VS blij met Turkije maar Irak niet

Het Turkse parlement heeft ingestemd met het sturen van troepen naar Irak voor een `vredesoperatie'. Maar voor de Turkse regering lijken de problemen met betrekking tot Irak nu pas te beginnen.

Niets liet het Turkse kabinet aan het toeval over. Voordat de besloten zitting in het Turkse parlement over het sturen van troepen naar Irak gisteren begon, zette premier Erdogan de afgevaardigden van zijn AK-partij onder zware druk om niet dwars te gaan liggen.

Het gaat in Irak om een vredesoperatie die in het belang is van Turkije, zo liet hij weten. Erdogan had succes: toen het parlement enige uren later stemde, spraken maar liefst 358 afgevaardigden zich uit voor het zenden van troepen. Slechts 183 afgevaardigden waren tegen.

Veel ministers zullen een diepe zucht van verlichting hebben geslaakt na de stemming van gisteren. Want in maart ging het Turkse parlement wel dwarsliggen, met desastreuze gevolgen voor de betrekkingen tussen Ankara en Washington. De Verenigde Staten zagen Turkije toen als de ideale uitvalsbasis voor een zogenoemd noordelijk front tegen Saddam en de zijnen. Maar het parlement zei `nee', en Washington was woedend: hoe kon trouwe bondgenoot Turkije zo afhaken in de strijd tegen het internationale terrorisme en de verschrikkelijke Saddam?

Dit keer haakte Turkije dus niet af en verbazingwekkend was dat niet. De afgelopen tijd kreeg Ankara immers douceurtje op douceurtje van Washington om zo de regering – maar zeker ook het parlement – gunstig te stemmen. Zo ging Washington akkoord met een lening van 8,5 miljard dollar om de Turkse economie er verder bovenop te helpen. En vorige week nog stemde een Amerikaanse delegatie in Ankara in met een `actieplan' om aanhangers van de Koerdische Arbeiderspartij (PKK) van Abdullah Öcalan in Noord-Irak aan te pakken. ,,Er is geen plaats voor de PKK in Noord-Irak'', liet de leider van de delegatie weten. Na de jarenlange acties van de PKK die vanuit Noord-Irak werden uitgevoerd, klonk die boodschap de Turken als muziek in de oren.

Daar kwam nog bij dat ook veel Turkse waarnemers zich na de stemming van maart openlijk afvroegen of het wel zo verstandig is om de enige supermacht in de wereld die nog over is, tegen je in het harnas te jagen. En levert een Turkse aanwezigheid in Irak niet de kans een vinger in de pap te houden als het gaat om de toekomst van die grote en in potentie rijke buurstaat van Turkije?

Zo lijkt Turkije gisteren aan een nieuw hoofdstuk in zijn betrekkingen met de VS begonnen te zijn. Maar dat betekent nog niet dat alle Turkse problemen met Irak nu voorbij zijn. Een eerste omineus teken kwam gisteren vrijwel direct na de stemming in het Turkse parlement. De Iraakse regeringsraad liet weten weinig heil te zien in de komst van Turkse militairen naar Irak. Buurlanden moeten Irak wel helpen, maar niet door het sturen van militairen, zo was de boodschap. Dat de Iraakse Koerden tegen de komst van de Turken zijn, was natuurlijk ook in Turkije al veel langer bekend. Zij vrezen vooral dat de Turken een corridor willen door Noord-Irak om hun troepen in het zuiden te bevoorraden. Zo'n corridor zou een duidelijk machtssignaal zijn van Turkije aan de Iraakse Koerden dat ze zich geen dromen van onafhankelijkheid in hun hoofd moeten halen omdat Turkije snel en krachtdadig kan ingrijpen. Maar ook de andere bevolkingsgroepen in Irak willen de Turken niet. Zij vrezen dat als een buurland (Turkije) zich met Irak gaat bemoeien het hek van de dam is en veel andere zullen volgen.

Daarbij komt dat nog steeds niet duidelijk is waar de Turkse militairen gestationeerd zullen worden. Het mandaat van het parlement geeft de regering groen licht om over zulke `technische details' te onderhandelen. Veel Turken vrezen echter dat de soldaten uiteindelijk terecht zullen komen in de zogenoemde sunnitische driehoek, waar vrijwel elke dag aanslagen op de bezettingstroepen worden gepleegd. Tot nog toe waren het vooral Amerikanen die daarbij het leven lieten, maar als de Turken daar worden gestationeerd is het vrijwel zeker dat ook Turken daar worden gedood. In Turkije is, zo suggereren opiniepeilingen, nog steeds zo'n 70 procent tegen het sturen van troepen. Het gaat, zeggen veel mensen op straat, Amerika in Irak alleen maar om de olie. Waarom zou Turkije hand- en spandiensten moeten verrichten voor een arrogante, imperialistische grootmacht?

Als ondanks alle optimistische verklaringen van de ministers hier de Turken in een Iraaks wespennest terechtkomen, zal de populariteit van premier Erdogan en de zijnen – die na ongeveer een jaar regeren nog steeds erg hoog is – ongetwijfeld een flinke knauw krijgen, net als die van president Bush in de VS. Zo is het laatste hoofdstuk van de Turkse betrokkenheid bij Irak gisteren zeker niet geschreven.