vertrekt, verbleef hij `twee jaar in Danzig'. Uit zijn tas haalt Huelle het typoscript te voorschijn en hij slaat het open. Hij zegt: ,,Ik wil de biografie van Hans Castorp schrijven over de twee jaren die hij doorbracht in Gdansk. Wat deed hij daar, wie bezocht hij? Hoe onderging hij de stad en welke eethuizen en cafés frequenteerde hij? Ik vul in wat Thomas Mann heeft nagelaten. Als de roman Castorp eenmaal is verschenen, dan is De Toverberg helemaal voltooid. Op mijn bescheiden wijze wil ik daaraan een bijdrage verlenen.''

Pawel Huelle: Mercedes-Benz. Uit de brieven aan Hrabal. Vert. Karol Lesman. Uitg. De Geus, 192 blz. Prijs €20,–.