Miranda van Kralingen: 'Een explosie van geluk'

Wat is voor u de mooiste noot?

'Het mooiste dat in de muziek te bereiken valt, zijn volgens mij de momenten van totale harmonie. Componist, muzikanten en publiek zijn dan één. Op een live-cd uit 1995 van de Franse zanger Patrick Bruel zingt hij voor een stadion vol gillende meiden het liedje J'te l'dis quand même. Bruel is zo'n beetje de Marco Borsato van Frankrijk: razend populair, met top 10-hits en grootschalige tournees. Dit nummer schreef hij zelf.

Die titel J'te l'dis quand même rijmt op Je t'aime, natuurlijk. De meisjes weten precies wanneer dat zinnetje komt, ze kennen het lied uit hun hoofd en zingen elk woord mee. Maar vlak voor de eerste keer Je t'aime houdt Bruel zich heel even in. Die paar seconden gezwollen stilte die je dan hoort, en dan het gegil en de explosie van geluk van die meisjes als alsnog het Je t'aime klinkt, dat vind ik ongelooflijk mooi. Ik schiet ervan vol. Bruel houdt van zijn publiek, en dan ontstaan er dit soort spontane momenten.'

Waarom is dit zo mooi?

'Bruel schrijft prachtige teksten. Ik ben francofiel opgevoed en ben nog altijd dol op het land en de taal. Regels als J' voulais quand même te dire merci / Pour tout le mal qu'on s'est pas dit: ik wil je toch bedanken voor alle rottige dingen die we elkaar niet hebben gezegd. Mijn liefde voor zingen is begonnen met een liefde voor tekst, voor taal. Anders had ik ook een instrument kunnen bespelen.

'Bruel lijkt me een integere man. Toen de roem hem te veel werd, heeft hij zich een aantal jaren teruggetrokken uit de muziek en is hij andere dingen gaan doen, zoals acteren. Ik heb sowieso groot ontzag voor muzikanten die live optreden en het directe contact met hun publiek aangaan. Daar is moed voor nodig. Op het podium doen je reputatie of je verkoopsuccessen er niet meer toe, daar telt alleen wat je op dat moment presteert. Ik hou zelf veel meer van optreden dan van cd-opnamen. Daar luister ik ook niet graag naar, ik vind ze vlak. Klassieke stemmen worden tegenwoordig vaak stevig digitaal bewerkt, er wordt in geknipt en geplakt. Wat je dan overhoudt, zegt me weinig. Het is niet echt. Registraties van concerten zijn anders, die leggen de herinnering aan een muzikaal moment vast en dat kan heel waardevol zijn.

'Ik geloof in de heilzame werking van muziek, en vind dat zoveel mogelijk mensen daarvan mogen genieten. Mijn missie op het podium is altijd om stukken zo te brengen dat ze simpel lijken. Zelfs de moeilijkste liederen van Chopin kunnen mensen direct raken, als je het maar toegankelijk houdt en je niet hautain en afstandelijk opstelt. Om de klassieke wereld hangt vaak zo'n arrogant waas, alsof we supermensen zijn. Ik hou daar niet van. Als het imago anders was, zouden er misschien ook meer mensen naar de concerten komen.'

Hebt u dit lied wel eens zelf gezongen?

'Ik ben bezig J'te l'dis quand même in te studeren voor een theaterconcert met pianist Gregor Bak, waarmee ik dit seizoen begin en dan in 2004-2005 op tournee ga. Het wordt een gevarieerd programma, met ook veel humor, over de mogelijkheden en onmogelijkheden van de menselijke stem. Ik ben ervoor op zoek naar liederen uit een breed repertoire, van de Middeleeuwen tot nu, met teksten waar ik echt iets mee heb. Naarmate je ouder wordt, begrijp je meer. Tijdens een repetitie met Gregor kwam ik laatst met het lied van Bruel aan, en hij riep meteen: 'O, vind jij dat óók zo mooi?' We hebben het al even vluchtig doorgenomen, ermee zitten knoeien. Dat was puur genieten.'

Patrick Bruel, On s'était dit... Tour 95. RCA 0743213234021.

Op de website van NRC Handelsblad is het bewuste fragment te horen: www.nrc.nl

Sandra Heerma van Voss is redacteur van NRC Handelsblad.