Zakentycoons azen op de macht in Rusland

Met gewapende invallen voert president Poetin deze week de oorlog tegen de oligarchen op. Na een reeks malafide privatiseringen in de jaren negentig trekken zij, Yukos-topman Chodorkovski voorop, de politieke macht naar zich toe. De politici en de roofbaronnen vechten om de herverdeling van Ruslands rijkdommen.

`Ze hebben een grens overschreden. Dit is niet fair.'' Het is niet eenvoudig om medelijden te hebben met Michail Chodorkovski, tot voor kort eenzaam aan de top van de voedselketen in de haaienvijver van Ruslands wild-west kapitalisme. Toch probeerde de rijkste man van Rusland maandag in een haastig bijeengeroepen persconferentie op het sentiment te spelen. ,,Wat willen ze van mij?'', klaagde de grauw ogende roofbaron. ,,Willen ze dat ik in ballingschap ga? Dan moet ik ze teleurstellen. Willen ze me arresteren? Laten ze dat dan nu meteen doen. Ik ben er klaar voor.''

De vrijdag daarvoor zwermden mannen met bivakmutsen en machinegeweren opnieuw uit over het zakenimperium van Chodorkovski. Vijf bussen gewapende onderzoekers reden villadorp Zjoekova binnen om de huizen van vier topmanagers van zijn oliemaatschappij Yukos en zijn holding Menatep overhoop te halen. Chodorkovski zelf verliet na een angstig telefoontje van zijn vrouw ijlings het Moskouse `World Economic Forum' – vlak voordat zijn kwelgeest, president Poetin, daar het woord kreeg. De wetshandhavers dromden namelijk ook dreigend samen rond Chodorkovski's eigen oprijlaan, maar trokken zich uiteindelijk terug.

Elders, op het landgoed Koralevo, joegen de agenten met machinegeweren leerlingen uit een internaat voor weesjes van overleden grenswachters. Yukos financierde die school en had ook een oude server cadeau gedaan. De directrice was maandag in tranen: haar scholieren waren getraumatiseerd en rijp voor psychotherapie, zuchtte ze. Het openbaar ministerie reageert koeltjes. Was het niet wat vreemd, zo'n machtige computer op zo'n klein schooltje, vroeg een woordvoerder. Op de computer zouden zich de geheime archieven bevinden van jarenlange belastingfraude door Yukos.

De invallen markeren een nieuwe escalatie in de oorlog tussen president Poetin en Yukos, Ruslands grootste oliebedrijf. Het is een titanenstrijd die zich afspeelt in de media, de Doema en de gangen van het Kremlin. De inzet is enorm: worden de malafide privatiseringen van medio jaren negentig teruggedraaid? Moeten de oligarchen, het kleine clubje zakentycoons die de Russische economie domineren, hun koffers pakken? En moeten buitenlandse investeerders daar blij mee zijn of niet?

Het is een paradox. Moody's verklaarde Rusland gisteren voor het eerst kredietwaardig: veilig voor pensioenfondsen dus. `Gouden Regen!', kopte de zakenkrant Vedemosti over de verwachte golf buitenlandse investeringen. Maar in dezelfde week blijkt de kapitaalvlucht uit Rusland in het derde kwartaal 7,7 miljard dollar te bedragen: een scherpe trendbreuk. In het eerste kwartaal was de kapitaalvlucht geslonken tot 100 miljoen dollar, in het tweede was er zelfs een instroom van 3,7 miljard. Nu is de stemming kennelijk omgeslagen. Take the money and run: dat lijkt het devies van het Russische zakenleven. Ambivalente uitspraken van ministers over het terugdraaien van privatiseringen – 77 procent van de Russen is daar vóór – dragen hun steentje bij.

De oligarchen. Hun bewind begon in een villa op de Mussenheuvel vanwaar ooit Napoleon zijn eerste blik op het brandende Moskou wierp. Hier kwamen in september 1994 de voormannen van het nieuwe Russische grootkapitaal bijeen: dertigers en multimiljonairs. Ze besloten – tussen hun zakenoorlogen door – hun politieke activiteiten te coördineren. Hun grootste succes: de herverkiezing van de toen extreem impopulaire Boris Jeltsin in 1996. ,,Wij regeren dit land'', jubelde achteraf Boris Berezovski, altijd de luidruchtigste van het stel. President Jeltsin beloonde hen met het `aandelen voor leningen'-schema, die de multimiljonairs in één klap tot multibiljonairs maakte. Voor een appel en een ei kregen ze Ruslands rijkdommen in de schoots geworpen: Michail Chodorkovski hoefde maar 159 miljoen dollar aan de staat te `lenen' om Yukos in de wacht te slepen, nu tientallen miljarden waard.

