Mussennesten

Mijn jongste zusje woont in Californië. Als waardige telg van het geslacht zet ze een oude traditie voort: het verfraaien van de wereld, in het grote en in het kleine gebaar. Ze drijft een architectenbureautje dat spoedig de wereld zal verbazen.

Soms bericht ze over het alledaagse, over de cosmetische aap die binnenkort gouverneur van Californië is, over de verrassende schoonheid in diens simplificering van zijn politieke programma: `California? I am California'.

Meer verrassende schoonheid. Zondagmiddag, Parijs-Tours. Eindelijk weer eens gekoppeld voor de micro: Mart en Jean. Mart voor de mores, Jean voor de jus. De dingen die eindelijk gezegd kunnen worden. Saillante details over de politie-inval bij de Museeuws, gevat in een gloedvol moreel exorcisme `alsof Johan een crimineel is!' Zo hoort het, voor bureaucratische overpeinzingen als `doping is feitelijk een economisch delict' is in het cyclisme geen plaats.

Volop schoonheid ook in de Italiaanse rechtspraak. Marco Pantani bij gebrek aan bewijs vrijgesproken van `sportieve fraude'. Mijn vriend Marco, nog zo een die niets liever wil dan de wereld onderdompelen in het schone, het goede en het ware. Natuurlijk wist aanklager Carmine Russo al in 1999 dat hij geen zaak had. Ja, als hij hoogstpersoonlijk aanwezig was geweest bij het leegzuigen van de ampullen en het verdwijnen van de naald in Marco's vlees.

Och arm, het was 1999. Ten opzichte van de rest van het peloton kan Marco hooguit slordigheid worden verweten: het laten oplopen van de hematocrietwaarde tot een getal boven de vijftig. Misschien waren de batterijen van zijn `wasmachientje' (hematocrietmeter) leeg. Misschien was hij gewoon moe.

Waarom voel ik opeens de behoefte een hartverscheurende steunbetuiging te schrijven aan de zelfbenoemde dreumes Frank Vandenbroucke? VDB, eveneens door de politie bezocht en betast, gaat zeker in het cachot worden gestoken. Bij hem een hoorn des overvloeds aan bewijsmateriaal, lukraak in het huis opgetast een bijzonder rijk palet van diverse hormonensoorten, pepmiddelen, roesbezorgers, vochtafdrijvers, maskeringmiddelen, naalden en andere toebehoren. Juist omdat VDB de spulletjes niet onder de dakpannen tussen de mussennesten verstopte, prijs ik hem als de meest opgeruimde fatalist uit de sportgeschiedenis. `Zonder doping is topsport niet mogelijk', verklapte hij al droogjes.

Aan het bombardement van het ware, het schone, en het goede komt geen einde. Het WADA, werelddopingagentschap, heeft het op zich genomen `de verboden lijst” op te schonen een eeuw te laat, maar oké. Cafeïne en pseudo-efedrine worden geschrapt. Een klein maar verheugend begin. Dat het WADA zich in zijn controles enkel op het wielrennen concentreert moet als een compliment worden opgevat. Ook het WADA erkent het cyclisme als de enige echte sport, kolkend in sardonische schoonheid.

Wat nog? Het half dode Nieuw Moralisme eist van de sportman een voorbeeldfunctie alsof ie dat niet al niet een paar eeuwen is. Het eist wat het zelf nooit zal kunnen worden, namelijk levend en onberispelijk. Ik stel me voor dat het zo gaat:

VDB staat voor de rechter. Hij voert zijn eigen verdediging, hij zegt: `ik ben de weg, de waarheid en het leven, meer kan ik echt niet voor u doen, edelachtbare'.