Steun voor alternatieve jeugdhulp

Familieleden zijn zeer tevreden over de zogenoemde `Eigen-kracht conferenties', een nieuwe vorm van jeugdhulpverlening.

Dit blijkt uit het rapport `Is dit de toekomst van de jeugdzorg?' van bureau WESP dat morgen wordt gepresenteerd.

Tijdens de Eigen-kracht conferentie maakt een gezin samen met zijn familieleden een hulpplan om de problemen met de kinderen op te lossen. Dit gebeurt onder verantwoordelijkheid van de Jeugdhulpverlening. De familie blijft zo verantwoordelijk voor de eigen problemen en de oplossing ervan. Verschillende instellingen voor jeugdhulpverlening werken inmiddels met dit model.

Familieleden waarderen de bijeenkomst met gemiddeld een 7,3 en het uiteindelijke hulpplan met een 7,6. Driekwart van de familieleden is achteraf tevreden over het resultaat. Ruim 90 procent van de familieleden geeft aan actief te hebben meegewerkt aan een oplossing voor de problemen.

Ook de hulpverleners zijn positief over de conferenties en de inzet van de familie. Zij waarderen de bijeenkomsten gemiddeld met een 7,8 en het uiteindelijke hulpplan met een 7,4. Hulpverleners moeten nog wel erg wennen aan hun nieuwe rol. Onderzoekster Fiet van Beek: ,,Ze zijn gewend om zelf te bepalen welke hulp nodig is. Bij een Eigen-kracht conferentie moeten ze afwachten wat de familie van hen vraagt. Ze bepalen niet, ze faciliteren.'' Volgens Van Beek staan de hulpverleners die met de Eigen-kracht conferentie werken nog vaak alleen in hun organisatie, zoals de bureau's jeugdzorg, waardoor ze weinig steun en feedback krijgen.

Uit een eerdere analyse van bureau WESP van 50 hulpplannen uit 2001 en 2002 bleek dat de hulpverlening meer effect heeft als gezinnen familie en vrienden bij de oplossing van problemen met hun kinderen worden betrokken. De probleemgezinnen zijn dan gemotiveerder om mee te werken. Daarnaast is deze vorm van jeugdhulpverlening aanzienlijk goedkoper dan de traditionele hulpverlening. 80 procent van de hulp die een gezin voor zichzelf nodig acht, kan worden geboden door eigen familieleden en vrienden. Slechts eenvijfde van de hulp moet van professionele hulpverleners komen.

In de hulpplannen worden afspraken gemaakt over de opvoeding, de verblijfplaats, de school en de vrijetijdsbesteding van het kind. Jeugdhulpverlening toetst of de plannen veilig zijn.