Commissie en Parijs akkoord over Alstom

Het Franse industrieconcern Alstom, fabrikant van (hogesnelheids)treinen en energiecentrales, is na een akkoord tussen de Franse regering en de Europese Commissie over een reddingsplan voorlopig van de ondergang gered.

,,Dit plan vormt een solide basis voor de toekomst van Alstom'', zo werd topman Philip Kron vanmorgen geciteerd in de Franse krant Le Figaro. De redding van de groep, die op het punt stond uitstel van betaling aan te vragen, was inzet van een conflict tussen Eurocommissaris Mario Monti (Mededinging) en de Franse regering.

De Franse staat had een belang willen nemen in Alstom en had dit voornemen niet ter goedkeuring aan de Commissie voorgelegd. De Commissie weigerde het plan goed te keuren en stelde een ultimatum voor de presentatie van een alternatief plan. Vlak voor het aflopen van dat ultimatum, vandaag, legden de Fransen een plan voor dat Monti voorlopig goedkeurde.

,,Ik heb het genoegen aan te kondigen dat de Franse autoriteiten hebben geaccepteerd het steunplan aan te passen op een manier die volledig voldoet aan de voorwaarden die door de commissie zijn gesteld'', zei Monti gisteren op een persconferentie in Brussel. De Eurocommissaris heeft beloofd binnen een half jaar definitief uitsluitsel te geven.

De belangrijkste wijziging in het reddingsplan is dat de Franse overheid geen direct belang neemt in het bedrijf, maar langlopende obligaties uitschrijft. Het direct nemen van een belang door de Franse staat was voor Brussel onaanvaardbaar, omdat dergelijke steun onomkeerbaar is. Op basis van de nieuwe constructie zijn 32 banken bereid gevonden leningen te verstrekken voor een totaal van 2,4 miljard euro. De Franse staat verstrekt 800 miljoen euro.

Alstom, dat wereldwijd 118.000 werknemers telt, heeft een schuldenlast van meer dan 5 miljard euro. De orderportefeuille had te lijden onder de wankele financiële positie van het bedrijf, omdat het altijd om langlopende projecten gaat waarbij opdrachtgevers garanties willen op langere termijn. De hoop is dat het vertrouwen nu weer hersteld is.

Het conflict met `Europa' over Alstom liep hoog op, omdat voor beide partijen principiële belangen op het spel stonden. Voor Eurocommissaris Monti was dat de geloofwaardigheid van het Europese mededingingsbeleid en van zijn eigen Commissie. Voor Frankrijk ging het, behalve om het behoud van veel arbeidsplaatsen, om de overleving van een der laatste `bloemen' van de grote industrie. Een probleem van de Europese economie is juist het verdwijnen van grote industrie. Bovendien zou op grond van concurrentiebepalingen de concurrentie juist verdwijnen, omdat alleen het Duitse Siemens, het enige met Alstom vergelijkbare bedrijf in Europa, zou overblijven. Frankrijk en Duitsland vinden dat de Commissie te weinig oog heeft voor het vitale belang van grote industrieën.

Op de achtergrond speelde een reeks conflicten met Frankrijk een rol. Twee jaar geleden verbood Brussel een fusie tussen de elektronicabedrijven Schneider en Legrand. Eerder had Parijs honderden miljoenen euro's volgens Brussel onterechte steun verleend aan computerfabrikant Bull en weigerde die terug te vorderen.

De Franse schending van het Stabiliteits- en Groeipact met een, voor het derde jaar, te hoog begrotingstekort van 4 procent van het bruto binnenlands product, heeft Brussel niet milder gestemd. Monti zei gisteren dat Frankrijk altijd ,,een zeker ongemak'' voelt wanneer Europese regels worden toegepast.

ACHTERGROND: pagina 15