Buitenlandse artsen krijgen kennistoets

Minister Hoogervorst (Volksgezondheid) wil dat alle artsen met een niet-Europees diploma die in Nederland hun oude beroep weer willen uitoefenen een kennis- en vaardighedentoets afleggen.

Dit schreef Hoogervorst gisteren in een brief aan de Tweede Kamer. De minister verwacht dat buitenlandse artsen op deze manier sneller aan het werk kunnen dan nu het geval is. Via zij-instroom zouden de buitenlandse artsen het Nederlandse artsentekort kunnen verminderen.

Nu moeten buitenlandse artsen vaak een zeer langdurige en bureaucratische weg afleggen voor ze aan het werk kunnen. Het grootste struikelblok voor buitenlandse artsen is de waardering van hun diploma's.

De commissie Buitenlands Gediplomeerden Volksgezondheid moet beoordelen of de opleiding gelijkwaardig is aan de Nederlandse. Deze `papieren vergelijking' neemt een tot soms vijf jaar in beslag. In de meeste gevallen moet de buitenlandse arts nog een aantal jaren onderwijs volgen.

Onderwijsdirecteuren van de acht medische faculteiten klaagden al eerder over de huidige procedure. Volgens hen werd er te weinig gekeken naar de werkervaring van de buitenlandse artsen. Volgens onderwijsdirecteur Ted Splinter van het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam is vaak onvoldoende duidelijk wat de artsen kennen en kunnen. Dat leidde er toe dat artsen die in eigen land specialist waren, soms weer als student in de banken zaten. En andersom, dat artsen die zeiden specialist te zijn, dat volgens Nederlandse normen niet waren. Ook zouden de artsen vaak nog slecht Nederlands spreken en niet op de hoogte zijn van de Nederlandse normen in de gezondheidszorg.

Elke universiteit heeft weer een ander opleidingstraject voor buitenlandse artsen en dat zou, zeggen de onderwijsdirecteuren, verspilling van tijd en moeite zijn. Zij pleitten al eerder voor een landelijke toets voor alle buitenlandse artsen.

In de landelijke toets die Hoogervorst nu wil, zal niet alleen gekeken worden naar de diploma's, maar ook onderzocht worden wat de werkervaring is van de buitenlandse arts. Volgens de minister zal dan veel sneller worden opgespoord waar de eventuele leemtes in de opleiding zitten. Voor elke arts zal een afzonderlijke opleiding worden uitgestippeld. De weg voor buitenlandse artsen zal, voorspelt Hoogervorst, niet alleen korter worden, maar ook goedkoper. Per arts zal het ministerie 40.000 euro minder kwijt zijn dan nu.