Raketschild kan geen tegenvallers meer hebben

Nog een jaar, dan moet het raketschild in de ruimte klaar zijn, president Bush' versie van Star Wars. Maar talrijke onderdelen van het project zijn nog lang niet klaar.

President George W. Bush heeft het Amerika zelf beloofd: eind september 2004 is het raketschild gereed dat het land moet beschermen tegen raketaanvallen van Noord-Korea. Maar een jaar voor die zelf opgelegde deadline moet er nog een hoop gebeuren voordat de afgeslankte versie van president Reagans Star Wars operationeel is.

Volgens het Missile Defense Agency, MDA, het projectbureau van het Pentagon dat de raketverdediging coördineert, maakt de ontwikkeling van het schild goede vorderingen. In Alaska, bij Fort Greely, verrijzen zes silo's voor onderscheppingsraketten, op de vliegbasis Vandenberg in Californië nog vier.

Die raketten moeten worden afgevuurd wanneer waarschuwingssatellieten de hete vlam van een opstijgende raket waarnemen. Een radar op Adak, op de Aleoeten-eilanden ten westen van Alaska, moet de onderscheppingsraketten globaal naar het doel buiten de dampkring leiden. Op grote hoogte moet een zogeheten kill-vehicle, een warmte zoekend projectiel, zich losmaken van de onderscheppingsraket en de doelraket vernietigen door deze te rammen.

Althans, zo luidt de theorie van deze zogenoemde Groundbased Midcourse Defense, GMD, belangrijkste pijler van het schild.

Je hoeft echter geen raketwetenschapper te zijn om in te zien dat september 2004 een moeilijk haalbare limiet is. Het glasvezelnetwerk dat alle onderdelen met elkaar moet verbinden is grotendeels gereed, maar andere onderdelen hebben het stadium van de tekentafel nauwelijks verlaten.

De snelle onderscheppingsraketten worden gebouwd door defensie-ondernemingen Lockheed-Martin en Orbital Sciences. Dat laatste bedrijf heeft nog half augustus een proef genomen met de drietrapsraket, een proef die maandenlang was uitgesteld. Die test verliep naar behoren, maar, zoals het bedrijf zelf toegeeft, meer testvluchten zijn nodig. Het prototype van Lockheed-Martin heeft nog nooit gevlogen.

Het kill-vehicle is ook nog niet gereed. Bij proeven viel de koeling van de hittegevoelige sensor uit en het kill-vehicle heeft ook al een keer geweigerd de draagraket te verlaten. Van de radar die op een voormalig olieplatform wordt geïnstalleerd, verwachten analisten ook de nodige barrières en het systeem voor battle-management, dat alle elementen van het schild koppelt, is evenmin af.

De raketproeven waarbij een gesimuleerde Noord-Koreaanse raket moest worden onderschept, faalden grofweg één op de drie keer. In ideale omstandigheden. Dat zou je van bijvoorbeeld een wasmachine niet accepteren, zeker niet als die bijna acht miljard dollar per jaar kost, de grootte van het totale MDA-budget.

In de militaire vakpers hebben MDA-woordvoerders al herhaaldelijk toegegeven dat september 2004 een strak schema is dat geen ruimte laat voor onaangename technische verrassingen. ,,In delen van het constructieschema zit nul speelruimte'', gaf generaal John Holly, die het GMD-project bij het raketagentschap bestiert, tegen Jane's Defence Weekly toe.

Maar het gaat niet alleen om de technologie die sceptisch maakt. Het MDA heeft de structurele tekortkomingen van het schild waarop critici herhaaldelijk hebben gewezen, nog nooit kunnen weerleggen. Het Massachusetts Institute of Technology, MIT, en de denktank GlobalSecurity.org hebben er regelmatig op gewezen dat de mogelijkheden voor de aanvallende partij om het schild te misleiden veel groter zijn dan die van de verdedigers om ze te pareren. Het aantal en de diversiteit van de mee te voeren lokvogels, decoys, radarstraling reflecterende ballonnen, is zó groot en simpel in te bouwen, dat het battle-management-systeem relatief makkelijk op het verkeerde been is te zetten.

Juist de krakkemikkigheid van de Noord-Koreaanse raketten kan onoverkomelijke problemen opleveren. Iraakse Scud-raketten kwamen in 1991 in een wolk brokstukken op Israël en Saoedi-Arabië neer, waardoor de Patriot-defensie tilt sloeg: het radarscherm gaf teveel doelen aan waardoor de raketten niet konden kiezen welke echo ze moesten treffen. Sommige proeven met onderscheppingsraketten anticipeerden op deze misleiding door een enkele of een paar lokvogels mee te nemen. De radar en het kill-vehicle zagen soms het verschil, maar soms ook niet. Dat het Pentagon de resultaten van deze raketproeven niet meer openbaar maakt, heeft bijgedragen aan de scepsis.

Het raketagentschap tracht een deel van de kritiek te weerleggen door erop te wijzen dat het meer pijlen op de boog heeft om een Noord-Koreaanse raketaanval te pareren. Mocht het raketschild in Alaska niet voldoen, dan staan verschillende andere wapensystemen op stapel die raketten in een vroeg vluchtstadium, tijdens de zogeheten boost-phase, moeten kunnen vernietigen. Hierdoor ontstaat een `gelaagde defensie'. Zo zijn proeven genomen met een kruiser, de Lake Erie, die moet fungeren als een soort drijvend Fort Greely. Deze zou eind 2004 operationeel moeten zijn. Ook de ontwikkeling van andere raket, de THAAD zal in 2005 worden hervat.

Maar misschien nog wel de meeste kaarten zijn gezet op de `vliegende laser', een omgebouwde Boeing 747 die van honderden kilometers afstand opstijgende raketten moet kunnen wegzappen. Of de laser werkt moet bij een test met een Scud in 2004 blijken. Of misschien wordt het toch wel 2005, liet het MDA al doorschemeren.

Ook al deze dure technologie ontmoet zware kritiek. Nog in juli concludeerde het Amerikaanse Natuurkundig Genootschap dat ,,als alle factoren worden gewogen geen van de concepten voor de boost-phase-defensie in de nabije toekomst haalbaar zijn''. Grootste bezwaar: er is te weinig reactietijd om een raket te onderscheppen.