Van ijs kan een ijsbaan niet bestaan

Bijna twintig jaar geleden kreeg Thialf als eerste schaatsbaan een overkapping. Het leidde tot wereldrecords, maar met de exploitatie wilde het niet vlotten. Twaalf directeuren, miljoenen aan overheidssubsidies, verschillende renovaties en aandelentransacties hebben dit niet kunnen verhelpen. Woensdag staat de gemeenteraad van Heerenveen voor een cruciale beslissing.

Files in de polder, dranghekken in Heerenveen-Zuid, hossende fans die met beschilderde gezichten meejoelen met een muziekkorps. Schaatsen in Thialf is zoiets als carnaval in Friesland. Maar achter het swingende schaatsmekka gaat een wereld schuil van miljoenenschulden, ondoorzichtige financiën, een schimmige overname en buitenlandse anonieme aandeelhouders.

De financiële nood liep het afgelopen jaar zo hoog op dat het de vraag was of er komend seizoen ijs ligt. Niettemin is interim-directeur Jarko Nieweg van Thialf daarvan overtuigd. Verheugd liet hij afgelopen week de buitenwereld weten dat het ijsstadion is gered.

De gewone Fries moet het allemaal nog zien. ,,Het is heel verdrietig om dit allemaal te zien gebeuren'', zegt oud-bondscoach Henk Gemser. Hij bestiert met zijn vrouw al jaren een schaatsschool in Thialf. Wegens de onzekerheid over de vraag of er deze winter wel ijs ligt, heeft hij nog geen folders en leskaarten laten drukken. Door de privatisering is de emotie rond Thialf verdwenen, constateert hij, terwijl Thialf toch een onderdeel is van het Friese en Nederlandse cultuurgoed. ,,Het zakelijke is het enige dat telt.'' Hoe moet je anders verklaren dat een recreatierijder midden in het seizoen voor een dichte deur staat, omdat ,,een duur bedrijf'' de zaak heeft afgehuurd. Veel Friezen klaagden de afgelopen jaren al dat zij gedwongen waren om naar Groningen of Assen uit te wijken, omdat Thialf zo weinig open was door bedrijfsfeesten, een kampioenschap of selectiewedstrijden.

De geschiedenis herhaalt zich in de weilanden onder Heerenveen, waar in 1966 voor het eerst een kunstijsbaan werd aangelegd. Twee keer lag een grootschalige verbouwing van het stadion, bedoeld om van Thialf de snelste ijsbaan ter wereld te maken, ten grondslag aan een bijna-faillissement. De eerste keer was in het voorjaar van 1987, enkele maanden nadat het wereldrecords had geregend voor schaatsers als Leo Visser, Geir Karlstad en Yvonne van Gennip. Thialf was in 1986 de eerste 400-meterbaan met een overkapping geworden. Kosten: 34 miljoen gulden, gelijkelijk verdeeld over een aantal investeerders en de betrokken overheden.

Maar ondanks de vernieuwende overkapping, die het schaatsen voorgoed veranderde, werd dit Thialf een zakelijk fiasco. Dat kwam onder meer door ,,slecht management'', zegt de Drentse zakenman Peter Langendijk, een van de crediteuren van destijds. Hij was twaalf jaar aandeelhouder van Thialf. Zo werd een van de twee Thialf-directeuren wekelijks ingevlogen vanuit zijn woonplaats Norwich in Engeland. Bovendien bleef Thialf zich, ten onrechte volgens Langendijk, te eenzijdig richten op het schaatsen. ,,Van schaatsen kan een ijsbaan niet leven. Dat dekt nog niet de helft van de kosten.''

