Kleine Hermitage

Begin volgend jaar opent de `Kleine Hermitage' in Amsterdam haar deuren als dependance van een van 's werelds grootste musea (NRC Handelsblad, 10 september). Bedoeld als voorproefje voor hetgeen ons te wachten staat als het hoofdgebouw van verpleeghuis de Amstelhof is omgetoverd tot grote Hermitage aan de Amstel. De vraag is of Amsterdam zich een dergelijk ambitieus project nog kan en mag veroorloven in een tijd van bezuinigingen en verschraling van sponsorgelden.

Is het niet veel verstandiger het tij te keren nu het nog niet te laat is? Waarom laten wij het niet bij een Kleine Hermitage, net als de pied-à-terre van de Hermitage in Londen en Las Vegas? De voor de megalomane plannen toegezegde overheidsbijdragen, nog bijna 8 miljoen van de provincie Noord-Holland en het bedrag dat Amsterdam van plan is in het project te steken, kunnen dan worden overgeheveld naar het Stedelijk Museum. De dollar per bezoeker die het moedermuseum in Sint Petersburg zou krijgen wordt afgekocht door een eenmalige vergoeding. De Nieuwe Kerk blijft de evenknie van het Russische museum en het Stedelijk Museum kan de ambities van de commissie Sanders gaan waarmaken.

De Amstelhof, inmiddels al door de gemeente Amsterdam aangekocht, wordt de nieuwe bestemming van het Amsterdams Historisch Museum, dat uit zijn voegen barst in het ongeschikte Burgerweeshuis. Een inventieve projectontwikkelaar maakt van dat complex ongetwijfeld prachtige appartementen en met de verkregen pecunia kan de bouw van het nieuwe AHM van start gaan. De Kleine Hermitage op het Amstelhofterrein belichaamt dan de eeuwenoude band tussen Amsterdam en Sint Petersburg.