Opboksen tegen beschimpingen

De Iraakse Abbood is tolk in dienst van het Amerikaanse leger. Ze wordt gezien als hulpverleenster en verraadster tegelijkertijd. ,,Ik ben op de goede weg'', weet ze.

Voor de rechtbank in het district Al-Beyaa hebben zich tientallen mensen verzameld. Kleine jongetjes verkopen cola, bedelende vrouwen vragen om een aalmoes en zwetende advocaten staan al klaar met mappen onder de arm geklemd. ,,Je bedriegt ons'', slist er één tegen de 23-jarige tolk Alyaa Abdul Hassan Abbood. Ze loopt stug door, acht Amerikaanse soldaten duwen de menigte uiteen. In de donkere gangen van het gebouw krioelt het van de mensen. Allemaal roepen ze haar naam.

Zelf omschrijft Abbood zich als een ,,brug tussen de Irakezen en de Amerikanen'', maar sommige landgenoten zien haar als een verraadster. Statistieken van gewonde autochtonen houdt het Amerikaanse leger niet bij, maar bekend is dat Irakezen die met de coalitietroepen samenwerken een belangrijk doelwit zijn van aanslagen. Daarbij is de sociale druk voor Abbood extra zwaar omdat ze als jonge, ongetrouwde vrouw met de Amerikanen werkt. ,,Mijn landgenoten kijken me soms aan alsof ik een hoer ben,'' zegt ze zachtjes.

Vandaag is ze samen met de Amerikanen in Al-Beyaa. Een jurist in dienst van het leger zal hier claims afhandelen die zijn ingediend door Irakezen die door toedoen van het Amerikaanse leger `schade' hebben ondervonden. Naast vertaalwerk doet Abbood ook onderzoek naar de echtheid van de claims die worden ingediend. ,,Er zitten altijd bedriegers tussen'', zegt juridisch medewerker Juan Arevalo. Vorige week nog was er iemand die bij alle legerbases van Bagdad een aanvraag had ingediend. De hoop om tien keer te worden uitbetaald voor een beschadigde auto werd echter de grond in geboord door een centraal computersysteem dat alle aanvragen bijhoudt.

Als eerste is een vrouw aan de beurt die is aangereden door een Amerikaanse jeep. Ze heeft enkele dagen in het ziekenhuis gelegen. De soldaten die haar aanreden, zijn haar zelfs komen bezoeken. ,,U krijgt tweeduizend dollar schadevergoeding'', legt Abbood uit. ,,Je bent een bloem'', antwoordt de vrouw gelukkig. ,,Ik zal voor je bidden.''

Een vrouw met een kind in de hand komt de rechtszaal binnen. Haar advocaat schuifelt achter haar aan. Deze heeft vorige week een claim voor `bloedgeld' ingediend, volgens Iraakse tradities de manier om familie van een vermoord persoon te compenseren. De echtgenoot van de vrouw is doodgeschoten terwijl hij een huis bewaakte waarvan de Amerikanen dachten dat er een Saddam-aanhanger verbleef. Abbood kent de zaak en heeft ervoor gezorgd dat er geld – een standaardbedrag van 2.500 dollar – klaar ligt.

,,Wanneer komt mijn man vrij?'', vraagt de vrouw opgewekt. Even weet Abbood niet wat ze moet zeggen. Ze besluit dat de rechtszaal moet worden leeggemaakt. Als alleen de vrouw en de advocaat over zijn, vraagt Abbood of ze weet wat er is gebeurd. De vrouw knikt `nee'. ,,Uw man is dood'', zegt Abbood zachtjes. De vrouw barst in snikken uit. De advocaat vraagt jurist Arevalo om 5 procent commissie voor zijn bemiddeling.

,,Ik vind het heel erg voor haar. Waarom de Amerikanen haar man hebben doodgeschoten weet ik niet, maar ik weet wel dat haar advocaat haar op de hoogte had moeten stellen'', zegt Abbood later als ze thuis is. Ze woont met haar ouders en drie broers in een klein huis in een buitenwijk van Bagdad. Dan gaat de telefoon: het is een van de advocaten die vandaag in de rechtszaal was. ,,Of ik niet een paar van haar claims kan goedkeuren'', zegt Abbood verontwaardigd als ze ophangt. De advocate stelde haar een `aanvulling' op haar maandelijkse salaris van vierhonderd dollar in het vooruitzicht. ,,De mensen denken dat we nog in de tijd van Saddam leven.''

Abbood maakt vaak ruzie met advocaten die volgens haar laks met hun cliënten omgaan of valse claims indienen om geld te verdienen. Haar broer, ook vertaler voor de coalitie, ziet de strijd hoofdschuddend aan. ,,Jij wordt nog eens vermoord'', zegt hij waarschuwend. Hij heeft van de Amerikanen een pistool gekregen om het gezin te beschermen. Natuurlijk vindt ook Abbood het werk gevaarlijk, natuurlijk is het niet leuk dat de mensen in de buurt roddelen over haar omgang met de Amerikanen. ,,Maar zonder samenwerking lukt het niet in Irak. Als zo'n vrouw als vandaag zegt dat ze 's nachts voor me zal bidden, en ze terecht haar geld heeft gekregen, weet ik dat ik op het juiste pad ben.''