Pluimveemest als vuurproef

De bouw van de eerste pluimveemestverbrander ziet de bio-energiesector als een testcase. Maakt de overheid waar wat met de mond wordt beleden?

Het is een strijd om cijfers achter de komma, weet directeur W. Hermans van het bedrijf Fibroned. Met de provincie Gelderland, milieuorganisaties en inwoners van Apeldoorn ligt hij in de clinch over de vraag hoeveel schadelijke stoffen zijn pluimveemestverbrander mag uitstoten? Maar het is wel een strijd die volgens Hermans antwoord geeft op de vraag of Nederland in de praktijk waar maakt, wat met de mond beleden wordt: namelijk in 2040 een substantieel deel van de energiebehoefte opwekken via biomassa.

Fibroned denkt een bijdrage te kunnen leveren door in Apeldoorn een energiecentrale te bouwen die grotendeels draait op de verbranding van 280.000 ton pluimveemest. De 'groene' energie die dit oplevert (circa 32 megawatt) is voldoende om 60.000 huishoudens van stroom te voorzien. Het zou voor het eerst zijn dat Nederland een dergelijke energiecentrale krijgt.

Maar omwonenden en milieuorganisaties houden de bouw op het milieuvriendelijke bedrijventerrein Ecofactorij vooralsnog tegen. Zij vrezen de schadelijke stoffen die door de negentig meter hoge fabriekspijp worden uitgestoten. Tegen de nieuwe ontwerpmilieuvergunning – nodig omdat de vorige door de Raad van State is vernietigd – zijn zestig bezwaren ingediend.

Ook Fibroned, een samenwerking tussen een Brits en Nederlands bedrijf, hoort tot de bezwaarmakers. Het bedrijf vindt dat de provincie Gelderland te zware emissie-eisen stelt, zelfs zwaarder dan nodig volgens Nederlandse en Europese regelgeving. ,,Gelderland is in haar ijver om draagvlak te creëren te ver doorgeschoten en heeft zich laten ringeloren door de milieubeweging'', stelt Hermans.

Het platform Bio-Energie, een belangenorganisatie van bedrijven en instellingen uit de bio-energiebranche, stelt dat als deze trend zich doorzet ,,dit het einde van deze nieuwe en moderne vorm van energieopwekking in Nederland kan zijn.'' De provincie Gelderland zegt bij monde van gedeputeerde H. Aalderink enkel de Nederlandse regels te hanteren. ,,Niet meer en niet minder. Al is dit wel lastig omdat de regels bij wijze van spreken per dag veranderen.''

Fibroned-directeur Hermans erkent dat bij het productieproces schadelijke stoffen vrijkomen, zoals zwaveldioxide. Maar de extra vervuiling is volgens hem 'verwaarloosbaar', vergeleken met het uitrijden van de mest over landbouwgronden, zoals nu gebeurt. ,,Veel van die stoffen zitten al in de mest. Als je je hand in de grond steekt, heb je kwik en cadmium aan je vingers.'' De luchtvervuiling moet volgens hem worden afgewogen tegen de andere milieuvoordelen die Fibroned zegt te bieden: terugdringen van het mestoverschot, de restwarmte is geschikt voor de stadsverwarming van 8.000 huizen en de as kan gebruikt worden bij de fabricage van kunstmest.

Toch blijven de milieuorganisaties de voorkeur geven aan het op het land brengen van pluimveemest, omdat gevaarlijke stoffen door de lucht ongecontroleerd alle kanten op kunnen waaien. Hoogleraar milieukunde L. Reijnders, door omwonenden in de arm genomen, beschuldigt Fibroned ervan optimaal te willen profiteren van subsidies voor de opwekking van groene stroom, maar niet te veel te willen investeren in emissie-beperking door extra filters aan te brengen. ,,Het gaat er niet om te zeggen 'het is groen' en dus gooien we er met de pet naar.'' Fibroned-directeur Hermans noemt het plaatsen van nog meer filters onzinnig. ,,Dat is net zoiets als de vuile vaat desinfecteren voordat je het in de afwasmachine plaatst.''