Depressies

All alone and bitter, all alone and mad, zingt Dave Gahan, de voormalige zanger van Depeche Mode op zijn meeslepende cd Paper Monsters. All alone and twisted, all alone and mad, zingt deze schizofrene artiest na twee zelfmoordpogingen. Wanneer ik beneveld door zware wijn Gahan aanhoor, word ik melancholisch, triest, depressief en eenzaam. Dan denk ik aan dingen waar ik niet aan mag denken. Ik doe het toch, wegzakkend naar de bodem van het zijn, om uiteindelijk op te veren en terug te keren met een uitbundig: Maar natuurlijk, zo zit het!

Ik had kunnen mediteren, naar het boeddhistisch centrum kunnen gaan, een therapeut kunnen raadplegen of als ultieme vlucht naar de sportschool kunnen gaan. Maar wie of wat ik zoek, ik moet het leven ondergaan. Depressies hebben een doel, wordt wel beweerd, crises zijn er niet om bezworen maar om geanalyseerd te worden.

Waarom deze heftige inleiding? Omdat ik deze week werd getroffen door een artikel in het Amerikaanse tijdschrift Sports Illustrated alsof het een gestuurd vervolg is op mijn pleidooi voor meer begrip voor onbegrepen dwarsliggers, zoals Edgar Davids en andere ontsporende helden. In het artikel wordt beschreven hoe en waarom sporthelden ten prooi vallen aan zware en langdurige depressies. Depressies, vandaar de inleiding van een gewoon mens als ik, geen topsporter. Uit het artikel blijkt dat langdurige stress, verwachtingspatronen, levensgewoonten, jeugdtrauma's en blessures ook topsporters kwellen, te gronde kunnen richten als er niet psychiaters en antidepressiva waren om het leed te verzachten.

Het artikel begint met het verhaal over Jim O'Shea, een beoefenaar van skeleton (op je buik sleetje rijden) die wereldkampioen wordt, maar hij juicht niet, hij toont geen enkele emotie, hij toont slechts leegte, daar waar hij zou moeten exploderen van vreugde. Hij is cool, wordt gezegd. Nee, blijkt later, hij voelt niets, hem is in zijn jeugd geleerd geen emotie te tonen, laat staan te ervaren. Hij is leeg in zijn hoofd, raakt daardoor onvermijdelijk in een depressie, gaat in therapie, krijgt antidepressiva en vlak voor de Winterspelen in 2002 overlijdt zijn held, zijn grootvader, eens een olympisch schaatskampioen. Zijn therapeut vraagt hem of hij tijdens de olympische races een foto van opa onder zijn helm wil steken. Jim doet dat, wint en barst in tranen uit. Eindelijk tranen, eindelijk emotie. Jim is mens geworden. Hij is gelukkiger met zijn uitbarsting, zegt hij, dan met zijn gouden medaille.

Het artikel omvat anekdotes van talrijke helden, van olympisch kampioen Jim O'Shea en bokskampioen Mike Tyson tot skikampioen Picabo Street, van succesvolle football-spelers tot honkbal- en basketbalspelers. Ze werden zoals veel topsporters slachtoffer van hun ambities, werden vervolgens gesloopt door de media, hielden zich staande door antidepressiva. Ze durfden niet meer over straat, zetten een zonnebril op wanneer ze voor de camera's verschenen, sliepen slecht, kregen huilbuien, sloegen wartaal of agressieve taal uit, werden vervolgens als onhandelbaar bestempeld, moesten daarom volgens de media verstoten worden, namen daarom drugs of alcohol en probeerden uiteindelijk zelfmoord te plegen.

In Amerika zijn 19 miljoen mensen depressief. Ze consulteren een therapeut en/of slikken antidepressiva. Onder hen ook sporters. Ik ga ervan uit dat in Nederland de mensen elkaar dezelfde verplichtingen opleggen. Wie niet beantwoordt aan het verwachtingspatroon wordt ook hier verketterd, is overgeleverd aan de hyena's van de media, zoekt in wanhoop een hulpverlener, neemt antidepressiva en hoopt op betere tijden. Och, zegt de sportwereld, don't be a baby and win, en schopt de zwakken van geest in de goot.