Koninklijke modder

Drie nieuwtjes staan er in Oranjebitter, het boek dat Thieu Vaessen samenstelde op basis van zijn artikelenserie in HP/De Tijd over prinses Margarita en Edwin de Roy van Zuydewijn. Het eerste luidt dat Prins Willem-Alexander niet het enige lid van de koninklijke familie is dat spelfouten maakt. In een door HP/De Tijd gepubliceerd briefje aan zijn nichtje Margarita had hij haar aanwezigheid bij zijn huwelijk `niet oppertuun' genoemd. Nu citeert Vaessen uit een brief van prinses Irene aan haar dochter: `Niet alles wat je doet, kan ik achter staan. Maar weet dat ik van je hou en je vasthoudt.' Van deze brief is het origineel niet afgedrukt, maar het is aannemelijk dat de stijl- en spelfouten van Irene zijn, hoewel Vaessen er zelf ook raad mee weet (`Die week, eind juni besefte ik me ... ').

Het tweede nieuwtje staat in een in zijn geheel gepubliceerde brief van Margarita en De Roy van Zuydewijn van 4 maart 2002 aan de toenmalige premier Kok, waarin ze hem onder andere op de hoogte stellen van hun contacten met mr. J. Fasseur, vice-president van het Haagse gerechtshof. Ze melden Kok dat de telefoon van mevrouw Fasseur (echtgenote van Wilhelmina-biograaf C. Fasseur) na een gesprek met hen is afgeluisterd en dat zij (Fasseur) daarover `zeer ontsteld' was. Worden in Nederland de telefoons van leden van de rechterlijke macht afgeluisterd? Je kunt het voor mogelijk houden, maar of het verhaal waar is blijft onduidelijk.

Dit is het probleem met Oranjebitter in de spreekwoordelijke notendop. Vaessen heeft niet de moeite genomen de aantijging van Margarita en haar echtgenoot te checken. Hij blijkt dat ook niet nodig te vinden. In een aan de herdrukken uit HP/De Tijd toegevoegd hoofdstuk drijft hij de spot met het journalistieke adagium dat je geen beschuldigingen publiceert zonder ze hard te maken. Vandaar dat hij er ook geen been in ziet twee anonieme bronnen op te voeren die onthullen (derde nieuwtje) waarom advocaat P. Nicolaï in juni van dit jaar brak met zijn cliënt De Roy van Zuydewijn. De `nauw bij de affaire betrokken' bronnen zouden hebben gehoord dat Nicolaï tijdens een telefoongesprek met NOVA-verslaggever Karel Ornstein herhaaldelijk riep: `Laat hem (De Roy) niet op de buis. Hij is geestesziek'. Weliswaar noteert Vaessen dat Nicolaï ontkent het woord `geestesziek' in de mond te hebben genomen, maar de beschuldiging staat er toch maar. Ornstein zelf, die het zou kunnen bevestigen of ontkennen, komt niet aan het woord – te veel moeite of niet opportuun?

Nee, als onderzoeksjournalistiek valt Oranjebitter moeilijk te kwalificeren. In dit geval lag de regie niet bij de journalist, maar bij de belanghebbende bronnen. De in HP/De Tijd verschenen artikelen zijn op basis van voorafgaande afspraken door Margarita en haar echtgenoot geautoriseerd en door een jurist gescreend, wat leidde tot allerlei schrappingen. Het minste dat Vaessen in zijn boek had kunnen doen om inzicht te geven in de gang van zaken, was het publiceren van deze afspraken. Nu versterkt Vaessen de indruk dat HP/De Tijd zich vooral dienstbaar heeft opgesteld. Als de RVD van de tegenpartij.

Thieu Vaessen: Oranjebitter. Het verhaal van prinses Margarita en Edwin de Roy van Zuydewijn. Vassallucci-HP/De Tijd, 160 blz. €15,–