Robert en ik

Op 26 september overleed popmuzikant Robert Palmer. Zijn laatste cd is net uit.

Japke-D. Bouma over haar eerste muzikale liefde.

Het begon met het liedje Can we still be friends, dat ik hoorde op een regenachtige ochtend in 1983 of '84. In mijn herinnering was het rond een uur of zeven. Net onder de douche vandaan, half op weg naar school. Ik zat gebiologeerd op mijn knieën voor de radio. Ik was dertien, veertien. Mijn eerste kennismaking met Robert Palmer.

Een paar jaar gebeurde er niets. Tot ik in 1987 de langspeelplaat Riptide kocht, op een rommelmarkt. Omdat hij zo leuk lachte op de cover. En omdat er een nummer op stond over een man die met een vrouw uitgaat en aan het einde van de avond tegen haar zegt: ,,I'm sorry baby, I didn't mean to turn you on.'' Dat vond ik humor.

Toch kregen we pas in 1988 écht een vaste muzikale relatie, Robert Palmer en ik. Toen gaf een vriend mij een cassettebandje met het Palmer-album Heavy Nova. Dat bandje draaide ik non-stop op mijn eerste studentenkamer in Groningen terwijl ik studeerde voor mijn tentamen micro-economie. Sindsdien zit hij eerste rang in mijn platenkast.

Over Robert Palmer kan ik úren lang en breed praten. Muziekliefhebbers noemen zijn oprechte interesse voor muziek. Maar ik vind álles leuk aan die man. Zijn haar, zijn timing, zijn humor. De momenten waarop zijn stem net uit de bocht vliegt, en het volgende moment weer haarscherp voortdavert. De manier waarop hij `darling' zingt. ,,Dahling.'' Een echte Brit.

Ik heb al zijn zeventien platen. Van de eerste, Sneaking Sally through the Alley, tot aan Drive, die afgelopen week in Nederland is uitgebracht. Na het album Living in Fear ('96) heeft hij eigenlijk niets spectaculairs meer gecomponeerd. Maar zijn muzikale erfenis was toen al zo groot dat ik hem dat graag vergeef.

Mijn favoriete album is Some People can do what they like. Daarop zingt hij over vrouwen en `bad cocaine' en huppelt zijn stem rauw en sexy heen en weer op funky baslijntjes. Dat klinkt heel spannend. Het leukste aan het luisteren naar zijn muziek is voor mij dat het echt een een-tweetje is. We zijn met elkaar in gesprek. Ik kan niet wachten tot de instrumentale stukjes voorbij zijn. Ik hou ervan dat zijn liedjes zoveel sfeer hebben. Zo zit er in She makes my day een moment dat klinkt alsof een toneelgordijn opengaat, en al het stof wordt weggeblazen.

Maar waarmee hij me echt voor zich gewonnen heeft, is dat hij altijd zo'n werk heeft gemaakt van zijn teksten. Zo zingt hij op Some People: ,,I can't tell temptation from chance'', wat ik altijd vertaald heb met ,,ik kan een verleiding nooit van een uitdaging onderscheiden''. Dat vind ik briljant gevonden. Of zoals hij met bittere ironie op Riptide over een verbroken liefde zingt: ,,just another flesh wound'', in de trant van: het is maar bloed, verder ben ik er nog goed van afgekomen. Hij gaf me ook een positieve eyeopener op Double Fun: ,,whether we spend our lives together, or we'll never see each other again, I'll always celebrate, the times that we both knew.'' Over het zonder wrok omkijken naar liefdes en vriendschappen die voorbijgaan.

Ik heb hem één keer ontmoet. Voor mijn werk. ,,Hoezo Robert Palmer?'' zei de chef. ,,Die is toch op zijn retour?'' Maar omdat ik graag wilde, mocht ik hem tóch interviewen. Dat was een mooie middag, in het Amstel Hotel. Alles klopte aan die man. Charisma all over the place. Hij was volkomen bezeten van muziek.

We hadden het over het liedje Notoriety. ,,Dat is een samba!'' zei hij enthousiast. En hij deed me het ritme voor, met zijn stem, en zijn hand een beetje bewegend erbij. Ik vroeg naar Between us, is dat een bossanova? Beetje extreem wel, twee muzikale nerds, een beginner en een gevorderde, die samen zitten te flippen op ritmeschema's.

Ik heb hem één keer live zien optreden. Hij kwam op en het was goed. Hij stond soms wat schutterig op het podium. Maar hij rockte wél de hele zaal uit de sokken. Dat vond ik onweerstaanbaar.

Nu is hij dood. Op 26 september is hij overleden. In Parijs, 54 jaar, een hartaanval. ,,In true rockstar style'', sms'te een vriend mij. Er zijn momenten dat ik dat verdrietig vind. Zoals laatst, toen ik met mijn walkman op over de Utrechtse stadswal liep en hij ineens mijn oor binnenkwam: She makes my Day. Dan denk ik: ik zal hem nooit meer live horen zingen. Aan de andere kant: ,,What a frickin' rocker he was'', schreef een andere fan op het message board van robertpalmer.com. Dan denk ik: ik heb ontzettende mazzel gehad dat ik zijn muziek gevonden heb.

Ik heb meer muzikale liefdes. Mick Jagger, Prince, Otis Redding, Stevie Wonder. Maar Robert Palmer is speciaal. ,,Hij was jouw éerste échte muzikale liefde'', zei een vriend. ,,Dat gaat nooit meer over.'' Dat is het mooie ervan.

Hij was mijn soundtrack.