Uitstel van betaling

Aan het einde van dat seizoen waren de schulden zo hoog opgelopen dat het stadion werd gedwongen uitstel van betaling te vragen. Vier grote schuldeisers bleven achter met hun vorderingen: Langendijk, Sjoerd Feenstra van het gelijknamige verwarmingsbedrijf, ingenieursbureau Oranjewoud en Thialf-architect Sjoerd Ybema. Een faillissement werd afgewend doordat zij hun vorderingen omzetten in aandelen Thialf. De eigenaar, de gemeente Heerenveen, trok zich terug met het argument dat de exploitatie van een ijsbaan geen overheidstaak is. Wel kreeg het ijsstadion nog een donatie van een miljoen gulden om de ,,ijsbaan voor de toekomst te behouden''. Maar het pronkjuweel van Heerenveen zou de gemeente nog vaker nodig hebben.

Onder de nieuwe eigenaren krabbelde Thialf weer op als multifunctioneel complex met beurzen, popconcerten en evenementen, zoals het jaarlijkse congres van Jehovah's Getuigen. In 1999, toen Thialf financieel weer draaide, besloten zij hun aandelen te verkopen. Langendijk: ,,We zagen toen in dat er grote investeringen nodig waren om Thialf weer te laten concurreren met banen als die van Calgary en Salt Lake City. Maar omdat schaatsen niet onze core business was, wilden wij onze vorderingen uit het verleden terug en dat was gelukt.''

De aandelenverkoop legde de kiem voor een volgende crisis. Als koper van de aandelen vond directeur Marijke Migo eind 1999 bierbrouwer Interbrew (onder meer Dommelsch) bereid een kleine 6 miljoen gulden te betalen. Maar enkele maanden later bleek dat de brouwerij bij die overname niet alleen namens zichzelf optrad. Toen werden de aandelen doorverkocht aan Wijnheuvel Beheer van de Utrechtse zakenman Joop van Bekkum die naar eigen zeggen ,,was geïnteresseerd in de aandelen en vroeg om financiële steun bij Interbrew''. Interbrew bevestigt dat de aankoop van Thialf destijds ,,tijdelijk'' was , om het als klant van de brouwerij te behouden.

Bij de verkopende aandeelhouders was niet bekend dat zij hun aandelen feitelijk aan Van Bekkums bedrijf Wijnheuvel hadden verkocht. Dat was relevant omdat Van Bekkum de partner is van Thialf-directeur Marijke Migo, die het stadion namens de aandeelhouders verkocht. Bovendien blijkt uit het handelsregister dat Migo begin 1998 zelf directrice van Wijnheuvel was. Langendijk zegt nu dat hij bij de verkoop van de aandelen ,,expliciet aan Migo had gevraagd of zij en Van Bekkum achter de kopende partij zaten''. Het antwoord was `nee', zegt Langendijk. ,,Migo heeft bewust geprobeerd de prijs van Thialf te drukken, omdat zij achter de kopende partij zat via haar partner.'' Volgens hem hebben de aandeelhouders daardoor zeker twee miljoen gulden te weinig ontvangen. Hij begint hierom binnenkort een civiele procedure tegen haar. Migo, die volgens Langendijk overigens een ,,voortreffelijk'' directeur was, ontkent dat zij zelf een koper had gezocht. Bovendien, vertelt Migo, zijn ,,alle onderhandelingen over voorwaarden en prijs door Langendijk en Feenstra gevoerd''. Ook Van Bekkum ontkent dat er destijds sprake was van een één-tweetje. ,,Marijke Migo en ik hebben naar eer en geweten gehandeld. Wijnheuvel had het hoogste bod gedaan.''

