Bezuinigen of beleid?

Zoek de verschillen. Citaat 1: ,,De leidende gedachte in dit programma is het herijken van de verhouding tussen gemeenschappelijke regelingen en eigen verantwoordelijkheid. Dit gebeurt niet alleen vanuit de (economische) overweging dat meer concurrentie en meer prikkels tot betere prestaties en grotere doelmatigheid kunnen leiden. Deze herijking sluit ook aan bij de grote zelfstandigheid van mensen in gewijzigde culturele en maatschappelijke verhoudingen. Zo kan een nieuw evenwicht groeien tussen de behoefte aan bescherming en de noodzaak van dynamiek.''

Citaat 2: ,,Dit kabinet wil Nederland op orde brengen voor de toekomst en baseert zich daarbij op een visie die uitgaat van minder staat en meer maatschappij. [...] De politiek moet weg van de paternalistische houding die zegt dat de overheid bepaalt wat goed voor je is. Nee, mensen moeten de ruimte krijgen om zelf keuzes te kunnen maken.''

De opgave is onmogelijk. Afgezien van de woordkeuze, spreken beide teksten exact hetzelfde uit. Het verschil is dat het eerste citaat afkomstig is uit de inleiding van het in 1994 door Wim Kok opgestelde regeerakkoord van het eerste paarse kabinet en het tweede citaat vorige week door premier Balkenende in de Tweede Kamer werd uitgesproken tijdens de algemene politieke beschouwingen.

Grote vraag is dan ook wat nu precies de ,,cultuuromslag'' behelst waar Balkenende het vorige week, eerst via koningin Beatrix in de troonrede en later nog eens zelf in de Tweede Kamer, over had. Kok wilde negen jaar geleden al wat Balkenende nu wil: minder overheid en meer eigen verantwoordelijkheid. Zelfs de destijds door Paars aangekondigde maatregelen passen naadloos in het regeerprogramma van Balkenende: minder regelgeving en administratieve druk voor het bedrijfsleven, verruiming van de arbeidsdeelname, een sociaal zekerheidsstelsel dat de mensen meer activeert, een zeer gematigde loonontwikkeling en, vooral niet te vergeten, een ontkoppeling van lonen en uitkeringen.

Van Paars werd indertijd gezegd dat het een voortzetting van de kabinetten Lubbers was, maar dan zonder CDA. Op zijn beurt kan het kabinet-Balkenende weer betiteld worden als een voortzetting van paars maar dan zonder PvdA. De Nederlandse politiek kent geen cultuuromslagen, de Nederlandse politiek kent slechts continuïteit. Het zijn louter de economische omstandigheden die het verschil uit maken. Hoe slechter bij kas, hoe scherper de maatregelen. De `strijd' is er één om de maatvoering. Want dat er maatregelen genomen moeten worden, is voor elk kabinet van welke samenstelling dan ook een vast gegeven. De boekhoudkundige grenzen worden bepaald in Europa en niet aan het Binnenhof. Vervolgens is de keuze beperkt. Niet voor niets kon oppositieleider Wouter Bos vorige week niet het `Grote Alternatief' laten zien, want dat alternatief bestaat nauwelijks. Toen Kok in 1994 bij zijn aantreden er nog vanuit ging dat hij zuinig aan moest doen, zocht ook hij zijn heil bij ontkoppeling van lonen en uitkeringen en ingrepen in de sociale zekerheid. Simpelweg omdat dit de grootste uitgavenposten zijn.

Toch blijft Balkenende maar volhouden dat zijn kabinet heeft gekozen voor een andere aanpak en dat er wel degelijk sprake is van een visie. Maar welke dan? Het beleid staat in het teken van ,,structureel, dus duurzaam en houdbaar herstel'', aldus Balkenende. Is dat visie, of gewoon een open deur? Hij wil ,,weg van het negativisme'', en van burgers ,,een constructieve houding'', waarbij de vraag wat men zelf aan de samenleving kan bijdragen centraal staat. Maar zijn er dan partijen die het negativisme bepleiten en burgers oproepen niet bij te dragen aan de samenleving?

De omslag die Balkenende suggereert is in werkelijkheid flinterdun. Maar het zou ook vreemd zijn als met de komst van het tweede kabinet-Balkenende Nederland opeens wél een heel andere richting zou zijn ingeslagen. Twee van de drie regeringspartners waren immers tot voor kort steunpilaren van Paars. Geen ideologische keuzes maar budgettair bepaalde omstandigheden zetten de toon van het beleid. In het eerste geval zou het plan om de pil gedeeltelijk weg te halen uit het ziekenfondspakket bijvoorbeeld wel terug te vinden zijn geweest in het CDA-verkiezingsprogramma. Niet dus. De pil wordt voor 21-jarigen en ouder niet meer vergoed omdat er op de ziekenfondsen moet worden bezuinigd.

Maar wat niet is, kan natuurlijk nog komen. Balkenende heeft als wetenschappelijk medewerker van het CDA en hoogleraar christelijk sociaal denken aan de Vrije Universiteit in talloze geschriften laten zien over een vast ideologisch concept te beschikken. Onlangs schreef de Groningse hoogleraar en CDA-senator Alpons Dölle in het blad Christen Democratische Verkenningen dat de laatste decennia binnen het CDA de neiging heeft bestaan ,,een vage en voor zoveel mogelijk mensen niet confronterende identiteit aan te nemen''. Balkenende is nu bij uitstek iemand die deze angst niet heeft. Hij is degene die het voortouw zou kunnen nemen bij de door Dölle bepleitte omvorming van het CDA tot sociaal-conservatieve partij. Volgens hem heerst er bij veel CDA'ers een verkeerde gêne bij deze aanduiding, want de waardenoriëntatie die met conservatisme wordt geassocieerd, past geheel in het gedachtegoed van het CDA.

Balkenende kent die verlegenheid niet. Waarden en normen vormen een integraal onderdeel van het kabinetsbeleid. Nu nog op een manier dat niemand er tegen kan zijn. Respect voor het gezag van de politie en de leraar, fatsoenlijk gedrag op straat; zegt niet iedereen in principe een goed mens te zijn? Het wachten is op de concrete politieke vertaling van dit soort zaken. Het wachten is op het echte conservatieve beleidsprogramma van Balkenende. Op dat moment kan pas werkelijk gesproken worden van een cultuuromslag.