Dior kiest voor Dietrich-look

Bij de presentaties van de Parijse voorjaarsmode spant John Galliano voor Christian Dior de kroon met satijnen pakjes en T-shirts met tatoeageprints onder enorme pluiskapsels.

Er zijn van die seizoenen dat de Milanese mode-ontwerpers het beter hebben begrepen dan de Franse. En het lijkt erop dat dat met de voorjaarscollecties van 2004 weer eens zo is. Wat de ontwerpers tot nu toe in Parijs hebben laten zien, maakt niet echt enthousiast. Het blijft wat stijfjes en ingehouden, terwijl de collecties in Milaan een en al vrolijkheid en zwierigheid waren.

Natuurlijk, alle elementen die de nieuwe voorjaarsmode vormen, zijn aanwezig in de collecties die tot nu toe in Parijs te zien waren. Romantisch kant, satijn, lingerie, invloeden uit de jaren twintig, dertig en vijftig. Maar het wil nog niet echt boeien.

Oké, de show van Dior was natuurlijk een topper. Maar dat komt niet alleen door de kleding – het thema van ontwerper John Galliano was dit keer zoiets als `Marlene Dietrich goes punk' – maar ook door de muziek (jaren twintig-klanken op 78 toeren), de make-up (zwarte lippen, zilveren nagels, paarse ogen en enorme pluizige kapsels) en het podium (een grote glimmende spiegelvloer).

Het duurt even voordat je tussen al dat visuele geweld de juweeltjes aan kleding ziet, zoals de perfect passende tailleurs afgezet met geperforeerd glimmend leer, de satijnen mantelpakjes of de swingende jaren twintig bloemenjurken met lange franjes en als tegenhanger voor al deze braafheid: huidkleurige tulen T-shirts met tatoeageprints. Marlene Dietrich zou er een moord voor hebben gedaan.

Hoe ingetogen was dan de show van de Martin Margiela, waar de mannequins aan de hand van een begeleider steeds naar hun eigen podium werden gebracht. Dat moest ook wel, want ze zagen bijna niets doordat al hun haar voor het gezicht gekamd was. Margiela staat bekend als avant-gardist, maar maakt erg mooie, goed gemaakte kleding. De zwarte satijnen jurk die de show opende zei alles, getailleerd, tot een vrouwelijk silhouet gevouwen en met een simpele, antieke broche op heuphoogte. Maar ook de kanten bloesjes met pofmouwtjes waren vertederend. Costume National zocht de inspiratie in ,,het mysterie van de vrouw'', maar kwam toch niet echt verder dan knap geconstrueerde jurkjes en topjes, a-symmetrische rokjes, rechte strakke broeken en vleermuis-bloesjes.

Even mysterieus was de show van Balenciaga, waar maar een handvol mensen van op de hoogte was. Een uitnodiging krijgen voor de presentatie, bleek onmogelijk. Maar het heeft ook wel iets – met de hulp van een vriendelijke fotograaf – om de digitale beelden direct na de show in je hotelkamer te bekijken. Hadden we iets gemist? Ja en nee. Qua show niet echt, een kale betonnen ruimte, nauwelijks opgemaakte modellen op lompe schoenen en een kleine collectie die bij vlagen deed denken aan het constructivisme van een ontwerper als Helmut Lang. Wel mooi, maar soms iets te stijf waren de stopverfkleurige kokerrokjes, breedgeschouderde taillekorte jasjes met plastic inzetten en de zichtbare stiksels. Lief en draagbaar waren de soepelvallende bloemenjurkjes, die van boven strak als een coltrui zaten en vanaf het middenrif wijduit waaierden.

Misschien komt het met Parijs toch nog allemaal goed.