HOLLANDS DAGBOEK: Rudolf Keijzer

Afgelopen juli werd Rudolf Keijzer (45), majoor bij het Korps Mariniers, uitgezonden naar Irak. Hij ging naar Al-Samawah bij het CIMIC-team. Keijzer studeerde economie in Amsterdam, is getrouwd met Rineke, en samen hebben ze vier kinderen. `Op het dak liggen botten en stinkende koppen.'

Woensdag 10 september

Vanmorgen een vergadering in het CIMIC-house met alle eigenaren van de baksteenfabrieken in Al-Muthanna. Die fabrieken hadden tijdens eerdere bezoeken diepe indruk gemaakt. De logistiek is met muilezels en op een middeleeuws aandoende manier georganiseerd. Hele families wonen en werken op de bedrijfsterreinen en de zwarte rook uit de schoorstenen is van heinde en verre te zien. Tijdens de meeting kwam een aantal problemen naar voren, vooral de toevoer van stookolie voor de ovens. Afgesproken dat wij tussen het het Fuel Department en de spoorwegen zullen coördineren om de brandstof per trein uit Basra te gaan ophalen.

Het CIMIC-house doet dienst als loket voor de plaatselijke bevolking. Van het nieuwe recht om te demonstreren wordt dankbaar gebruikgemaakt. Vanmorgen een demonstratie gehad van de stam van een kolonel die gisterochtend is gearresteerd wegens banden met de Mukhabarat, de voormalige geheime dienst. De stamoudsten binnen uitgenodigd om uit te leggen dat alles via een normale rechtsgang zal plaatsvinden. Prachtig om te zien dat Bo, Sergeant der Mariniers, als een volleerd diplomaat het gesprek volledig in de hand heeft. De stamoudsten hebben vrede met de uitleg en de demonstratie lost zich zonder complicaties op.

Verder een aantal bezoeken gebracht aan de provinciale departementen. Gebrek aan elektriciteit is momenteel de grootste belemmering voor verdere ontwikkeling. Jammer dat het departement van Energie volledig passief is en nog steeds wacht op orders uit Bagdad.

Vóór de dagelijkse avondbriefing van 20.00 uur naar huis gebeld en de eerste noten van mijn jongste dochter Jet op de piano gehoord.

Donderdag

Vroeg vertrokken naar Al-Hillah, 200 kilometer richting Bagdad. Onderweg veel zware konvooien. In combinatie met de Iraakse rijstijl en een tweebaansweg levert dit een enerverende rit op. De afspraak bij Community Habitat Finance, een Amerikaanse non-gouvernementele organisatie, verloopt niet volgens plan. Het afgesproken contact maken via de telefoon lukt niet. De veiligheid in Hillah is duidelijk anders, niet overal vriendelijke mensen. Na twee uur zoeken komen we eindelijk bij hun gebouw aan. Geen wapens of uniformen op hun compound wegens angst voor represailles. Dus wapens en uitrusting buiten in de auto, voelt erg naakt aan. Gesprek gevoerd en geprobeerd CHF Al-Muthanna in te krijgen voor een micro funding project, waarbij ondernemers door hen begeleid en gefinancierd worden. Toezeggingen gekregen, contact houden en afwachten maar. Teruggereden via het hoofdkwartier van de Poolse divisie en contact gelegd met hun CIMIC-cel. Na de avondbriefing rapport gemaakt en mailtjes naar familie geschreven.

