De zelfredzaamheid voorbij

Voor de beter opgeleide nieuwe Nederlanders is het vak maatschappij-oriëntatie te makkelijk. De uitgave `Nederland in zicht' biedt meer dan een cursus zelfredzaamheid.

Op een inburgeringscursus leren nieuwkomers de taal van de Nederlanders en hun normen en waarden. Immers, pas met die kennis op zak kan iemand goed inburgeren in de Nederlandse maatschappij. Zo is het in theorie. Maar in praktijk is het vak maatschappijoriëntatie niet veel meer dan een cursus `overleven in Nederland': hoe schrijf je je in voor een huurwoning? Wie moet je bellen als het dak van je huurhuis lekt? Heeft een auto die van rechts komt voorrang? Van het verkrijgen van enig inzicht in de Nederlandse samenleving is geen sprake. Voorbeeld van een toetsvraag die de inburgeringscursus afsluit: `hoeveel boete moet je betalen als je een boek te laat inlevert bij de bibliotheek?'

Volgens Ad Bakker, die sinds 1995 aan het ROC van Amsterdam als inburgeringsdocent werkt, moet dat beter kunnen. ``Als je als samenleving wil dat mensen echt participeren, dan is het niet genoeg om je te richten op zelfredzaamheid. Daarom moet maatschappijoriëntatie niet alleen gaan over hoe je een woning kunt huren, maar moet die informatie in een breder perspectief geplaatst worden: ruimtelijke ordening, het woningbouwbeleid. En je moet nieuwkomers beschouwen als volwaardige mensen die in Nederland wonen en dus niet steeds refereren naar het `oude land', zoals in veel methodes gebeurt.'

Daar komt nog bij dat bij het vak maatschappijoriëntatie alle allochtonen over één kam geschoren worden. Of iemand nu analfabeet is of ingenieur, allemaal krijgen ze dezelfde stof voorgeschoteld. ``Sommige hoogopgeleiden voelen zich beledigd door het lage niveau van de lesstof', aldus Bakker. ``Ze voelen zich niet serieus genomen.'

Uit onvrede over de bestaande methodes ontwikkelde Bakker zelf een lesmethode, die eerder dit jaar in een oplage van 1.000 stuks verscheen bij Wolters Noordhoff. `Nederland in Zicht' heet het en het is bestemd voor hoogopgeleide nieuwkomers, die zo'n 20 procent van het totaal vormen. Bakker, die van huis uit Neerlandicus en jurist is, beschrijft in 17 hoofdstukken hoe het Nederland van vandaag ontstaan is en hoe het er nu uitziet. Als kapstok gebruikt hij de grondwetsteksten, om daar de praktijk aan op te hangen. In het hoofdstuk `Bevolking en Staat' komt bijvoorbeeld de vrijheid van godsdienst aan bod. Bakker beschrijft hoe vijftig jaar geleden de meerderheid van de Nederlanders elke zondag naar de kerk ging, maar dat dat nu slechts een minderheid is. Hij gaat in op de afscheiding van protestantse kerk van de katholieke kerk en legt uit waarom de Nederlanders een calvinistisch volkje worden genoemd. In het stukje over de Tweede Wereldoorlog schemert zijn praktijkervaring duidelijk door de tekst heen: ``Als Nederlanders spreken over `de oorlog' bedoelen ze nog steeds de Duitse bezetting van 1940 tot 1945', zo verduidelijkt hij het Nederlands perspectief aan de allochtone lezer. Hij plaatst er een foto met uitleg bij van Anne Frank en beschrijft wat Dodenherdenking is. ``Er zijn zo verschrikkelijk veel kleine dingen die wij weten omdat we hier geboren en getogen zijn, die zij niet weten. Dat gat probeer ik een beetje op te vullen.'

Vooralsnog heeft Bakkers boek echter nog de status van `nice-to-know' en verandert er niets aan het hoge `survival-kit-gehalte' van het vak maatschappijoriëntatie. Dat hangt samen met de eindtermen die van overheidswege voor het vak zijn opgesteld. ``Die eindtermen zijn gebaseerd op criteria van zelfredzaamheid in de samenleving', vertelt Maria van de Vegt, verbonden aan het Cinop (Centrum voor Innovatie van Opleidingen) dat de eindtermen heeft opgesteld. `Deelnemers zijn in staat via de daarvoor geschikte kanalen werk te zoeken', `deelnemers zijn in staat een huis te huren', enzovoorts. En de toets waarmee de inburgeringscursus wordt afgesloten, de profieltoets, is weer gebaseerd op die eindtermen. ``Die eindtermen zijn er maar op één niveau. En dus kan er maar op één niveau getoetst worden', zegt Tjeerd Haitjema, consultant bij bureau ICE dat ieder half jaar een nieuwe toets ontwikkelt. ``Voor hoogopgeleiden is die toets inderdaad erg makkelijk', zegt Van der Vegt hierover. ``Maar waarom zou je hem moeilijker maken? De eindtermen zijn minimumeisen. Wat let een geïnteresseerde hoog opgeleide nieuwkomer om naar de bibliotheek te gaan als hij of zij meer wil weten?'

Het lage verwachtingspatroon dat aan het huidige vak maatschappijoriëntatie kleeft, blijkt ook uit de manier waarop scholen met het vak omgaan, aldus Bakker. ``In de inburgeringscursus is maatschappij-oriëntatie een ondergeschoven kindje. Het vak staat niet apart op het rooster en wordt opgeslokt door het taalonderwijs. Het wordt door taaldocenten gegeven, want een aparte opleiding voor maatschappij-oriëntatie bestaat niet. En dus is het een kwestie van willekeur en persoonlijke belangstelling hoeveel tijd een docent aan het vak besteedt.'

Bakker hoopt op een impuls van de overheid die het vak nieuw leven inblaast. Navraag bij het ministerie van Justitie, waar Inburgering is ondergebracht, leert dat er wel beweging in zit. Een externe commissie gaat zich buigen over het niveau van de inburgeringscursussen. Er is een nieuw stelsel in de maak, waarbij nieuwkomers al in het land van herkomst een deel van de inburgeringscursus moeten gaan doen, met daarin meer aandacht voor staatsinrichting en -geschiedenis. En voor het eerst sinds de invoering van de WIN (Wet Inburgering Nieuwkomers) in 1998 wordt er nagedacht over de toereikendheid van het uitgangspunt van de eindtermen: zelfredzaamheid. ``Zelfredzaamheid wordt nu meer omschreven als eigen verantwoordelijkheid', aldus de voorlichter. ``Het streven is dus niet om mensen zelfredzaam te maken, maar dat ze hun eigen verantwoordelijkheid nemen.' Of dit daadwerkelijk iets zal gaan veranderen aan de formulering van de eindtermen en de lessen maatschappijoriëntatie zal de toekomst moeten leren. Vooralsnog is met het uitkomen van `Nederland In Zicht' dat ook bewerkt zal gaan worden voor lager opgeleide nieuwkomers een aardige voorzet gegeven.

Nederland In Zicht, Ad Bakker. Wolters Noordhoff. Prijs €27,50.

ISBN 90 01 13796 2.