Maar anno 2003 bevindt de oligarchie zich in zwaar weer. Een deel van de oude garde ging kopje onder in de roebelcrisis van 1998. Vladimir Goesinski en Boris Berezovski, die Poetin middels hun televisiezenders uitdaagden, verdwenen twee jaar geleden in ballingschap. Van de oligarchen van het eerste uur resteren nu alleen nog Vladimir Potanin, Michail Friedman en Michail Chodorkovski.

Onder Jeltsin kregen de oligarchen alle ruimte om het regeringsapparaat te manipuleren, vochten ze hun zakenoorlogen uit via omgekochte rechters, televisiekanalen en kranten. Zo kostte in 1997 de `bankiersoorlog' om het telecombedrijf Svjazinvest de kop van twee vice-premiers. Poetin had geen behoefte aan dit soort spektakel. Hij schreef de oligarchen in 2000 de nieuwe wet voor: zij mochten zich niet in de politiek mengen, Poetin beloofde zich niet in hun zaken te mengen en de privatiseringen niet terug te draaien.

Die afspraak moet niet al te letterlijk worden genomen: politiek en economie zijn in Rusland onafscheidelijk. Uiteraard bleven de zakentycoons via `hun' Doemaleden belastingvoordeeltjes lospeuteren, en uiteraard lobbyde Oleg Deripaska, eigenaar van autofabriek GAZ, voor hoge importtarieven voor buitenlandse auto's. In de republieken en regio's waar de oligarchen actief zijn, zorgen ze ervoor dat hun mannetje gouverneur wordt. Het is eerder een kwestie van ongeschreven codes. Zakenlieden mogen onder Poetin niet meer hardop over hun politieke ambities praten. Ze moeten hun beurs opentrekken als het Kremlin dat verlangt en in verkiezingstijd royaal de partij van Poetin steunen.

Chodorkovski van Yukos hield zich niet aan de code. Niet alleen liet hij doorschemer graag president te worden in 2008, ook verklaarde hij openlijk dat zijn bedrijf bij de komende verkiezingen de liberale partijen Jabloko en SPS zou steunen, alsmede de communisten. Alles behalve het Poetin-getrouwe centrum dus. Sindsdien is het oorlog. President Poetin had voor zijn recente bezoek aan Amerika het volgende te zeggen. ,,We hebben een categorie mensen die biljonairs werden, van de ene dag op de andere als het ware. De staat benoemde hen tot biljonair, gaf een enorme hoeveelheid bezit weg, bijna gratis. Daarna, toen de tijd verstreek, kregen zij de indruk dat de goden op hun hoofden sliepen, dat hen alles is toegestaan. In wezen proberen ze een oligarchisch bewind te vestigen, waar zij achter de ruggen van de zichtbare politieke spelers aan de touwtjes trekken.'' De subtekst: als het Kremlin biljonairs kan benoemen, kan het ze ook afzetten.

Dat zwaar weer op komst was, kondigde zich al in februari al aan, toen Chodorkovski voor de camera openlijk ruzie zocht met Poetin. In april kondigde Chodorkovski een fusie aan tussen zijn Yukos en Sibneft, wat een oliegigant zou opleveren die qua omvang en reserves kon wedijveren met `majors' als Exxon, Shell en BP. De zakenmagnaat dreigde tot eenzame hoogten te stijgen.

In mei verscheen het rapport `Staat en Oligarchie', dat waarschuwde voor een `kruipende oligarchische coup'. De zakentycoons wilden bij de komende verkiezingen de Doema in een houdgreep krijgen. Doel was een parlementaire democratie te vestigen en de president tandeloos te maken. En dat is precies wat de verbannen oligarch Berezovski, Poetin felste vijand, vanuit Londen al een jaar bepleit: een monstercoalitie tegen de `totalitaire dreiging' die van Poetin zou uitgaan. Chodorkovski van Yukos volgt dat advies op de voet door liberalen en communisten te sponsoren. En zo beleeft Rusland nu weer een van zijn vele paradoxen: communistenleider Zjoeganov die het grootkapitaal verdedigt. ,,De acties (van het Kremlin tegen Yukos) zaaien complete chaos en kunnen het financiële en economische systeem verlammen.''

