Hij was van het spel, zij van de techniek

Fons Rademakers, vanavond geëerd op het Film Festival, werkte bij al zijn films intensief samen met zijn vrouw, Lili. `Hij heeft nooit een goedkope rotfilm gemaakt.'

Van tevoren had ze gezegd, ik ben benieuwd wat je eruit krijgt. Ze bedoelde: uit haarzelf. Voor ze begint stuurt ze haar man Fons weg. ,,Anders kan ik niet rustig praten.'' Dan gaat ze achteruit in haar stoel zitten, knijpt haar ogen een beetje dicht en zwijgt.

Lili Rademakers is bescheiden, zal haar echtgenoot zeggen, als hij later alsnog aanschuift. Ze heeft aan al zijn films meegewerkt – eerst onder haar meisjesnaam Veenman, later als Lili Rademakers – maar wil elke schijn vermijden dat zij daardoor iets van de eer kan opeisen. Die is voor hem. Zíjn carrière staat vanavond tijdens het Filmfestival in de schijnwerpers. Met de vertoning van Als twee druppels water en met de presentatie van een dvd-box met alle elf zijn films.

,,Het zijn Fons z'n films'', zegt Lili. Maar uit wat zij en haar man zeggen doemt toch het beeld op van een intensieve samenwerking die een zeker voor Nederlandse begrippen uniek oeuvre omspant, van Dorp aan de rivier (1958) tot en met The Rose Garden (1989). ,,Allemaal is het wat'', zegt Lili. ,,Hij heeft nooit een goedkope rotfilm gemaakt.''

Het is veelbetekenend dat Rademakers zijn vrouw ontmoette terwijl hij op studiereis was om te léren filmen. Hij was toneelregisseur en mocht met een beurs naar Frankrijk, Engeland en Italië om zich te oriënteren op de Europese cinema. In Rome ontmoette hij Lili, die er studeerde aan de filmacademie. Zij had al een soort van filmcarrière gehad, tekenend bij de Toonder-studio's. Hij was van het theater, dat viel haar bij het eerste etentje al op: ,,Hij sprak álle letters uit.''

Zo zou de rolverdeling zijn, al was die nooit strikt: hij was van het spel, zij van de techniek. ,,Zij tekende van die poppetjes als we scènes voorbereidden'', zegt Fons. ,,Als ik dan een bepaald shot in gedachten had, zei ze: dat kan niet, je gaat `over de as'. Ik wist niet wat het was, maar ze had gelijk. Anders merk je pas bij de montage dat twee mensen met elkaar moeten praten, terwijl ze elk dezelfde kant uitkijken.'' Zij: ,,Ik zei in het begin ook wel eens iets tegen de acteurs, maar dan greep Fons in.'' Hij: ,,Dat is mijn vak, begrijp je.''

Ze deden vooral de voorbereiding samen. Ze vestigde zijn aandacht op te verfilmen literatuur. Ze tekende de storyboards waarin de camerastandpunten werden vastgelegd. ,,Zo kun je sneller werken tijdens de opnamen'', zegt Lili, al vond niet iedere cameraman het prettig te worden vastgelegd op háár tekeningen. Ze zochten ook samen lokaties. Dat is, zegt ze, eigenlijk het laatste moment bij filmen waar je inspiratie nog wordt vergroot. ,,Bij iedere volgende fase gaat er iets van je droom af.''

Het zou duren tot ze vijftig werd eer ze zélf aan een film begon. Menuet, naar een boek van Louis Paul Boon. Fons begreep het niet: ,,Een flinter van een motief en dat drie keer verteld.'' In Rome had ze hem gezegd dat ze voor haar eindexamen De idioot in bad wilde verfilmen, een gedicht van Vasalis. Ongelooflijk, vond hij, prachtig gedicht, maar waar is het verhaal? ,,Jij vond mij een idiote'', zegt zij. ,,Ik vond jou een idiote'', zegt hij.

,,Fons'', zegt Lili, ,,is een verhalenverteller.'' De boeken die hij verfilmde hebben allemaal een sterke plot. ,,Mij trekken juist de boeken aan waar het niet voor de hand ligt dat je de story vertelt.'' Later maakte ze nog het zinderende Dagboek van een oude dwaas. Hij vindt haar films prachtig, en ze kregen destijds ook veel applaus in de pers, maar erg succesvol in de bioscoop waren ze niet. ,,Nou ja'', zegt ze onverstoorbaar, ,,dan ben ik maar die vrouw van twee films.''