Hervorming VN

In tegenstelling tot oud-minister Jan Pronk (NRC Handelsblad, 16 september), ben ik wel optimistisch dat het op korte termijn zal lukken de VN radicaal te hervormen. De noodzakelijke voorwaarde daarvoor, een mondiaal rechtsbewustzijn, is namelijk aanwezig. Wat dat betreft heeft de alom onderschreven Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, `hét' document op conto waarvan de totstandkoming van een wereldwijde rechtsovertuiging geschreven kan worden, in de afgelopen 55 jaar haar werk voortreffelijk gedaan.

De tijd is dan ook zo langzamerhand rijp voor de verwezenlijking van de daarbijhorende mondiale rechtsstaat onder de vlag van de VN. Daartoe is een algemene VN-conferentie ter herziening van het VN-Handvest noodzakelijk, waartoe artikel 109 de mogelijkheid biedt. Als VN-lid zou Nederland daartoe, bij monde van onze minister van Buitenlandse Zaken De Hoop Scheffer, het initiatief kunnen nemen tijdens de Algemene Vergadering in New York deze week.

Wat die broodnodige hervorming betreft, moet met name worden gedacht aan de opheffing van de ondemocratische Veiligheidsraad (vetorecht) en de overheveling van zijn belangrijkste taak, de handhaving van de internationale vrede en veiligheid, naar de Algemene Vergadering. Deze krijgt dan eindelijk de kans uit te groeien van een ongeloofwaardig mondiaal praatcollege tot een gezaghebbend mondiaal daadcollege met bovennationale bevoegdheden. Een mondiaal beleidsorgaan bemand door lieden van diverse pluimage, die op basis van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en met behulp van onze fenomenale `know how' op elk terrein een wereldbeleid weten uit te stippelen waarmee de wereldproblemen adequaat (dus zonder wapengekletter!) kunnen worden aangepakt, met alle hoopgevende consequenties van dien voor het beleid op nationaal en plaatselijk niveau.