Begin juli sloeg het Kremlin terug. Het openbaar ministerie arresteerde Platon Lebedev, het financiële brein van Yukos, wegens een dubieuze privatisering van een kunstmestfabriek in 1994. De mannen met bivakmutsen deden hun eerste serie invallen. Chodorkovski gaf niet thuis. Hij bezocht de Amerikaans ambassade op Onafhankelijkheidsdag, en deze week is hij in Washington: kennelijk verwacht hij rugdekking van de VS. Hij kocht de noodlijdende krant Moskovski Novosti op om er een massakrant van te maken. Hij onttrok 1,3 miljard dollar aan zijn bedrijven, mogelijk als oorlogskas voor de verkiezingen.

Waarna het onderzoek tegen Yukos zich uitbreidde. Het openbaar ministerie onderzoekt nu, behalve fraude en belastingontduiking, vier moordzaken. Een tot levenslang veroordeelde lustmoordenaar bleek bereid te getuigen tegen het hoofd beveiliging van Yukos, Aleksej Pitsjoegin. Hij zou opdracht hebben gegeven vier andere lokale politici uit de weg te ruimen. Afgelopen vrijdag moesten de villa's van de Yukos-top eraan geloven. En gisteren opnieuw.

Over twee maanden kiest Rusland een nieuwe Doema; de aanval op Yukos kan derhalve een verkiezingsstunt zijn. De oligarchen, die zich obsceen verrijkten terwijl Rusland in een vrije val raakte, zijn extreem impopulair – en bovendien merendeels van joodse komaf, hoewel het Kremlin dat register nooit openlijk bespeelt. Wat hiertegen pleit, is dat de staatszenders weinig aandacht besteden aan de oorlog tussen Yukos en het Kremlin: 53 procent van de Russen weet niet eens dat er een conflict bestaat.

Het gonst al langer van de geruchten dat dit de eindstrijd is tussen twee machtsgroepen binnen het Kremlin. Enerzijds de Familie, topambtenaren en zakentycoons uit de Jeltsin-tijd die Poetin in 1999 op het schild hesen. Tegenover hen staan de siloviki, de sterke mannen, vertrouwelingen van Poetin die afkomstig zijn uit de voormalige KGB en diens opvolger, de FSB. Ruim een kwart van de huidige lichting topambtenaren in Rusland begon zijn loopbaan daar.

Gleb Pavlovski, de spindoctor van de `Familie', beschuldigde deze ex-KGB'ers vorige maand op zijn beurt van een `kruipende coup'. Onder het mom de oligarchen te willen intomen, zouden zij een herverdeling van Ruslands rijkdommen in hun voordeel nastreven. Spil van deze samenzwering zou, naast twee hoge Kremlinfunctionarissen, de Petersburger Sergej Poegatsjov zijn. Deze ultra-orthodoxe bankier is een oude huisvriend van Poetin. Hij zou Ruslands wilde kapitalisme willen hervormen tot een soort staatskapitalisme. Poetins siloviki controleren de zogeheten krachtsministeries – leger, politie, geheime diensten – alsmede het openbaar ministerie. Hun economische basis zijn vooral semi-staatsbedrijven als Gazprom en oliebedrijf Rosneft.

Rosneft kwam eind vorig jaar al in botsing met de `Familie' toen een ander staatsoliebedrijf, Slavneft, onder de hamer ging. Hoewel Rosneft het hoofdkantoor van Slavneft bestormde en tijdelijk haar mannetjes installeerde, mocht het niet meebieden op de veiling. Zo bleef Rusland het spektakel bespaard van een staatsbedrijf dat een ander staatsbedrijf `privatiseert'. De oligarchen Friedman (TNK) en Abramovitsj (Sibneft) haalden de buit binnen.

In de wandelgangen van het Kremlin houden de representanten van de Familie en de siloviki elkaar nu nog in evenwicht. De vrees bestaat dat Poetin na de komende verkiezingen de balans laat doorslaan naar zijn oude vrienden. Sommige oligarchen zullen daar weinig last van hebben. De aluminiummagnaat Oleg Deripaska staat op goede voet met de president en is nog volop op het overnamepad. Mijnmagnaat Vladimir Potanin heeft zich aan de voeten van Poetin geworpen. Hij kwam deze zomer opdraven bij een congres van diens partij `Verenigd Rusland' en beloofde royale donaties. Het werd een genânte vertoning toen Potanin om vergiffenis vroeg voor de hebzucht en het egoïsme waaraan hij zich in het verleden schuldig had gemaakt.

