Zeerecht als correctie op gouden handdrukken

De FNV wil gouden handdrukken door de rechter laten toetsen. Dertig jaar geleden streden de bonden bij dezelfde rechter tegen bedrijfssluitingen. Biedt het zeerecht een correctie op de bonus voor Scheepbouwer?

De bankjes zijn ongemakkelijk, maar de rechters zijn razend populair. De Ondernemingskamer van het Amsterdamse gerechtshof, de aangewezen rechter voor conflicten tussen bestuurders en hun aandeelhouders, krijgt het steeds drukker.

Een jaar of tien geleden had de Ondernemingskamer weinig zaken meer op de rol. Maar de afgelopen twee jaar hebben de vijf rechters (drie beroeps, twee deskundigen uit bedrijfsleven en accountantswereld) zich ontpopt als arbiters bij uitstek in conflicten rondom het Nederlandse ondernemingsbestuur.

Bedrijfshorzel P. Lakeman sleept jaarlijks een bedrijf voor de Ondernemingskamer om de jaarrekening te toetsen. Hij heeft zaken lopen tegen KPN, Reed Elsevier en Akzo Nobel.

De Vereniging van Effectenbezitters (VEB) eist vooral onderzoeken naar spraakmakende faillissementen (automatiseerder Landis) en naar het negeren van aandeelhoudersinvloed. Ook mislukte reorganisaties komen soms bij de Ondernemingskamer terecht, zoals supermarktketen Laurus.

Voorzitter H. Willems van de Ondernemingskamer zit zelf ook niet stil. Hij is rechter én reclameman. Vorige week legde hij in Het Financieele Dagblad uit hoe gemakkelijk en effectief een stap naar zijn hof kan zijn. Als de Ondernemingskamer een onderzoek gelast, een zogeheten enqûete, heeft de onderzoeker onbeperkte toegang tot alle relevante informatie van de betrokken onderneming, vertelde hij. En ook klachten over topbeloningen zijn bij ons aan het goede adres, suggereerde Willems. Neem de verhoging van de beloning van de top van vastgoedfonds Rodamco North America, twee jaar geleden. Wanbeleid, oordeelde de Ondernemingskamer. En de Hoge Raad steunde dat oordeel.

Gisteren voegde vakcentrale FNV na langdurig intern beraad de daad bij het woord. KPN en Getronics krijgen een brief van de bond waarin zij hun bezwaren uiteenzetten tegen respectievelijk de succesbonus (2 miljoen euro) van KPN-voorman A. Scheepbouwer en tegen de gouden handdrukken van twee ex-bestuurders van KPN en tegen de miljoenen voor twee ex-bestuurders van Getronics.

De brieven zijn verplichte kost in een zogeheten enqûete procedure bij de Ondernemingskamer. Zo'n onderzoek staat voor drie partijen open: beleggers die een minimaal vastgesteld aandelenbelang hebben, een vakbond die partij is in de CAO-onderhandeling en het openbaar ministerie. Vakbonden deden dit in het verre verleden vooral om bedrijfssluitingen te blokkeren, zoals die van sigarettenfabriek BAT in Amsterdam eind jaren zeventig.

Als de briefwisseling met de onderneming de klager niet kan overtuigen, kan hij een verzoekschrift om een enqûete indienen. De kern van elk bezwaar moet zijn dat de onderneming de elementaire beginselen van goed ondernemerschap heeft geschonden. Als de Ondernemingskamer zijn fiat geeft voor een onderzoek, moet de onderneming dat betalen.

Advocaat J. Hoff, die FNV attent maakte op de kansen bij de Ondernemingskamer, maar de zaak zelf niet kan doen vanwege eerder werk van zijn kantoor voor KPN, trekt bij de gouden handdrukken een vergelijking met het zeerecht. Een boot in nood kan achteraf proberen om het hulploon van een sleper getemperd te krijgen, als de sleper misbruik van de omstandigheden heeft gemaakt. KPN en Getronics verkeerden in financiële doodsnood en dat kan een rol hebben gespeeld bij de hoogte van de vergoedingen.

Hoff vindt dat de rechter geen inkomenspolitiek moet bedrijven, maar wel de uitschieters mag toetsen. Hij verwijst naar werkgeversvoorman J. Schraven, die een paar maanden geleden zei: ,,De vertrekpremies vind ik echt een probleem. Die zijn te hoog.''