Notenkraker

Op zijn winterzwerftochten doet de notenkraker weleens ons land aan. Er zijn twee soorten, de Europese en de Siberische. De eerste is diksnavelig, de tweede dunsnavelig.

Deze chocoladebruine vogels, getooid met druppelsgewijs op het verenkleed afgezette, witte vlekken verzamelen zich nu in Zuid-Zweden. Misschien maken ze de oversteek naar Nederland. De onderstaart en eindband van de donkere staart zijn wit. Het vliegbeeld is als van een gaai. De roep scherp, krassend en in broedtijd zelfs miauwend. De Siberische variëteit is hier invasiegast; de Europese dwaalgast. De notenkraker (Nucifraga caryocatactes) huist hoog in de toppen van naaldbossen. Hij voedt zich, zoals de naam al zegt, met de vruchten van het herfstbos. Vorig jaar liet de notenkrakter zich zien bij Lauwersoog, waar hij over de Friese sluis vloog. Het was een prachtige waarneming deze vogel in het grijze land. Het had toen eigenlijk moeten gaan sneeuwen.

Illustratie: Rein Stuurman

(Zien is kennen!)

Tekst:Kester Freriks;

freriks@nrc.nl