Bescheiden pianist

De pianist en componist Maarten Bon, die zondag op 70-jarige leeftijd in Amsterdam overleed, werd het bekendst door zijn succesvolle bewerkingen van muziek van Stravinsky voor meerdere piano's: Le sacre du printemps, Petroesjka en Scherzo à la Russe.

Bon was een meesterbewerker, die net als Arnold Schönberg orkestmuziek kon terugbrengen tot de structuur en de essentie. Bon maakte daarvan een `röntgenfoto', zoals hij zei. Zo helder klonken zijn bewerkingen ook, zelfs als die werden gespeeld door twintig pianisten tegelijk.

Maarten Bon werd op 20 augustus 1933 geboren in Amsterdam in een muzikale familie die ook de pianiste Marja Bon en de componist Willem Frederik Bon (1940-1983) voortbracht. Bon was buitengewoon breed opgeleid. Hij kreeg pianoles van zijn grootvader Johannes Jacobus Raaff, Theo Bruins, Magda Tagliaferro, Jean-Jacques Painchaud, Noëmie Perugia en Maria Stroo. Fagotles kreeg hij van Anton Mühlenbaumer en Brian Pollard, hij studeerde viool bij Dick van der Veen. Compositieles kreeg Bon van Carel Porcelijn, Herman Sachs, Theo Bruins en Kees van Baaren.

Bon werkte als pianist bij het Kunstmaandorkest en bij omroeporkesten, hij gaf schoolconcerten en recitals in binnen- en buitenland, hij gaf les op het Koninklijk Conservatorium in Den Haag en vormde een duo met de violiste Jeannelotte Hertzberger. Maarten Bon maakte tientallen composities, arrangementen en bewerkingen en voltooide muziek van zijn broer.

Die biografische bijzonderheden vond Bon zelf oninteressant: ,,Het gaat erom of die muziek die je schrijft, de mensen die die onder ogen krijgen de moeite waard lijkt om die uit te voeren. Daarbij speelt het absoluut geen rol of die mensen iets van mijn persoonlijk leven weten, bij wie ik gestudeerd heb, wat ik doe om aan de kost te komen, waar en wanneer ik geboren ben, etc.''