Iedereen in ketel gevonden

Reddingswerkers hebben vanmorgen de drie laatste slachtoffers in de stoomketel van de Amercentrale in Geertruidenberg ontdekt. Ze liggen op ongeveer achttien meter hoogte. Of ze nog leven is onbekend. Dat heeft een woordvoerder van de gemeente Geertruidenberg meegedeeld.

De man die in de nacht van maandag op dinsdag in de ketel werd ontdekt blijkt te zijn overleden, zo kon een arts gisteravond vaststellen. Redddingswerkers hebben zijn lichaam enkele uren later geborgen. De identiteit van de man, die via een opening in de wand uit de ketel is gehaald, is nog niet bekendgemaakt. Ook is zijn nationaliteit niet onthuld.

De man was een van de acht mensen (vier in Nederland wonende Turken en vier Amerikanen) die in de nacht van zaterdag op zondag werden bedolven onder een instortende 65 meter hoge steiger in de Amercentrale. Twee van hen, lichtgewonde Amerikanen, konden direct na het ongeluk worden gered. Maandagochtend bevrijdden hulpverleners een 19-jarige gewonde Turk, rond het middaguur troffen zij een overleden Amerikaan (45) aan, beiden op 21 meter hoogte.

De vanochtend gelokaliseerde slachtoffers waren al eerder opgegeven, toen duidelijk was dat de opruimingsoperatie zeker zeven dagen zou duren. De stapel verwrongen steigerbuizen en gebroken planken reikt tot 45 meter.

Eerst worden nu gaten gemaakt naar de drie slachtoffers. Het opruimen aan de bovenkant van de ketel wordt tijdelijk gestaakt, omdat hierdoor de puinstapel kan gaan schuiven. Het openzagen van de ketel is een hachelijke operatie omdat de dunne wand zeer slap is. Onvakkundig aangebrachte gaten kunnen leiden tot verzwakking en instorten van de 75 meter hoge ketel.