Drie jaar geleden begonnen de aandelen Thialf aan een zwerftocht door de Benelux. Wijnheuvel BV – en daarmee Thialf – werden ondergebracht bij de Belgische onderneming Campagnard NV uit Oostende. De eigendomsbewijzen van Campagnard zijn 250 zogenoemde `aandelen aan toonder', waarbij de aandeelhouders feitelijk anoniem blijven. Van Bekkum week naar eigen zeggen in de jaren '90 uit naar het buitenland, omdat hij van de fiscus na een faillissement vijf jaar niet mocht ondernemen in Nederland. Intussen werd de betekenis van schaatstempel Thialf steeds marginaler door de opkomst van de Olympische recordfabrieken van Calgary en Salt Lake City. Dat was een van de redenen voor een grondige renovatie in 2001. Met de allernieuwste technieken zou de baan op zeeniveau moeten kunnen concurreren met de hooglandbanen. Net als bij de overkapping in 1986 kwamen er ook in 2001 miljoenen vrij voor wat het wereldcentrum van het schaatsen moest worden. Opnieuw betaalde de overheid mee, twee miljoen euro, gevolgd door een aantal particuliere investeerders (vijf miljoen). Het project voorzag in een nieuwe ijsvloer, een milieuvriendelijk koelingssysteem zonder ammoniak, een nieuw klimaatbeheersingssysteem en een recreatiebaan op het binnenterrein. De gemeente, de provincie en de ministeries van Economische Zaken en VWS vonden de investeringen verantwoord, omdat Thialf ,,een grootschalige stuwende sportvoorziening is, met een internationale uitstraling, waarvan een belangrijke impuls uitgaat op de economie van Heerenveen''. `Uitstraling', `imago' en `naamsbekendheid' waren de toverwoorden in de politieke debatten. Het college van Heerenveen schreef op 28 juni 2001 aan de raad: ,,Hoewel een exact inzicht in de financiële positie van Thialf nog niet voorhanden is, schept de informatie die we nu hebben ontvangen en de wijze waarop de huidige directie de afgelopen jaren het bewind voert, een goed vertrouwen in de haalbaarheid van de upgrading.'' Opmerkelijk was verder dat de subsidies deels voortkwamen uit de zogeheten Langman-gelden, bedoeld voor werkgelegenheidsprojecten in het noorden. Hoewel de werkgelegenheid na de renovatie slechts met vier arbeidsplaatsen toenam, vindt het Samenwerkingsverband Noord-Nederland, dat beslist over de verdeling van de subsidies, dat ook ,,het versterken van de culturele en sportvoorzieningen'' een subsidiegrond is.

Tot op heden heeft de investering sportief weinig tot niets opgeleverd. ,,De kwaliteit van het ijs is niet beter geworden'', zegt schaatser Rintje Ritsma. ,,We hebben veel last van stof op de baan. Je schaatsen waren na een half uur bot.'' Baanrecords op de lange afstanden dateren van voor de verbouwing. Wereldrecords zijn volgens Ritsma nagenoeg onmogelijk in Thialf, zoals ook bewegingswetenschapper Jos de Koning van de Vrije Universiteit al vóór de verbouwing voorspelde. Heerenveen ligt nu eenmaal op zeeniveau, Calgary en Salt Lake City meer dan duizend meter erboven. Ook Jochem Uytdehaage vindt dat het ijs in Thialf ,,minder glijdt dan voor de verbouwing''.

Maar erger: de verbouwing viel ruim een miljoen euro duurder uit dan voorzien. Oorzaak: er moesten extra veiligheidsvoorzieningen worden getroffen, zegt Van Bekkum, die in 2002 waarnemend directeur wordt nadat Migo met een burn-out is vertrokken. Van Bekkum vond de overschrijding ,,te overzien'', maar financiers Rabobank en Staalbankiers gaven geen extra geld. De banken kregen onenigheid over de dekking van hun investeringen, zegt Van Bekkum. ,,Ik ben daar het slachtoffer van geworden. Rabobank Heerenveen is eerste hypotheekhouder bij Thialf, dus de bank zit goed bij een eventueel faillissement. Staalbankiers wilde die positie delen, maar dat gebeurde niet. Staalbankiers zou al zijn geld – miljoenen euro's – kwijt zijn bij een faillissement.'' Beide banken willen niet reageren.

