Uitbreiding politie op de lange baan

De politie zou met 4.000 man toenemen, beloofde minister Remkes. Maar de regiokorpsen sturen onvoldoende kandidaten naar de opleiding. Reden voor een wijziging van de Politiewet.

Minister Remkes (Binnenlandse Zaken, VVD) heeft beloofd het politieapparaat met vierduizend man uit te breiden. Maar politiekorpsen weigeren vooralsnog het daarvoor benodigde aantal aspirant-agenten naar de opleiding te sturen. Volgend jaar daalt daardoor de politiesterkte zelfs. Volgens de huidige prognoses is het beeld voor de jaren daarna niet veel beter. ,,Het is onjuist dat er de komende jaren minder agenten op straat zouden komen'', zei minister-president Balkenende vorige week tijdens de algemene politieke beschouwingen. Volgend jaar daalt de sterkte met honderd formatieplaatsen, gaf Balkenende aan. ,,Maar dat heeft geen effect op de stijging van de sterktedoelstelling voor 2010.'' In dat jaar moet de politiesterkte uitkomen op 54.500 formatieplaatsen.

Om die uitbreiding met vierduizend man in 2010 mogelijk te maken, moeten de regiokorpsen jaarlijks tweeduizend aspirant-agenten naar het landelijk opleidingscentrum LSOP sturen. Maar vooralsnog ziet het er niet naar uit dat de korpschefs daartoe bereid zijn. De daling die Balkenende voor volgend jaar heeft voorspeld is daar het rechtstreekse gevolg van. Voor volgend jaar hebben de politiekorpsen 1.107 aspirant-agenten aangemeld, tegenover een uitstroom van 1.282 agenten en bijna negenhonderd minder dan de tweeduizend die op jaarbasis nodig zijn.

Korpschefs sturen volgend jaar minder agenten naar de opleiding vanwege onzekerheid over de manier waarop Remkes die extra agenten wil financieren. In de jaren daarna wordt het beeld er niet beter op, zo blijkt uit een in april opgemaakte inventarisatie van Binnenlandse Zaken. De instroom in 2005 en 2006 zal dan respectievelijk 1.463 en 1.432 bedragen, ruim onder de norm van tweeduizend. De uitstroom bedraagt respectievelijk 1.349 en 1.464 agenten.

Hoofdcommissaris P. van Zundert van het LSOP maakte afgelopen juni in een interne brief al melding van het ,,dramatisch gedaalde'' aantal nieuwe studenten. ,,De belangstelling voor het politieberoep is weliswaar flink aangetrokken, maar dat vertaalt zich om een aantal redenen in de meeste korpsen niet in het aanstellen van nieuw personeel.'' Van Zundert kondigt in de brief een drastische sanering van zijn opleidingsinstituut aan om tekorten, leegstand en werkloos onderwijzend personeel te voorkomen.

Volgens een woordvoerder van Binnenlandse Zaken zijn de instroomcijfers van afgelopen april achterhaald door de prestatiecontracten die Remkes inmiddels met de korpsbeheerders heeft afgesloten. De korpsbeheerders hebben zich volgens hem vastgelegd op een jaarlijkse instroom van tweeduizend aspirant-agenten. Op korte termijn volgt volgens hem een nieuwe inventarisatie met actuele cijfers over de instroom van nieuwe lichtingen agenten. Maar woordvoerders van meerdere regiokorpsen zeggen dat zij nog geen nieuwe cijfers aan het LSOP hebben verstrekt. ,,De onderhandelingen lopen nog, we weten nog steeds niet hoeveel geld het ministerie van Binnenlandse Zaken beschikbaar stelt'', zegt een woordvoerster van de Amsterdamse politie, het grootste regiokorps van het land. ,,We hebben geen nieuwe aanvragen bij het LSOP ingediend. De onduidelijkheid is nog te groot'', zegt een woordvoerder van het regiokorps Groningen. Ook de Rotterdamse politie heeft voor de komende jaren geen extra contingent aspirant-agenten gepland, aldus een woordvoerder.

In een brief aan de Tweede Kamer wees Remkes in juni al op de onzekere financiële situatie van meerdere regiokorpsen. Steeds meer korpsen kunnen hun bedrijfsvoering uitsluitend op peil houden door op het eigen vermogen in te teren. ,,De korpsen voeren vanwege onzekerheden over de toekomstige ontwikkelingen in de kosten en de budgetten een terughoudend en ad hoc beleid bij het aannemen en opleiden van aspiranten.'' Remkes kan extra investeringen in het personeelsbeleid van de politie niet afdwingen. De Politiewet uit 1993 biedt die mogelijkheid niet. De korpschefs leggen verantwoording af aan de korpsbeheerders, die op hun beurt weer verantwoording afleggen aan het regionale college van korpsbeheerders. De minister kan in de komende CAO-besprekingen wel de uitstroom aan de orde stellen. Volgens een woordvoerder van de Nederlandse Politiebond zal hij aansturen op inperking of afschaffing van de vut- en de pre-vut-regelingen. ,,De discussie over uitbreiding van de politiesterkte is gegoochel met cijfers. Maar afschaffing van die vut-regelingen is een maatregel die ik bij mijn achterban van oudere agenten niet kan verdedigen.''

Een tweede mogelijkheid om meer greep te krijgen op het personeelsbeleid van de regiokorpsen is wijziging van de Politiewet. Remkes heeft die bij de presentatie van de begroting al aangekondigd. Hij wil dat de korpsheerders rechtstreeks verantwoording afleggen aan de minister van Binnenlandse zaken. ICT-beleid, personeelszaken en de gemaakte afspraken in de prestatiecontracten vallen daaronder. Zo kan de discussie over uitbreiding van de politiesterkte uiteindelijk leiden tot wijziging van de Politiewet en een landelijk aangestuurd politieapparaat.