Jacques Brel

,,Lijkenpikkerij'', zei de oude platenbaas Eddie Barclay deze week over de pas verschenen cd waarop vijf niet eerder uitgebrachte chansons van Jacques Brel staan. Maar de erven Brel vonden het eindelijk goed dat ze naar buiten zouden komen, terwijl ook zijn begeleiders François Rauber en Gérard Jouannest – die bij drie nummers als co-componist te boek staan – hun verzet hebben opgegeven. Wel neemt het tweetal in het cd-boekje nog enige afstand: ze verklaren dat de nummers volgens Brel en henzelf eigenlijk nog niet af waren.

Maar veel belangrijker dan alle gedoe achter de schermen, zijn de vijf nummers zelf. Opgenomen in 1977, een jaar voordat Brel stierf, en buiten de boot gevallen toen zijn laatste langspeelplaat werd samengesteld. En het blijken stuk voor stuk prachtige chansons te zijn. Zachtjes wiegend op de golfslag van La cathédrale, verdrietig in l'Amour est mort, ouder maar nog hoopvol in Avec élégance, zwartgallig in Sans exigences en jazzy in het verrassende Mai 40, dat het begin van de oorlog beschrijft door de ogen van de elfjarige jongen die Brel toen was.

Zijn vijf onbekendste nummers vormen nu de opmaat voor een dubbel-cd met zijn allerbekendste werk. En ze misstaan allerminst.

Jacques Brel: Infiniment. Universal 980 839-6