BRUCKNER

Er zijn verschillende finales denkbaar voor de onvoltooide Negende symfonie van Anton Bruckner. Een slecht idee is het zijn Te Deum als slotdeel na het immense Adagio uit te voeren. Een andere optie is de gereconstrueerde finale door musicoloog Gunnar Cohrs. Maar geen van die eindes is zaligmakend, en des te belangwekkender is dus de opname die dirigent Nikolaus Harnoncourt nu uitbracht voor RCA. De cd bevat een magistrale, woeste en structureel volmaakt afgewogen uitvoering van de onaffe Negende door de glanzend spelende Wiener Philharmoniker. Daaraan gaat een `gespreksconcert' vooraf, waarin Harnoncourt Bruckners finalebrokstukken (soms volledig orkestraal, soms halfaf en kaal) toelicht met soevereine kalmte, bezieling en eruditie.

,,Al is de finalemuziek onaf, ze is de moeite van het horen waard'' stelt Harnoncourt. En inderdaad zijn Bruckners finaleschetsen vergelijkbaar met ,,een steen die van de maan komt vallen'': soms opwindend, opruiend en denderend als het Scherzo, dan weer ongrijpbaar, eindeloos van sfeer, of sierlijk als een renpaard.

Harnoncourt levert met zijn `concertworkshop' een klinkend document af dat musicologisch frappeert, en als slot voor Bruckners symfonie meer bevredigt dan de tot nog toe beschikbare alternatieven. Juist omdat ook leemten veelzeggend kunnen zijn.

Anton Bruckner, Negende symfonie. (RCA 82876 54332 2)