Hoge pieten in de zaal voor een lichtgewicht

Amateurbokser Hüsnü Kocabas was gisteren weer te bewonderen in eigen land. De 24-jarige lichtgewicht won in Rotterdam met veel vertoon van macht zijn partij bij de laatste Bep van Klaveren Memorial.

De knipoog die Joop Alberda in de ring gaf aan de bokser die in de hoek schuin tegenover hem stond was veelzeggend. Hüsnü Kocabas, Nederlands beste bokser, had zojuist zijn partij in het lichtgewicht (tot 60 kilo) tegen de Italiaan Devis Bochiero royaal op punten gewonnen (5-0) en Alberda reikte als chef de mission van sportkoepel NOC*NSF even later de trofee voor de winnaar uit. Nadat Kocabas tussen de touwen door de ring had verlaten, kreeg de 24-jarige bokser een warme omhelzing van Frank Hekman, organisatievernieuwer en verbonden aan NOC*NSF. Op weg naar de Olympische Spelen in Athene, waarvoor hij zich nog moet kwalificeren, wordt Kocabas gekoesterd.

Zijn honderdste partij won hij gisteravond met overmacht. Kocabas speelde met z'n Italiaanse tegenstander bij de tiende en laatste Bep van Klaveren Memorial. In het Topsportcentrum naast De Kuip in Rotterdam zagen drieduizend toeschouwers viermaal twee minuten Kocabas in actie. Eindelijk kon hij weer eens voor eigen publiek boksen, zei hij enkele uren voor zijn partij in de kleedkamer waar hij aan de lopende band vrienden en bekenden begroette. Er stapte ook een wildvreemde man binnen in kleedkamer 2. ,,Mag ik hier effe plassen? Ik moet zo nodig.'' Lachend wees de bokser in de richting van de wc.

Voor het eerst kwamen collega's en superieuren van de landmacht kijken. Kocabas is wachtmeester bij de marechaussee en volgt een opleiding tot sportinstructeur. Hij krijgt alle faciliteiten om zijn sport te beoefenen. `Hoge pieten' zaten volgens hem in de zaal, `luitenants en generaals'. Hoewel hij enkele uren voor hij de ring betrad de rust zelve was, moest Kocabas erkennen ,,dat dat toch wat meer spanning geeft dan normaal''.

Mede door de inspanningen van zijn mental-coach Hekman leert Kocabas met de spanningen voor een partij omgaan. Ongeveer om de twee weken krijgt de bokser mentale training. ,,Als ik in de ring sta, moet ik m'n kop er bij hebben. Als ik achter sta, verlies ik m'n kop nog wel eens. Maar het gaat steeds beter.'' In de voorbereiding op de partij tegen Bochiero had Kocabas die wedstrijd al een paar keer gebokst. ,,In m'n kop.'' Op de vraag of zijn tegenstander in die gevisualiseerde partijen ook terugslaat, klinkt een volmondig `ja'.

Voor het eerst sinds de Nederlandse kampioenschappen van vorig jaar was Kocabas in eigen land te bewonderen. Zijn laatste partij dateerde van juli, toen hij in Bangkok de kwartfinales bereikte van de WK. Het was een prestatie waarvoor NOC*NSF hem beloonde met de A-status. De auto die daarbij hoort benut hij volop, onder meer voor trainingen in Leverkusen, waar hij vanaf december uitkomt in de Duitse competitie. Twee keer in de maand treft hij daar sterke tegenstanders. ,,Niet alleen Duitsers, maar bijvoorbeeld ook Russen, Italianen en Tsjechen.''

Als Kocabas na zijn gewonnen partij terugkeert bij de kleedkamer, staat daar een militair in uniform: Hans van Zetten, coördinator van de defensie-topsportselectie waarvan Kocabas deel uitmaakt, omhelst de bokser en spreekt warme woorden. ,,Ik heb van je genoten!''

Even later bellen Kocabas en zijn trainer Henny Mandemaker naar Pakistan, om Ismael Salas volgens afspraak te laten weten hoe de partij is geëindigd. Salas is de Cubaanse bondscoach van de Thaise boksploeg en begeleidt Kocabas sinds maart van dit jaar. Salas, ontdekker en oud-trainer van de drievoudig olympisch bokskampioen Felix Savon, wordt na de Spelen van Athene 2004 mogelijk bondscoach in Nederland. Onlangs was hij in Nederland om zijn eventuele overgang te bespreken, onder meer met de boksbond en NOC*NSF. Vlak voor de partij van gisteravond gaf Salas via de telefoon vanuit Pakistan nog wat tips aan Kocabas. ,,Bijvoorbeeld dat ik mijn linkerhand hoog moet houden, over stoten en wegdraaien, en dat ik rustig moet blijven.'' Ook al is het een paar uur later in Pakistan, tegen elf uur belt Mandemaker met Salas. Hij kan rustig gaan slapen. Zijn pupil won de partij op Beps Memorial nadat de vijf juryleden Kocabas unaniem tot winnaar hadden uitgeroepen.

,,Ik zie het in zijn boksen terug dat hij door een Cubaan wordt getraind'', zegt Arnold Vanderlyde. ,,Die gretigheid en dat kunnen wegdraaien van de slaghand. Zijn manier van bewegen is echt Cubaans.'' Bij de kleedkamer laat Vanderlyde met een paar stappen en boksbewegingen zien wat hij bedoelt. De oud-bokser, die ertoe bijdroeg dat Kocabas bij de marechaussee aan de slag kon, kent coach Salas én Cubaanse boksers: Savon hield hem in 1992 in Barcelona uit de olympische finale.

Ook Vanderlyde loopt weg met Kocabas. ,,Hij is het boegbeeld. Bij het olympische boksen is hij onze man op het hoogste niveau.'' Het doet de Limburger ook plezier om te zien dat Kocabas door professionals wordt omringd en dat hij met zijn trainer Henny Mandemaker initiatieven neemt om zich te verbeteren. Onder meer door met mensen als Salas in zee te gaan. Vanderlyde: ,,Hij heeft ook persoonlijkheid en een goede attitude. Dat kon je ook zien aan zijn toespraakje na de partij.'' Kocabas sprak een dankwoord aan het adres van zakenman en Van Klaverens beste vriend Aad Veerman, die tien jaar lang de Bep van Klaveren Memorial heeft georganiseerd en die er nu mee stopt.

Het is tegen elven als trainer Mandemaker in de gang bij de kleedkamer een biertje drinkt op de zege van Kocabas. Hij stelt vast dat Hüsnü in het verleden veel pech heeft gehad, maar dat het nu de goede kant opgaat. Nadat hij de deskundigen opsomt die de bokser tot zijn entourage mag rekenen en die de sportman helpen om zich voor de Olympische Spelen te kwalificeren, stelt Mandemaker tevreden vast: ,,Hüsnü heeft in het verleden niet de erkenning gekregen die hij verdient. Nu wel, met al die mensen om hem heen.''