Moro-familie hoeft niet naar VS

De Verenigde Staten hebben het verzoek tot uitlevering van vijf leden van de zigeunerfamilie Moro ingetrokken. Volgens advocaat B. Tieman heeft de Amerikaanse justitie in een fax laten weten dat de uitlevering ,,geen belangrijk publiek belang meer diende''.

Het vijftal, vader Angelo, moeder Sali, een zoon, dochter en schoondochter, werd in de VS verdacht van het plegen van een aantal winkeldiefstallen in verschillende Amerikaanse staten, aan het einde van de jaren negentig. De Moro's, vijf gezinnen, verblijven sinds 1999 in een villa in de Oranjestraat in het Brabantse Best. Onder hen zijn zeventien kinderen, van wie de meeste jonger dan elf jaar.

Tieman zegt al langer te vermoeden dat de VS ,,weinig behoefte'' hadden aan de komst van de Moro's. ,,Wat moet een land met zo'n groep statenloze burgers?'' Bovendien, zegt hij, zijn ze in Nederland royaal gestraft: ,,De vijf mensen hebben 28 maanden vastgezeten.''

De Moro's hebben zich steeds verzet tegen de uitlevering. Tieman bevestigt dat zijn cliënten betrokken zijn geweest bij zo'n 20 tot 25 winkeldiefstallen, maar dat justitie in de VS de zaak heeft ,,opgeblazen''. Volgens Tieman zou een Amerikaanse politieagent, die een ,,persoonlijke afkeer'' had van vader Moro, onjuiste informatie hebben verschaft.

Half juni van dit jaar werden de vijf Moro's vrijgelaten, omdat volgens justitie niet duidelijk was hoe lang het zou duren voordat er een definitieve uitspraak zou komen. Op 28 augustus besliste de kortgedingrechter in Den Haag dat het vijftal – twee eveneens verdachte dochters kwamen eerder op vrije voeten om voor de kinderen te zorgen – aan de VS mocht worden uitgewezen. Eerder oordeelden de rechtbank in Den Bosch en de Hoge Raad dat uitlevering toelaatbaar was. Advocaat Tieman wendde zich vervolgens tot het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.