Daarna liep het aantal crediteuren snel op. Van Bekkum werd door Staalbankiers onder curatele gesteld. Van Bekkum: ,,Ze dreigden hun geld uit Thialf te trekken als ik niet zou opstappen. Dan was Thialf omgevallen en hadden de crediteuren geen cent meer teruggezien.'' Eind 2002 werd hij opgevolgd door een volgende interim-directeur, Lourens Slagter, aangesteld door een nieuw opgerichte Stichting Thialf die bestond uit de vier grootste crediteuren: Staalbankiers, Essent, Interbrew en bouwbedrijf Friso uit Sneek. Van Bekkum, zo zei Slagter kort na zijn aantreden, bleek onder zijn bewind talloze rekeningen niet te hebben betaald. Van Bekkum: ,,Natuurlijk had ik crediteuren, dat heeft toch ieder bedrijf? Met de plannen die er lagen had ik het gemakkelijk gered.'' Hij dacht aan een skihal, een bobsleebaan, een tweede 400-meterbaan. ,,We hadden bijna de status van evenementenhal, waardoor we het hele jaar door concerten en beurzen konden organiseren. We zouden de ijsvloer per vierkante centimeter verkopen aan het publiek. De certificaten heb ik nog liggen.''

Maar de banken staken geen geld meer in het ijsstadion. Betrokkenen, die anoniem willen blijven, stellen dat de financiers simpelweg geen zaken meer wilden doen met Van Bekkum. Eind vorig jaar stapte Van Bekkum op, maar zijn vertrek bracht niet de rust die de stichting Thialf voor ogen had. De aandelen van Wijnheuvel en Thialf werden gecertificeerd, wat wil zeggen dat Wijnheuvel afstand deed van de zeggenschap over Thialf, maar juridisch bleef Van Bekkum eigenaar van de aandelen. Hij zegt nooit een bod te hebben ontvangen op de aandelen Thialf of Wijnheuvel, dus hield hij ze, ook al kon hij er weinig mee. De Stichting Thialf weigerde ervoor te betalen, omdat de nieuwe eigenaar vooral schulden zou overnemen. Die bleken aan het begin van dit jaar te zijn opgelopen tot meer dan 10 miljoen euro, gevorderd door grote investeerders als Staalbankiers en een groep kleinere bedrijven die allerhande diensten hadden verleend, van de schoonmaak tot de boekhouding.

Geen goed zicht

Sportkoepel NOC*NSF, met een bijdrage van ongeveer 200.000 euro een van de financiers van de renovatie, vindt achteraf dat Thialf te gemakkelijk geld kreeg. ,,Door de complexe eigendomsverhoudingen hadden we geen goed zicht op de exploitatie van Thialf'', zegt Geert Slot van NOC*NSF. ,,Dat geld kwam er, want de overheid dacht dat het wel goed zat, omdat private investeerders er miljoenen in staken. En de financiers dachten dat het goed was, omdat de overheid subsidies verstrekte.'' Arend Duiker, fractievoorzitter van de PvdA in Heerenveen, kent nog een andere reden. ,,Als Thialf in de gemeenteraad ter sprake komt, spelen al snel niet-rationele factoren een rol. Ja, ik denk dat Thialf door zijn uitstraling een voorrangsbehandeling krijgt. Over andere subsidies wordt langer gepraat.''

Hoewel het nieuwe bestuur in januari van dit jaar meldde dat Thialf was gered, leidt de verwijdering van directeur Van Bekkum een nieuwe klucht in rond de aandelen. Oud-Essent-bestuurder Jarko Nieweg, sinds januari 2003 interimdirecteur van Thialf, bedacht een plan dat Thialf van de ondergang moest redden, maar daarvoor had hij wel de aandelen nodig. Nieweg wilde de schulden saneren en zocht naar nieuwe investeerders, met als voornaamste kandidaten Essent, schaatssponsor Aegon en de gemeente Heerenveen. Maar de nieuwe partners hadden één belangrijke eis: zij wilden de aandelen. Het steekspel zou maanden gaan duren, maar Van Bekkum gaf geen krimp: hij wilde geld zien, Thialf weigerde te betalen.

