Querida Máxima,

Als Liliana Weimer even over een vraag moet nadenken, grijpt ze met beide handen in het blonde haar en trekt het kapsel strak naar achter. Het voorhoofd baart dan na een zucht het antwoord. Ze zegt dat ze ,,een beetje gek'' is, maar dat valt reuze mee.

Apart is ze wel. Ze is een van de bijzonder weinige Argentijnen die recentelijk uit buitenlandse ballingschap zijn teruggekeerd naar Buenos Aires. Ze woont weer in de Argentijnse hoofdstad die ze anderhalf jaar geleden nog inruilde voor Mexico-Stad omdat in het op drift geraakte Argentinië de bevolking brandschattend door de straten trok.

De 48-jarige Argentijnse Weimer heeft met onderbrekingen twaalf jaar in Mexico gewerkt als actrice in telenovelas. Maar het afgelopen jaar surfte ze door heimwee bevangen op het internet en zag tot haar verbazing dat het culturele leven in haar geboortestad bloeide als nooit tevoren. ,,De sociale en economische crisis heeft de Argentijnen ongekend creatief gemaakt. In een land met zulke grote problemen heeft een artiest daadwerkelijk iets te melden en dat doen ze nu ook'', zegt Weimer. Ze ging terug naar huis.

Volgens een berekening van de Argentijnse krant La Nación telt Buenos Aires (een kleine drie miljoen inwoners) op dit moment 440 theaterzaaltjes: van grote commerciële schouwburgen, punkkelders tot verbouwde zolderetages boven boekwinkels. Zo'n 140 zalen behoren tot het alternatieve circuit. Vooral die laatste kunstsector groeit in ongekend tempo. In augustus openden vijf nieuwe theatertjes, waaronder de Abasto Social Club waar Liliana Weimer nu als artistiek directeur werkt.

In het verbouwde herenhuis, zegt Weimer, kunnen in het weekeinde ,,jonge mensen uit de middenklasse met belangstelling voor toneel'' bijvoorbeeld kijken naar een voorstelling (Grasa) waarin de Argentijnse xenofobie op de hak wordt genomen. De toeschouwer ziet het Argentinië van de toekomst, waarin alleen een groep Bolivianen heeft weten te overleven.

In een ander theaterstuk (Una tragedia panchera) wordt de Argentijnse obsessie om slank te zijn besproken. Drie vrouwen hangen kletsend in een reusachtig klimrek en delen aan het publiek worstenbroodjes uit. De shows – een kaartje kost 2,50 euro – zijn steeds uitverkocht. En het aanbod lijkt ongelimiteerd. Acteurs komen aan de deur om te vragen of ze kunnen optreden.

,,In heel Latijns Amerika gaat het slecht, maar Argentinië dreigde van de planeet te vallen. Een van de weinige manieren om het land nog te redden, is via het brengen van veel cultuur'', zegt Weimer. Voordeel van de crisis is bovendien dat het relatief goedkoop is een pandje te huren en een zaal in te richten. ,,Ik had ook een feestzaal kunnen beginnen om zo makkelijk geld te verdienen maar dat is vreselijk saai. Ik wil de bevolking iets kunnen vertellen.''

Weimer hoopt dat ze de voorhoede vormt van mensen die jouw land er weer bovenop gaan helpen. Het is nog wel een armoedig bestaan – ze moet ook weer gaan acteren om wat bij te verdienen – maar dat geeft allemaal niks. ,,Een artiest moet honger lijden. In Mexico kreeg ik ook betaald als ik niet werkte, maar dan voelde ik me net een bankemployee.'' Alleen de buitenlandse artiesten laten het nog afweten, want die zijn voorlopig onbetaalbaar. ,,We kunnen de Rolling Stones niet meer zien'', sombert Liliana.

Enfin, zo komen we hier dus jullie winter door. Zonder brood maar met meer dan voldoende spelen. Un besito.

Buenos_Aires@nrc.nl