Andere oligarchen lijken de buit binnen te halen nu het nog kan. Een voorbeeld is Michail Friedman, die de helft van zijn oliebedrijf TNK in februari voor meer dan 6 miljard dollar aan BP verkocht. Nog veel openvallender is de vlucht van Roman Abramovitsj. Deze zakentycoon begon zijn loopbaan met de productie van plastic badeendjes. Hij handelde in olie, maar verdween even achter de tralies toen 55 treinwagons diesel op weg naar Moskou onverwachts in Letland opdoken. Zijn loopbaan kwam pas echt van de grond toen hij Tatjana Djatsjenko leerde kennen, Jelsins dochter die van papa alles gedaan kreeg. Het was zijn entree in de liga van grote spelers. Abramovitsj kreeg daarna Sibneft, Rusland vijfde oliebedrijf, de helft van RusAl, de grootste aluminiumproducent, een kwart van Aeroflot, een keten farmaceutische bedrijven. Forbes schatte zijn vermogen dit jaar op 5,7 miljard dollar.

Abramovitsj verbaasde deze zomer de wereld door voor 233 miljoen dollar de Britse voetbalclub Chelsea te kopen en 110 miljoenen te besteden aan topspelers. Rusland ziedde van woede. ,,Abramovitsj heeft Rusland alleen al in 2001 voor 300 miljoen dollar aan belastinggeld bezwendeld'', riep het hoofd van de Rekenkamer. ,,Daar kwam zijn kleingeld vandaan.'' Russen kunnen het nog altijd niet velen dat mensen hun geld besteden zoals hen dat goeddunkt, antwoordde de jonge oligarch vermoeid. Chelsea is een leuk speeltje, daar komt het op neer. Abramovitsj wil eens wat meer tijd aan zijn familie besteden. Een wereldreis maken. Rusland? Hij voelt zich ,,eerst jood en dan Rus''.

Abramovitsj' bedje is gespreid. Hij heeft herenhuizen en villa's in West-Sussex, Knightsbridge en St. Tropez, zijn kinderen studeren aan Britse elitescholen, hij kan rondreizen in zijn eigen Boeing-767 en `Le Grand Bleu', het grootste privéjacht ter wereld. Dit jaar verkocht hij zijn kwart aandeel in Aeroflot, een worstfabriek en – afgelopen weekeind in de skybox van Chelsea – de helft van zijn aandelen in aluminiumgigant RusAl aan collega-oligarch Deripaska. Zijn Sibneft fuseert met het oliebedrijf Yukos, wat Abramovitsj 3 miljard dollar in cash oplevert.

De oligarchen zijn vooral bekwaam in het binnenhalen en consolideren van bezittingen. Het zijn speculanten, geen managers. Het is nu in hun voordeel westers kapitaal, expertise en managment binnen te halen. Met de miljarden die ze verdienen met de gedeeltelijke verkoop van hun consortia, kunnen ze zich inkopen in sectoren van de Russische economie die nog niet zijn geconsolideerd, zoals de bosbouw. Bovendien kunnen ze zich in toekomstige conflicten met het Kremlin verschuilen achter de brede rug van hun nieuwe partners, westerse multinationals. Zo gonst het nu in Rusland van de geruchten dat de nieuwe oliegigant Yukos/Sibneft 40 procent van de aandelen verkoopt aan Exxon of Chevron: met zo'n vennoot in de rug kan Michail Chodorkovski zich iets veiliger voelen in zijn villa tussen de sparren van Zjoekova. President Poetin zegt zo'n instroom van westers kapitaal niet te willen blokkeren, maar het Kremlin wil wel controle houden over de strategische oliesector. ,,Ik denk dat het juist zou zijn hier de Russische regering eerst diepgaand over te consulteren'', zei hij eerder deze maand.

Inmiddels zingt ook Michail Chodorkovski een toontje lager. Wil hij nog altijd president worden in 2008, vroeg een journalist hem gisteren in Washington. ,,Nee'', antwoordde de magnaat. ,,Russen houden niet van oligarchen.''