`Ik ben niet het type van: het komt morgen wel'

De VVD-top ziet liever een partijvoorzitter die niet al te politiek is. Kandidaat Henry Meijdam barst van ambitie.

`Het wordt tijd voor een nieuw Liberaal Manifest.'

De gezochte VVD-voorzitter mag ,,geen directe persoonlijke politieke ambitie hebben'', zegt de profielschets van het partijbestuur. Henry Meijdam, de 42-jarige Noord-Hollandse gedeputeerde die een van de vier kandidaten is voor het voorzitterschap, kan op het eerste gezicht maar met moeite aan die voorwaarde voldoen. Hij barst van de politieke ambitie en maakt daar geen geheim van. ,,Ik sta voor mijn job en ben niet het type dat denkt: het komt over drie of vier jaar wel'', zegt Meijdam op zijn werkplek op het provinciehuis in Haarlem. ,,Wie houdt van afwachten en uitstellen, kan beter niet het politieke métier kiezen.''

De VVD heeft, in het kader van de partijvernieuwing, besloten op alle niveaus een `discussiepartij' te worden. Dan moet er ook een partijvoorzitter komen die bereid en in staat is als ,,scharnier te fungeren'' tussen de discussiepartij en de gekozen vertegenwoordigers van de VVD, om de laatsten te voeden met de ideeën uit partij en samenleving, vindt Meijdam.

Maar leidt dat niet tot fricties tussen de partijvoorzitter en de politieke leiding in Den Haag, waar immers de profielschets al bezorgd waarschuwt dat de gezochte – net zoals vroeger onbezoldigde – functionaris ,,de politieke rolverdeling met de politieke leiding in het oog moet houden?''

,,Als de partijleden massaal vinden dat ik deze functie niet moet vervullen, dan moeten zij me zeker niet kiezen'', is Meijdams weerwoord. In november zullen, voor het eerst in de geschiedenis van de VVD, niet alleen afgevaardigden op een congres maar alle leden van de VVD, 48.000 in getal, per post of internet hun stem voor het voorzitterschap mogen uitbrengen. De andere kandidaten zijn Jan van Zanen, Pam Evenhuis en Chris Nyqvist.

,,De VVD heeft het in zich de grootste politieke partij te worden'', zegt Meijdam strijdlustig. ,,Maar dan moet wél de vertaalslag worden gemaakt tussen wat de mensen denken, en de standpunten van de VVD. De laatste vijftien jaar zijn we te zeer in beslag genomen door procedureel geneuzel. Wat had de VVD inhoudelijk te bieden? Inzichten over de begroting en een standpunt over asielzoekers. Daarna werd het in de beleving van de kiezer lang stil.''

,,Het wordt tijd voor een nieuw Liberaal Manifest'', meent Meijdam, ter vervanging van het huidige beginselprogramma van de VVD, dat nog uit de jaren tachtig stamt. ,,De combinatie van vrijheid en verantwoordelijkheid die de VVD voorstaat, voorziet in een elementaire behoefte in onze samenleving. Een combinatie van vergaande zelfbeschikking voor de burger met de zekerheid dat er, wanneer dat niet gaat, nog de overheid is.''

De VVD moet af van een zeker `asociaal' imago en het beeld dat de partij er vooral voor de mensen met de hogere inkomens is, meent de Noord-Hollandse gedeputeerde. ,,Bolkestein heeft onze boodschap goed verwoord: beter de warmte van een baan, dan de kilte van een uitkering. Je zorgen maken over de draagkracht van de samenleving, of de haalbaarheid van voorzieningen op langere termijn – daar is niets asociaals aan. We moeten ook af van het beeld dat de VVD een antimilieupartij is: in een goed economisch klimaat dient duurzaamheid een belangrijke doelstelling te zijn.''

Zijn concurrent Van Zanen heeft, als voorzitter van een partijcommissie, een ingewikkelde structuur verzonnen voor de `discussiepartij' VVD. Meijdam ziet meer in de bestaande afdelingen als forum voor debat. Ook niet-leden kunnen worden gehoord, maar in de kern moet de VVD toch een ledenpartij blijven, en liefst weer met meer dan 100.000 aanhangers, zoals vroeger. ,,De partij moet zo'n groot belang vertegenwoordigen, dat mensen zich door het lidmaatschap eraan willen committeren''.

En niet alleen wanneer zij bestuurlijke ambities hebben, zoals nu veelal de praktijk is. Evenmin om vrijblijvend te discussiëren. ,,Uiteindelijk word je lid van een partij om invloed uit te oefenen, op grond van inhoudelijke standpunten. Ik ben geen liefhebber van vrijblijvend herumkwatschen.''

Het is de taak van de partijvoorzitter de gekozen vertegenwoordigers van de VVD te confronteren met de resultaten van het debat. ,,Volksvertegenwoordiger ben je `zonder last of ruggespraak'', zegt Meijdam. ,,Maar we moeten altijd waakzaam blijven dat volksvertegenwoordigers zich niet loszingen van de samenleving, of in de Haagse wereld grijze muizen worden.''

Landelijk bekend werd Meijdam toen hij, na een VVD-nederlaag in de Statenverkiezingen, in Noord-Holland een college van VVD, CDA, D66 en GroenLinks in elkaar timmerde. Terwijl de verkiezingswinnaar PvdA dacht alle tijd te hebben om de andere partijen tegen elkaar uit te spelen.

Meijdam bleek ook bereid binnen de VVD zelf de strijd aan te binden. Bij de verkiezingen voor de Eerste Kamer brachten de Noord-Hollandse Statenleden van de VVD voorkeursstemmen uit op de `eigen' kandidaten, in plaats van op de nummer één van de lijst, zoals bij de VVD sinds jaar en dag gebruikelijk. Meijdam nam tot de voorkeursacties niet het initiatief, de zuidelijke provincies begonnen ermee. Spijt heeft hij er niet van, ondanks luid gemopper over zijn handelwijze: ,,Het kan in een democratie niet zo zijn dat wie de lijst vaststelt, de partij dus, ook de verkiezingsuitslag bepaalt.''

Een VVD-voorzitter is geen ,,zetbaas'', meent Meijdam, niet van de partij en evenmin van de fractie in de Tweede Kamer. Dat de scheidende VVD-voorzitter, Bas Eenhoorn, menigmaal openlijk in aanvaring kwam met de partijleiding wanneer hij corrigerend beoogde op te treden, deert hem niet: ,,Natuurlijk moet de partij niet uit verschillende monden spreken. Veel is een kwestie van de juiste mensen''.