Wie mag moeders geld beheren?

Als ouders gaan dementeren, kunnen er allerlei financiële problemen ontstaan. Over excessieve uitgaven, de verkoop van een huis of de nieuwe vriendin van vader. Familieruzies liggen op de loer. Een volmacht, curatele of bewindvoering kan uitkomst brengen.

Na het overlijden van haar man lukte het mevrouw Altena (77) niet meer om haar geldzaken op orde te houden. Ze werd steeds vergeetachtiger en de stapel ongeopende rekeningen op het dressoir groeide. Toen de dokter Alzheimer constateerde, vroeg mevrouw Altena (die nog precies wist wat ze wilde) haar oudste dochter Thea om haar financiële zaken voortaan te regelen. Aldus geschiedde. Probleem opgelost, zou je denken.

Niets was minder waar, zo bleek toen moeder en dochter een aantal maanden later naar de rechtbank togen om Thea officieel tot bewindvoerder te laten benoemen. Daar bleek namelijk dat mevrouw Altena's andere twee dochters dit helemaal niet wilden. Voor de rechter spraken zij openlijk hun twijfels uit over Thea's financiële capaciteiten en bedoelingen. Mevrouw Altena zelf kon niet meer meepraten; haar conditie was inmiddels sterk verslechterd. Toen een boze Thea de rechter liet weten dat zíj niet instemde met bewindvoering door een andere zus, was de ramp compleet. De rechter kon niemand benoemen: problemen waren te voorzien bij elke bewindvoerder die was voorgesteld. Mevrouw Altena's geldzaken waren nu dus onbeheerd.

Volgens notarissen en hulpverleners gebeurt het vaak dat er familieproblemen ontstaan over geld als een van de ouders gaat dementeren. Volgens Marjolein Haasbroek, hoofd van de sectie ondersteuning bij Stichting Alzheimer Nederland, waar zij ook financieel-juridische vragen beantwoordt van patiënten en hun naasten, komt het regelmatig voor dat oude jaloezie tussen broers en zussen, die allang vergeten leek, weer opduikt op het moment dat de vraag actueel is wie het geld van (een) ouder(s) gaat beheren. Dit was ook het geval bij de familie Altena, de fictieve naam van een gezin dat Haasbroek om advies vroeg. Daar blokkeerden de zussen Thea's benoeming tot bewindvoerder omdat `Thea altijd al het lievelingetje van moeder was en nu wéér is voorgetrokken'.

Regelt een van de kinderen vaders of moeders geldzaken, dan kan ook onenigheid ontstaan over de hoogte van de uitgaven: vindt het ene kind een nieuw parket voor moeders huiskamer het geld dubbel en dwars waard, het andere kind kan dit geldverspilling vinden: `moeder leeft nog maar zo kort'. Maar het gebeurt ook regelmatig dat familieleden vinden dat degene die het geld beheert hun onvoldoende informeert en achterdochtig worden over diens bedoelingen.

Pieter Westbroek, notaris in Gorinchem en bestuurslid van Alzheimer Nederland adviseert oudere cliënten altijd om een volmacht op te stellen ter voorkoming van familieconflicten over het geld(beheer) van ouders. Een volmacht bemoeilijkt bovendien misbruik door derden, en als iemand wilsonbekwaam raakt, kan voorkomen worden dat deze persoon zichzelf financiële schade toebrengt. ,,Als je merkt dat mensen in je omgeving symptomen vertonen van dementie, moet je hen aansporen om maatregelen te treffen, vóór zij wilsonbekwaam worden'', zegt Westbroek. ,,Dan wordt de beslissing wie zaakwaarnemer moet worden, genomen door degene om wiens geld het gaat, op basis van diens wensen – en niet die van derden. Als iemand een tijdje Alzheimer heeft, wordt hij vaak zorgeloos en dan is hij hiertoe veel moeilijker te bewegen.''

Als mevrouw Altena haar zaken had geregeld toen haar ziekte net begon, en in een volmacht dochter Thea als gevolmachtigde had aangewezen, waren de zaken waarschijnlijk niet zo uit de hand gelopen. Vooral niet als zij deze beslissing aan haar andere dochters had toegelicht. Dan had de familie niet naar de rechter gehoeven, wat veel geld scheelt. ,,Als je niet meer voor jezelf kunt optreden, is het een optie om een familielid bewindvoerder te maken'', stelt Westbroek, ,,maar het is ook een lastige stap. Doordat je naar de rechter moet, wordt het probleem ook voor de buitenwereld zichtbaar.''