De patstelling werd pas doorbroken nadat de Friese zakenman Anton Zeilstra zich bij Van Bekkum had gemeld. De eigenaar van een voedingssupplementenbedrijf bleek wél bereid voor de aandelen te betalen om ,,Thialf weer in Friese handen te krijgen''. Zeilstra kreeg van de Stichting Thialf dezelfde behandeling als Van Bekkum. ,,Ik heb talloze keren contact gezocht met de stichting, maar ik werd niet eens teruggebeld'', zegt Zeilstra. Pas toen hij twee weken geleden aankondigde dat hij zijn aandelen ging doorverkopen aan een Duitse beleggersgroep, kwam er schot in de zaak. Nieweg belde hem op, bang dat Essent en Aegon alsnog zouden afhaken als de aandelen in het buitenland terechtkwamen. De `redders' van Thialf namen vervolgens de aandelen van Zeilstra over.

Opmerkelijk daarbij is de rol van de gemeente Heerenveen, die het stadion na het financiële debacle van 1987 had afgestoten en vervolgens had overgedragen aan de particuliere markt. Zestien jaar later wordt Heerenveen weer mede-eigenaar van Thialf. De gemeente, aldus het college, gaat samenwerken met ,,gerespecteerde partners die allen het maatschappelijk belang van Thialf onderschrijven'', waarmee ,,de noodzakelijke continuïteit meer dan in het recente verleden is gewaarborgd''. De gemeente trekt bovendien toch nog maar eens 1,8 miljoen euro uit, voor onder meer renovatie van Thialfs ijshockeyhal en voor participatie in het aandelenkapitaal van een nieuwe Thialf-vennootschap. Als de gemeenteraad er volgende week woensdag mee instemt. PvdA'er Arend Duiker: ,,Ik wil van het college heel duidelijk horen wat er nu precies is veranderd, waarom de gemeente nu instapt terwijl ze het exploiteren van een stadion toen geen gemeentelijke taak meer vond, en waarom we nu weer eenderde van de aandelen in handen moeten krijgen.'' Ook de vraag wie precies opdraait voor eventuele exploitatietekorten moet het college nog beantwoorden.

Beslag op aandelen

In Thialf ligt volgende maand weer ijs, zo is de verwachting. Een kleine twintig jaar na de overkapping, meer dan twaalf directeuren en vele miljoenen euro's aan overheidssubsidies verder kan het ijsstadion zich opmaken voor een nieuw seizoen. Tenzij de aandelen in november alsnog worden geveild op aandringen van een crediteur van Thialf, het accountantskantoor Bonnet & Partners uit De Meern, dat al sinds 1999 de boekhouding verzorgde. Bonnet zegt nog 300.000 euro tegoed te hebben van Thialf. Om de vordering zeker te stellen liet Bonnet een jaar geleden beslag leggen op de aandelen van Thialf en Wijnheuvel. Volgens Geert van Urk van Bonnet kwam de accountant eerder dit jaar een betalingsregeling overeen met Thialf, maar is tot op heden geen cent uitgekeerd. Bonnet schakelde de rechter in. Toen de rechtbank in Maastricht in juni had ingestemd met de openbare verkoop, ging Thialf in hoger beroep. Dat dient in november. ,,We hebben voorgesteld de vordering substantieel te verlagen, we hebben verschillende betalingsregelingen voorgesteld, maar er komt niet eens antwoord uit Heerenveen.'' Tot de betaling rond is, is Thialf niet van zijn vroegere boekhouder af. Van Urk: ,,Thialf heeft mij de afgelopen twaalf maanden beroofd van tienduizenden euro's. Als dit voorbij is, zet ik nooit meer een stap in Thialf.''