Vingerafdruk van orang-oetans opgeslagen

De vingerafdrukken van orang-oetans staan straks, net als die van criminelen in een politiedatabase in Nederland. Hiermee hoopt de stichting Bos de apen beter te beschermen tegen stroperij en het uitsterven van de dieren.

Jonge orang-oetans zijn bijzonder gewild als huisdier, zegt voorzitter P. Hos van de stichting Bos in Nederland. Vooraanstaande personen in Indonesië, Amerika, Thailand en Japan houden de dieren als statussymbool.

Borneo en Sumatra zijn de enige gebieden waar de mensapen nog in het wild leven. Stropers schieten vaak de moeder dood en nemen het jong mee om te verkopen.

Door de vingerafdrukken van de oranje apen te registreren, kan de stichting vastleggen welke apen in welk gebied leven. Zo wordt duidelijk welke gebieden extra gevaarlijk zijn voor de beesten. Verder kan van opgespoorde en in beslaggenomen orang-oetans achterhaald worden waar ze zijn gestroopt en welke stropers daarvoor mogelijk verantwoordelijk zijn. De stichting Bos, met zusterorganisaties in dertien landen, neemt jaarlijks honderden orang-oetans in de hele wereld in beslag, vaak in samenwerking met de plaatselijke politie. Bezit van de mensaap is verboden.

De vingerafdrukken van wilde orang-oetans worden verzameld van palen met fruit, die in het regenwoud worden neergezet. Nadat de dieren erin zijn geklommen, bepoedert de stichting de palen, waardoor de vingerafdrukken op papier kunnen worden afgedrukt. Medewerkers van de stichting hebben hiervoor een cursus gevolgd bij J. Geerdink van de Nederlandse politie. Geerdink houdt zich ook bezig met het registreren van de afdrukken in de database. Overigens gaat dit niet ten koste van de opsporing van criminelen. De politie doet dit werk in haar vrije tijd.

De stichting heeft van driehonderd orang-oetangsvingerafdrukken, ze hoopt ze van 3000 beesten te kunnen verzamelen. Van alle twintig vingers van de mensaap wordt een afdruk gemaakt, om de identificatie zo secuur mogelijk te maken, aldus Hos.