Betrokkenen kunnen ook voor bewindvoering kiezen, maar dat brengt, vergeleken met een volmacht, meer nadelen met zich mee. Een bewindvoerder moet blijvend verantwoording afleggen aan de rechter: hij moet deze jaarlijks een kostenoverzicht geven en voor grote uitgaven steeds toestemming vragen. Westbroek: ,,Dat is omslachtig, soms duurt het een maand voor de rechter toestemming verleent''. Bovendien kunnen de regels per rechtbank sterk verschillen: op sommige plekken is al toestemming vereist voor het boeken van een dure vakantiereis. Een ander bekend voorbeeld is de verkoop van het gezamenlijke huis, in het geval de echtgenoot als bewindvoerder is aangewezen: ook hier moet de rechter om toestemming worden gevraagd. Zo wil de overheid misbruik van de dementerende partner voorkomen. Een volmacht voorkomt dit probleem: hierin wordt aan de gevolmachtigde expliciet toestemming verleend voor de verkoop.

Om familieproblemen te vermijden, kiezen steeds meer mensen voor professionele bewindvoering, door een extern bureau, of schakelen een advocaat of notaris in. ,,Onze cliënten willen vaak de relatie met kinderen of andere potentiële bewindvoerders niet belasten met geldzaken'', legt Kees Hamelink uit, directeur van de Kennemer Stichting Vermogensbeheer, die bewindstellingen voert voor 650 cliënten. ,,Geld is een machtsmiddel en kan heel vervuilend werken op de persoonlijke relatie tussen twee mensen.'' Volgens Hamelink, tevens vertrekkend voorzitter van de Vereniging van Stichtingen voor Inkomen en Vermogensbeheer, stijgt de laatste jaren het aantal Alzheimerpatiënten dat kiest voor externe bewindvoering, door een van de tien stichtingen die is aangesloten bij de vereniging. De branche, oorspronkelijk gericht op psychiatrische patiënten, professionaliseert volgens hem snel; nagedacht wordt over de opzet van een opleiding voor bewindvoerders, nu nog een vak van juristen, economen en sociaal-juridisch werkers.

In sommige situaties kan de dementerende of diens familie beter een curatele overwegen, in plaats van bewindvoering. Dit is onder meer het geval bij mensen met frontotemporale dementie, een vorm van dementie die mensen jong treft, vanaf hun vijftigste. Bij deze zogeheten `jong dementerenden' ontstaan geen cognitieve problemen, maar wordt het spraakvermogen aangetast en ontstaan vaak gedragsproblemen, zoals een excessief uitgavenpatroon. Freek Gillissen, zorgcoördinator bij de geheugenpoli van het Amsterdamse VU-ziekenhuis, begeleidde een man met frontotemporale dementie, ,,die er in een half jaar vijf ton doorheen joeg. Aan auto's, Yap Yum, enzovoorts''. Deze vijftiger had gewoon een baan, zoals zoveel jong dementerenden. Een andere patiënt van Gillissen voerde succesvol onderhandelingen over de koop van een winkelcentrum. ,,Pas toen hij met de verkoper voor de overdracht bij de notaris zat, viel hij door de mand. Hij had geen cent'', aldus Gillissen.

Alzheimer Nederland raadt in dergelijke gevallen aan zo snel mogelijk een curator aan te stellen. Anders dan bij bewindvoering kan dan elke financiële handeling van de dementerende persoon worden teruggedraaid. ,,Bij bewindvoering is de cliënt soms wel wilsonbekwaam maar, anders dan bij curatele, niet handelingsonbekwaam'', legt Hamelink uit. ,,Hij kan nog steeds een auto kopen of bestellen bij een postorderbedrijf.''

Ook voor een curator kan de patiënt of diens familie terecht bij sommige externe bureaus. Haasbroek van Alzheimer Nederland adviseerde een vrouw om een curator aan te stellen voor haar dementerende vader, toen van diens rekening in korte tijd meermalen 1.000 euro bleek te zijn gepind. Haasbroek: ,,Deze man had sinds kort een nieuwe vriendin, die ook bij hem was ingetrokken, en was helemaal opgeleefd. Zijn dochter wilde hem dat plezier niet ontzeggen, maar maakte zich wel grote zorgen. Desgevraagd kon haar vader zich namelijk de pinbedragen niet herinneren, en hij had nooit eerder zulke hoge bedragen opgenomen.'' Nu is de dochter door de rechter tot curator aangesteld, ,,en heeft de vader wel de lusten, maar niet de lasten''. Als hij uitgaat met zijn vriendin, pint zijn dochter van tevoren voor hem. Een extern bureau voorkomt misbruik door een aparte bankrekening voor de cliënt te openen en daar wekelijks een vast (beperkt) bedrag op te storten. Soms ook maakt het bureau het weekgeld over naar een familielid of thuishulp, die dit tijdig overhandigt aan de cliënt. Ruzie over de hoogte van het huishoudgeld (soms een heikel punt tussen ouder en kind) heeft een externe curator of bewindvoerder volgens Hamelink zelden. ,,Natuurlijk zijn cliënten het soms oneens met onze keuzes. Maar omdat er geen persoonlijke relatie is, accepteren ze onze bemoeienis toch makkelijker dan die van hun dochter.''