Geen kaalslag na subsidiestop

Een grote meerderheid van de 130 organisaties die hun subsidie geheel of gedeeltelijk kwijtraken, gaat proberen alternatieve inkomsten te vinden.

Dat blijkt uit een steekproef van NRC Handelsblad onder 56 instellingen die subsidie verliezen. Zeven instellingen vrezen voor het voortbestaan van hun activiteiten of een groot deel ervan.

,,Het einde van de subsidie betekent het einde van de landelijke vereniging'', zei plaatsvervangend directeur J. van Alkemade van de Nederlandse Unie van Speeltuinorganisaties, die voor 90 procent van haar begroting afhankelijk is van de 763.069 euro subsidie die wordt stopgezet.

De meeste organisaties zien de toekomst niet zo somber in. ,,Over tien jaar judoën we nog steeds'', relativeert directeur J. van Ommeren van de Judo Bond Nederland zijn verlies van 227.587 euro subsidie.

De overgrote meerderheid zal proberen elders alternatieve inkomsten (tijdelijke overheidssubsidies, de markt op, hogere contributie) te vinden of samen te werken met andere organisaties. Indikking lijkt dan ook eerder het gevolg dan kaalslag. ,,Het is flauw om te roepen dat we in ons bestaan worden bedreigd. Dat is wel zo, maar we gaan wel kijken wat we eraan kunnen doen. Die instelling hebben we hier'', aldus waarnemend directeur F. Visser van het Gay & Lesbian Switchboard, een telefonische hulplijn voor homoseksuelen, die zijn subsidie van 34.034 euro kwijtraakt.

STEEKPROEF: pagina 6