`Help me', riep ze. Maar ik was er niet

Honderden mensen liepen gisteren mee in een stille tocht voor Anja Joos. Ze werd vorige week doodgeschopt op het Gerard Douplein in Amsterdam.

Iwan vindt het Weesperplein te ver weg. Moet hij daar eerst helemaal heen lopen en dan weer terug. De stille tocht van Iwan, en ook die van Thom en Carlo, begint dus op het Gerard Douplein, waar hun buurtgenoot Anja Joos (43) vorige week maandag door een groep jonge Marokkanen werd doodgeschopt.

Iwan woont op het Gerard Douplein, net als Thom en Carlo. Zij zitten op het bankje naast de plek waar nu kaarsjes branden voor Anja Joos en waar de honderden mensen die de tocht wel op het Weesperplein begonnen, hun witte rozen neerleggen.

Iwan, bontmuts, wijd uitstaande grijze bakkebaarden, loopt nerveus heen en weer. Iedereen komt zomaar zijn huis binnen, zegt hij. ,,Ik ken die mensen niet.'' Hij kende Anja Joos van Dirk van den Broek. Zij kwam daar voor de boodschappen, onderweg vroeg ze voorbijgangers om geld. Hij speelt iedere middag bij de ingang op zijn mondharmonica. Daarna gaat hij het verkeer regelen, ook met zijn mondharmonica. ,,Vorige week was er iemand die niet wilde doorrijden'', zegt hij. ,,Wordt er een raampje opengedraaid, is het mijn dochter.'' Iwan begint te huilen als hij over Anja Joos praat. Feitelijk, zegt hij, zag hij haar iedere dag bij hem thuis. Ze kwam bij hem zitten om haar biertje op te drinken en dan praatten ze wat.

,,Ze heeft geschreeuwd toen ze op de grond lag'', zegt Iwan, ,,Help me, help me. En ik was er niet.'' Hij verbergt zijn gezicht in zijn handen. ,,Ik was net even weg.'' Ze had haar honden niet bij zich, een Belgische herder en een keesje. Dat begrijpt Iwan nog steeds niet.

Hij gaat weer op zijn bankje zitten, hij heeft geen zin meer om nog mee te lopen naar het Sarphatipark, waar de stille tocht zal eindigen. Hij veegt met zijn handen over de zitting. Een van de ordebewakers van `Stop zinloos geweld' heeft er net met zijn grote laarzen op gestaan. De ordebewaker heet Adri, hij heeft, zegt hij, Anja Joos niet zo goed gekend. Maar wel haar ex-vriend, Ben – daar zat hij mee in de Strafrechtelijke Opvang Verslaafden, Bijlmerbajes. Ben zit daar nog, zegt Adri. ,,Hij is bezig om een probleem dat-ie vindt dat-ie heeft op te lossen.'' Zijn verslaving. Adri had een ander probleem. ,,Jatten, pikken, stelen, roven, alles wat los en vast zat.'' Daar wilde híj van af. Zijn verslaving, zegt hij, heeft hij altijd ,,perfect onder controle'' gehad. Hij werkt nu bij de Belangenvereniging voor Drugsgebruikers. Voor de eerste keer in zijn leven, zegt hij, heeft hij een loon. Met een fakkel in zijn hand en een oranje hes over zijn jas begint hij de mensen van de stille tocht zachtjes van het Gerard Douplein in de richting van het Sarphatipark te duwen. Daar houdt Gerson Gilhuis van het drugspastoraat de mensen voor dat Anja Joos ,,een van ons'' was. Iedere Marokkaan uit de groep die haar doodschopte noemt hij ook ,,een van ons.'' Een paar mensen in het publiek beginnen te joelen. Maar de meeste klappen hard in hun handen.