Rotterdamse meisjes `wisten niets van smokkel'

De twee Rotterdamse meisjes die in Turkije vastzitten op verdenking van drugssmokkel, wisten absoluut niets van de heroïne die de Turkse politie in hun koffers vond. Dat hebben de twee Turks-Nederlandse mannen die de drugssmokkel hadden georganiseerd, gisteren verklaard voor de rechter in Izmir. Daarmee lijkt het tij te keren ten gunste van de Rotterdamse meisjes, die op 10 juni in een hotel in de badplaats Antalya werden gearresteerd, nadat de Turkse politie 24 kilo heroïne in hun bagage had aangetroffen.

De verklaring van de twee hoofdverdachten kwam gisteren als een verrassing. Tijdens het vooronderzoek hadden zij immers verklaard dat de Rotterdamse meisjes wel degelijk van de heroïne afwisten en dat de afspraken over de smokkel al in Rotterdam waren gemaakt. De rechter in Izmir, die de eerdere verklaring van de verdachten op papier voor zich had liggen, vroeg de twee gisteren waarom zij hun verklaring nu opeens veranderden. ,,U hebt uw handtekening (onder die eerdere verklaring red.) gezet'', aldus de rechter, terwijl hij wapperde met de tekst daarvan. De twee mannen lieten daarop weten dat hun situatie tijdens hun detentie in Antalya ,,moeilijk was'', daarmee suggererend dat de politie aldaar hen onder zware druk had gezet om de Rotterdamse meisjes erbij te lappen. Maar de meisjes wisten dus echt van niets, zo onderstreepten de twee mannen gisteren.

De nieuwe verklaring van de twee, die gisteren dus alle verantwoordelijkheid voor de smokkel op zich namen, betekent niet dat de Rotterdamse meisjes direct vrijkomen. De rechter wil eerst nog de cassettes beluisteren van de gesprekken die de Turkse politie in de aanloop tot de arrestaties in juni had afgeluisterd. Het is niet uitgesloten dat die gesprekken belastend materiaal voor de meisjes bevatten. Zo hebben alle verdachten voor de rechter in Izmir verklaard dat zij elkaar pas in Turkije hebben ontmoet. Maar als uit de afgeluisterde gesprekken blijkt dat het eerste contact al in Nederland werd gelegd zou die verklaring meineed blijken te zijn. De twee mannen benadrukten gisteren ook – in tegenstelling tot hun eerdere verklaring – dat de heroïne in Turkije zou blijven en niet bestemd was voor Nederland. Ook die bewering kan door de transcripten van de afgeluisterde telefoongesprekken op losse schroeven worden gezet. Op zes november, als het proces wordt voorgezet, zouden die transcripten beschikbaar moeten zijn.

De ontwikkeling van gisteren is de jongste in een reeks van onverwachte gebeurtenissen die al direct na de arrestaties in juni begon. Toen nam de Turkse politie vijf Nederlandse meisjes in hechtenis. Maar bij de eerste voorgeleiding in Antalya werden twee direct in vrijheid gesteld. Aan het begin van het proces, vorige maand in Izmir, bepaalden de rechters dat ook een derde meisje niets met de smokkel te maken had.

De bekentenis van de twee mannen betekende ook goed nieuws voor een derde mannelijke verdachte, die de spijkerbroeken waarin de heroïne werd verborgen, had gekocht. Volgens de hoofdverdachten deed hij dat als vriendendienst en wist hij niet waarvoor ze gebruikt zouden worden.