Het verkwanselde geheugen

,,In de jaren negentig hebben de nieuwszenders hun journalistieke geheugen verkwanseld', zei David Halberstam in zijn interview met Menno de Galan (in M, het maandblad van deze krant). De `veteraan van de Amerikaanse journalistiek' legt uit hoezeer Irak hem aan Vietnam doet denken. Daarbij noemt hij ook overeenkomsten tussen de weergave in de media, toen en nu. De aanvoerders van de onderneming waren geneigd alle kritiek, ook gefundeerde, gerechtvaardigde, als een soort landverraad te bestempelen en aldus onschadelijk te maken.

Dat is gebruikelijk. In onze oorlog met de Republiek Indonesië was het niet anders. Maar, zegt Halberstam, tussen Vietnam en Irak in de media is één verschil. Na de Koude Oorlog is het televisienieuws waardoor de publieke opinie wordt gevormd, steeds lokaler en leuker geworden. Samengevat, in de jaren negentig is in het hele Westen de fun uitgebroken, in de televisie en ook in de gedrukte pers. In het nieuws bestond de rest van de wereld niet meer. Door de elfde september is dat radicaal veranderd. Nu, ,,in deze opleving van internationaal engagement eisen we onmiddellijk dat iedereen exact hetzelfde wil en doet als wij'.

Dat is één kant van het probleem met de hypermacht die was gaan geloven dat de kunst van de buitenlandse politiek iets van de vorige eeuw was. De andere kant is dat mensen die gewend zijn aan een onbezorgd leven, met het vooruitzicht op de eeuwige vooruitgang (de Nieuwe Economie, als we ons die nog herinneren), niet meer bereid zijn en ten slotte niet meer in staat zich in de toestanden buiten de deur te verdiepen. Als ze dan plotseling in de wortels van hun bestaan worden bedreigd, kunnen ze niet anders dan de radicaalste oplossing verzinnen en – omdat ze nu eenmaal de hypermacht zijn – ook toepassen. Van een met hightech toegediende shock and awe zal de rest opknappen. Maar zo zit de rest niet in elkaar, niet in Irak, ook niet in Palestina en het overige Midden-Oosten.

Het drama van Vietnam heeft zich niet alleen daar in de jungle en de gebombardeerde steden voltrokken. Tegelijkertijd moest Amerika wennen aan de werkelijkheid die niet te beheersen viel. Can do it was daar niet van toepassing. Dat heeft twaalf jaar geduurd, aan 55.000 Amerikaanse soldaten het leven gekost en meer dan een miljoen anderen. Maar hoe verschrikkelijk dat ook was, Amerika kon het zich veroorloven. Dat wil zeggen, het machtsevenwicht in de Koude Oorlog werd er niet door aangetast. De Sovjet-Unie en China hebben de Vietnamezen wel bewapend maar zich er verder voor gehoed op andere fronten van deze oorlog gebruik te maken. En na de verloren strijd is Amerika in de Koude Oorlog definitief de sterkste geworden, zoals uiteindelijk gebleken is.

Irak is anders. Het mag zijn dat de zich nu ontwikkelende guerrilla wat op die in Vietnam gaat lijken, maar de strijd speelt zich niet aan de periferie van een grotere krachtmeting af. Het toneel is het onmiddellijke grensgebied van het Westen in zijn geheel. Daar komt de olie vandaan die voor de economische ontwikkeling van Europa, Amerika, en ten slotte die van de wereld onmisbaar is. Irak is, zoals president Bush zegt, het centrale front; althans hoort ertoe. Als daar de legers vastlopen in een `moeras' waar de oorlog niet kan worden gewonnen, is dat op grotere schaal gezien oneindig veel ernstiger dan Vietnam is geweest. En dit dreigt te gebeuren. Amerika blijft `de sterkste', maar door de aard van de strijd heeft het daar niets aan zolang het ook de kwetsbaarste blijft.

En juist door de manier waarop het probleem-Irak tot dusver door Washington is aangepakt, vergroot het zijn kwetsbaarheid terwijl het de fronten verlengt.

Door de verwijdering van Saddam is het beter geworden in de wereld, zei Bush. Ja, als je het van die kant bekijkt, knapt van iedere dictator minder de wereld op. Maar hoe mooi dat uit oogpunt van de moraal ook klinkt, daar gaat het niet over.

De feitelijke toestand is anders. Eerst in Washington zelf: de toenemende ruzie over het bedrog of halfbedrog dat de niet gevonden massavernietigingswapens omringt. In het vervolg daarop de twijfel aan de Bush-doctrine over de rechtvaardiging van de preventieve oorlog. Dan het aantal gesneuvelde soldaten, nu groter dan de verliezen voor de overwinning. De gestaag oplopende kosten. De aantrekkingskracht van het chaotische Irak op terroristen uit andere landen. Ten slotte, na de mislukking van de routekaart de nieuwe escalatie in het Israëlisch-Palestijnse conflict, de luchtaanval op een Syrisch trainingskamp, een onderneming die ook geen frontverkorting belooft. Hier hebben drie jaar van bloedige strijd in ieder geval één ding geleerd: dat de Amerikaanse president uiteindelijk doet wat de Israëlische premier zegt.

De wereld mag na de verwijdering van Saddam a better place zijn, de positie van de hypermacht in het totaal van het grote conflict, de strijd tegen het internationale terrorisme is er niet op vooruitgegaan. In de periode tussen 11 september 2001 en nu zijn er grote problemen bijgekomen, terwijl in Washington geen overtuigende oplossing daagt.

Aan het grote front, dat lijkt op dat van Vietnam maar dat nu het centrale front van het Westen is, dreigt voor de ogen van de wereld de hypermacht heel langzaam te worden gesloopt. Gaat dat verder dan belooft het voor de Amerikanen zelf het volgende trauma te worden, en voor de vijanden van Amerika een aanmoediging waarop ze twee jaar geleden niet hadden durven rekenen.

Terug tot Halberstam. Een groot deel van de media, godzijdank steeds minder, heeft zijn geheugen nog altijd niet teruggevonden. Mabel en Klaas, Peter R. Ja, als modern mens moet je erover mee kunnen praten. Ieder westers land heeft zijn Mabels en Klazen. The Economist van deze week zet Bush en Blair op de voorpagina. Wielders of mass deception? Bedriegers of niet? Het gaat veel verder. Het totaal van dit groeiende Vietnam in het Midden-Oosten wordt, zoals bij het echte Vietnam het geval was, voorgesteld als een oorlog waarin de overwinning `ons' niet kan ontgaan. Het tegendeel begint een serieus risico te worden.