Veel jong design op Woonbeurs

Vandaag begint in Amsterdam de jaarlijkse Woonbeurs. Vormgevers tonen er vooral hun eigenzinniger werk. De Italiaanse fabrikant Cappellini opende de beurs.

Strak in driedelig pak, cornflakes onder de ene oksel, een pak koekjes onder de ander. Giulio Cappellini legt de laatste hand aan de inrichting van zijn woonkamer die is nagebouwd in de Amsterdamse RAI. Het is niet direct wat je verwacht van de directeur en naamgever van een van Italië's meest gerenommeerde designhuizen. Modernistisch strakke tafels, Venetiaans glaswerk, organische lattenstoelen en een sculpturale sofa staan dwars door elkaar en zijn gegarneerd met etenswaar. ,,Ik wil mensen geen honderd procent geregisseerde lifestyle opdringen'', zegt Cappellini, terwijl hij zijn boeken naast een bonte Proust-fauteuil van Mendini legt. ,,De monoculturele consument bestaat niet. De persoonlijkheid van een huis zit juist in de combinatie van stijlen, uiteenlopende verhalen. Waarom dan geen hedendaags meubilair mengen met designklassiekers uit de jaren vijftig en rommelmarktkitsch?''

Behalve om zijn bedrijfsfilosofie uit te dragen van een ,,multi-etnisch centrum voor eclectische designontwikkeling'', is Cappellini in Amsterdam om de openingstoespraak te houden van de beurs. ,,Dit is een open beurs waar niet alleen de industrie komt kijken maar ook de gewone consument. En Nederland is een van de spannendste designmarkten van Europa. Er heerst hier een sterk gevoel voor kwaliteit en aandacht voor detail. Dat zie je al aan de etalages van de kleinste winkels.''

En hij ziet het ook in het werk van Nederlandse ontwerpers. In het recente verleden werkte Cappellini samen met Hella Jongerius en Marcel Wanders. En nu kijkt hij rond op de expositie Via Milano 03, een paar stands verderop. Hier zijn nieuwe Nederlandse ontwerpen te zien die in april in Milaan werden gelanceerd. De door Cappellini geprezen ,,aandacht voor materiële vernieuwing'' valt direct op. Bijvoorbeeld in de chaise longue die Harry en Camila maakten uit metaalplaat, kurk en rubber. Of de Large Foldup van Bertjan Pot, een hanglamp met een reflecterende, opvouwbare voering van een meter doorsnede. Dezelfde Pot ontwierp ook een stoel uit geperste stroken carbonvezel, die hem de Materiaalfondsprijs 2003 opleverde.

En hoewel milieu geen rol meer speelt in de politiek, zijn Nederlandse ontwerpers begaan met het onderwerp. De blender, hakselaar en citruspers van Dick van Hoff werken geheel op menselijke spierkracht. Tjeerd Schoonderbeek laat met zijn extravagante zespersoonsbadkuip zien dat comfort en luxe ook zonder elektriciteit kunnen. Het water in de tobbe wordt tot 38 graden verwarmd via een spiraal die de warmte van een houtvuurtje geleidt.

De producten die bij Coming Soon? staan uitgestald zijn wat minder conceptueel, maar zijn al wel productierijp bevonden. Het gaat om gerenommeerde namen als Claudy Jongstra en Aldo Bakker, die respectievelijk groen vilten kussens en een elegant krukje van gebogen hout presenteren. Maar ook hier is ruimte voor iets afwijkends, zoals de Tillandsia van Trend House, een vetplant die vocht uit de lucht opneemt en zonder pot op vensterbank of schoorsteenmantel kan worden gezet.

Dat niet alleen arrivés worden opgepikt door internationale designbureaus blijkt wel uit de tentoonstelling AU.*.!?! van de Eindhovense Design Academy. Van de fauteuil Smoke, van Maarten Baas, van verbrand hout met een glimmende laag epoxy er overheen, zijn al vijf exemplaren verkocht aan de Franse designkoning Philip Starck. Het functieloze chromen Speelgoed voor Volwassenen van Floris Zegwaard is opgenomen in de collecties van DSM en Museum Boijmans van Beuningen.

Bij de net afgestudeerden valt de eenzijdige aandacht voor uiterlijk op. De als roomsoes vermomde stofzuiger en als Barbapappa poserende wasmachine van Sanne van Engen zijn pure vormgeving zonder productinnovatie. Giulio Cappellini kan het wel waarderen. ,,Het moet ons doel zijn een glimlach op te wekken'', vindt hij.

En ook het Inside Design Amsterdam van Studio Jacob de Baan in samenwerking met het tijdschrift Elle Wonen past in zijn denkwereld. Dit project toont tientallen ontwerpen in etalages en interieurs van Amsterdamse winkels. Cappellini: ,,Consumenten moeten vertrouwd raken met design. Het is leuk als onze meubels in een museum terechtkomen. Maar liever nog zie ik die stoel of tafel in iemands woonkamer.''

Woonbeurs: T/m 5 okt. RAI, A'dam.