Getekend door overtuiging

Als je al parallellen mag trekken tussen leven en werk van kunstenaars, dan komt On the Waterfront van de zaterdag overleden filmregisseur Elia Kazan daarvoor wel in aanmerking. Alles draait in deze film uit 1954 om de vraag of de door Marlon Brando gespeelde Terry Malloy bereid is zijn slechte vrienden aan te geven. Alle goeie mensen in de film moedigen hem aan, alle slechteriken bedreigen hem, slaan hem, stoten hem uit. En hij doet het. Hij geeft de slechteriken aan en de kijker herkent de ware heldenmoed in hem.

Twee jaar tevoren, in 1952, had Elia Kazan getuigd voor de Senaatscommissie die destijds anti-Amerikaanse (lees: communistische) activiteiten in Hollywood onderzocht. In eerste instantie gaf hij slechts toe dat hij van 1934 tot 1936 lid was geweest van de communistische partij, maar weigerde namen van anderen te noemen. In tweede instantie, onder druk van zijn studiobazen en uit angst voor zijn carrière, deed hij dat wel. Hij noemde 17 mensen, van wie hij wist dat ze al bekend waren bij de commissie. Maar er waren uiteindelijk maar weinigen die daarin iets van heldenmoed zagen.

Elia Kazan (94) stierf zaterdagnacht in zijn huis in New York. Hij werd in 1909 geboren in Istanboel, toen nog Constantinopel, hoofdstad van het Ottomaanse rijk. Toen Elia vier was, emigreerde de Griekse familie Kazanjoglous naar Amerika. Kazan zou die achtergrond later gebruiken in zijn boek America, America, dat hij in 1963 zelf verfilmde. Hij won een reeks prijzen met die film, maar daar was hij al aan gewend. Kazan is een van de meest gelauwerde Amerikaanse regisseurs, met onder meer drie Oscars. Hij kreeg in 1999 de ere-Oscar voor zijn hele oeuvre. Het leverde hevige protesten op van mensen die vonden dat een verklikker geen eer verdiende, tot in de zaal toe, waar acteurs als Ed Harris en Nick Nolte strak voor zich uitkeken terwijl de 89-jarige Kazan zijn prijs in ontvangst nam.

Hij heeft naar eigen zeggen nooit spijt gehad van de getuigenis die zijn verdere leven zou tekenen. Hij was uit overtuiging lid geworden van de communistische partij toen hij betrokken raakte bij het radicale Group Theatre. En hij keerde de communisten met evenveel overtuiging de rug toe toen de partij hem vroeg in het toneelgezelschap te bespioneren. Vanaf dat moment beschouwde hij, zo werd gesteld in de onlangs op de Nederlandse televisie uitgezonden documentaire None Without Sin, de communistische partij als subversief.

Na zijn werk in de Group Theatre boekte hij als regisseur succes op Broadway. Hij werkte met begaafde toneelschrijvers als Tennessee Williams en Arthur Miller en werd ten slotte als vanzelfsprekend door Hollywood aangezogen. Hij bracht niet alleen zijn eigen talent mee, maar ook een aantal jonge toneelacteurs, van wie Marlon Brando snel de beroemdste zou worden. Ze waren opgeleid in de mede door Kazan opgerichte Actors Studio in New York, bakermat van method acting.

De films die Kazan met Brando maakte zijn hoogtepunten in zijn carrière: A Streetcar Named Desire en On the Waterfront. De acteurs krijgen alle ruimte om te zinderen – zoals in de documentaire None Without Sin wordt gezegd: ,,Voor het eerst werd de emotie op het scherm niet door acteurs getoond, maar beleefd.'' En emotioneel was het altijd. Kazan vertelde zijn grote, sociale verhalen op menselijke maat en daar was zijn keuze voor acteurs (James Dean, East of Eden, Montgomery Clift en Natalie Wood, Splendor in the Grass, Karl Malden, On the Waterfront, Baby Doll) essentieel.

Zonder communisten en communistenjagers was zijn blazoen smetteloos geweest en had niemand het in zijn hoofd gehaald om wapenlobbyist en typisch niet-method acteur Charlton Heston te vragen Elia Kazan te verdedigen – dat is de tragiek van zijn leven.