Als een bliksemschicht het water in

Dean Hutchinson (31) is een oud-sprinter uit Amerika en dezer dagen opnieuw in Nederland om de nationale zwemtop te onderwijzen in de `track-start'. ,,Ik maak mensen sneller, echt waar.''

Gedwee klautert de marathonzwemster deze middag op het startblok, waar ze het ene been wat onwennig voor het andere plaatst en net zolang voorover buigt totdat haar vingers de rand omklemmen. Twee seconden later schiet Edith van Dijk als een strijkplank het water in. Langs de badrand klinkt gegniffel.

Dean Hutchinson (31) vertrekt echter geen spier. De Amerikaanse sprinttrainer, een expert op het gebied van keerpunten én de track-start, heeft in Amsterdam nog veel werk te verrichten, zoveel is duidelijk na de kolderieke sprong. ,,Ik heb nog nooit van mijn leven starttraining gehad'', bekent Van Dijk na afloop enigszins beschroomd.

Als iemand vandaag dan ook baat heeft bij de lessen van Hutchinson dan is het Van Dijk wel. ,,Edith moet dubbel betalen'', grijnst haar trainer en tevens schoonvader Jaap van Goor. Met het oog op de Olympische Spelen in Athene (2004) heeft de zwemster met de lange adem het ruime sop verruild voor een overdekt indoorbassin, en dus moet ook zij worden ingewijd in de geheimen van de `pikstart'.

Al zijn het in het geval van Van Dijk vooral de keerpunten die de meeste tijdwinst moeten opleveren. Een snelle rekensom heeft de meervoudig wereld- en Europees kampioene openwaterzwemmen geleerd dat een verbetering van haar nu nog matige keerpunttechniek op de 800 meter vrije slag borg staat voor een winst van ,,ongeveer 7,5 seconden''. Tel daarbij de ,,zeker één seconde dankzij een goede start'' en de olympische limiet (8.36,94) komt in zicht voor de afgestudeerd econome, wier persoonlijk record rond de 8 minuut 50 schommelt.

Maar eerst volgt vandaag voor Van Dijk de kennismaking met de track-start. Deze werd ruim tien jaar geleden door de Amerikaan Steve Crocker geïntroduceerd. Het is een van de atletiek afgekeken techniek waarbij de ene voet schuin voor de andere wordt geplaatst. Dat biedt de zwemmer meer houvast op het startblok en staat garant voor een krachtiger afzet, omdat de spierkracht in zowel armen als benen wordt aangesproken. Bijkomend voordeel: als gevolg van de lichaamshouding `katapulteert' de zwemmer zichzelf als een bliksemschicht het water in.

Hutchinson kan uren praten over de voordelen van de track-start, die in Amerika gemeengoed is maar elders niet of nauwelijks wordt gebruikt. Heel dom, vindt de fysiotherapeut en parttime-coach uit New Jersey. ,,Als (wereldkampioen, red.) Alex Popov mij had gebeld, was hij vele malen sneller geweest.'' En om eventuele twijfel weg te nemen: ,,Ik maak mensen sneller, echt waar.''

Zelf was Hutchinson een gerenommeerd sprinter, die zijn opleiding genoot aan de Auburn University waar coach Mike Bottom erkende specialisten als Anthony Ervin en Gary Hall jr opleidde. Hutchinsons handelsmerk? Trots: ,,Een bliksemstart.'' Met dank aan vele uren van eigen `onderzoek'. ,,Na afloop van elke training maakten we ontelbare starts, net zolang totdat we de juiste lichaamshouding te pakken hadden.''

Het is de tweede keer dat de Amerikaan in Nederland is. Twee jaar geleden kwam hij voor het eerst, na bemiddeling van voormalig wereld- en Europees kampioen Marcel Wouda. In Eindhoven schaafde Hutchinson onder meer aan de start- en keerpuntentechniek van Pieter van den Hoogenband, de olympisch kampioen die weliswaar geldt als een van 's werelds snelste zwemmers maar die nog veel kan leren als het om starten, draaien en keren gaat.

Maar Van den Hoogenband boekt vooruitgang, zo heeft Hutchinson een dag eerder met eigen ogen geconstateerd. ,,Perfect is het allemaal nog niet, maar vergeleken met twee jaar geleden is het een wereld van verschil. Toen stond Pieter als een stijve hark op het blok, en waren zijn keerpunten niet om aan te zien.''

Hutchinson prijst de leergierigheid van zijn Nederlandse gastheren, die van coaches Jacco Verhaeren (Eindhoven) en Fedor Hes (Amsterdam) in het bijzonder. ,,They are very openminded. De meeste trainers denken alle wijsheid in pacht te hebben en zijn niet gediend van buitenstaanders.'' Hes daarentegen verwelkomt de goedlachse Amerikaan met open armen. ,,Ik weet ook wel wat van de track-start, maar lang niet zoveel als Dean. Bovendien: vreemde ogen dwingen makkelijker.''

Maar zaligmakend is de door Hutchinson gepropageerde start niet, benadrukt Hes. ,,Chantal Groot is een voorbeeld van iemand die zich prettiger voelt bij de klassieke starthouding, dus met beide voeten strak naast elkaar. Met de track-start is zij ook niet aantoonbaar sneller. Dat wetende zeg ik: het is heel waardevol, al die basic-oefeningen die Dean ons aanreikt, maar als Chantal de overstap niet wil maken, moet ze dat vooral niet doen.''

Hutchinson gruwt van die gedachte, maar goed: hij is niet de coach. Maar nu hij hier toch is, is de gastdocent niet te beroerd de TZA-coach ook op een ander vlak te helpen. ,,Is Inge de Bruijn er niet'', vraagt hij op plagerige toon. ,,Give me her number, I'll call her.'' Dat laat Hes zich geen twee keer zeggen. Hij krabbelt het mobiele nummer van de al weken spoorloze zwemdiva op een stuk papier. Hutchinson grijnst breeduit. ,,Inge luistert naar mij, I'm sure.''