Vrijdag

De zondagse dag. Eerst een afspraak bij de aannemer die het plaatselijke winkelcentrum opknapt. Dit was stevig geplunderd en de aanneemprijs van de aannemer was eigenlijk te laag. Voor zijn reputatie is hij wel verplicht om goed werk af te leveren, niet helemaal eerlijk, maar ja, in het kader van de wederopbouw. Op het dak lagen een hoop botten en stinkende koppen. Bleek van de slager beneden, zijn etalage was op het trottoir, langs het open riool. Rondje over de markt rondom het gebouw gelopen. Hierna een lunch aangeboden gekregen. Met veel vlees. Op de terugweg de Landrover laten wassen in het plaatselijke garagekwartier. Dit is een concentratie van zo'n honderd werkplaatsen, waar ieder een specialisatie heeft. Vaak kunstenaars in het ouderwetse plaatwerk, milieutechnisch doen ze het wat minder. Verder mijn planning voor de komende week gemaakt en bijgepraat op Camp Dusty, de hoofdbasis van de mariniers in Al-Samawah.

Zaterdag

Gisteravond hoorden we dat er vandaag een demonstratie van duizend mensen zou plaatsvinden. Leraren die in de laatste dagen van het regime wegens non-conformisme ontslagen zijn. Vanmorgen met Kapitein der Mariniers Frank naar het verzamelgebied van de demonstratie gereden en de leiders geïdentificeerd. Drie man uitgenodigd voor een gesprek op het departement van Onderwijs. De vervanger van de directeur en de leider van de vakbond waren er ook. Omdat de scholen over twee weken beginnen, is enige haast geboden. Er heerst volop onduidelijkheid over bevoegdheden. Wie moet toestemming geven voor uitbetaling van de opnieuw aangenomen leraren. Bagdad is hierbij opnieuw het sleutelwoord. Opvallend was de onverschillige en hautaine lichaamstaal van de officials tegenover vertegenwoordigers van de demonstranten. De drie leiders komen morgen op het CIMIC-house, om actie richting Bagdad te kunnen ondernemen. Ook bezig geweest met de voorbereidingen van het spoortransport van brandstof naar ons gebied. Bezoek gebracht aan de overblijfselen van de raffinaderij en de volledig geplunderde trein-onderhoudswerkplaats, waar de eerste herstelwerkzaamheden inmiddels zijn begonnen. Verder de bataljonsbriefing bijgewoond. Om 23.00 uur lokale tijd naar huis gebeld. Waren niet thuis, maar zaten in de auto, in de file bij Wassenaar. Onder gejuich van de kinderen afgesproken dat wij op wintersport zullen gaan.

Zondag

Vanmorgen het herstelproject van een school aan de VIP-delegatie met onze korpscommandant laten zien. Daarna voorbereidingen getroffen voor morgen. Een grote dag, want de plaatselijke cementfabriek gaat werken volgens een ander organisatiemodel. Het wordt een marathonvergadering van een dag, waarin alle teams en projectgroepen officieel benoemd worden en waarin zij hun eerste projectplannen zullen presenteren. Dit is de eerste stap naar verzelfstandiging. Wij zullen een soort rol als gedelegeerd commissaris gaan vervullen, althans tijdens de opstartfase.

Verder de verkenning van Al-Busayyah, een stadje 250 kilometer de woestijn in, op aanstaande dinsdag voorbereid met Nasret, mijn counterpart van de Iraqi Reconstruction and Development Council. Deze IRDC bestaat uit drie inmiddels tot Amerikaan genaturaliseerde Irakezen uit Al-Samawah. Zij adviseren ons waar nodig en hebben de nodige contacten op de hoogste niveaus in Bagdad. Tot op heden zijn er nog geen militairen in het stadje geweest, dus we doen met een team in korte tijd een eerste beoordeling. De tijd tussen droppen en weer oppikken door de helikopter is beperkt tot anderhalf uur.

Einde van de middag een telefoontje van een winkel waar vijf personen met kalasjnikovs aan het schieten zijn. De schoten zijn te horen tijdens het gesprek. De Iraakse politie is niet te bereiken. Met drie teams van twee personen erheen. Een hoog adrenalinegehalte, gewonde eigenaar aan de politie overgedragen en zoektocht naar de daders gemaakt. Tijdens de zoektocht vlakbij schoten van een automatisch wapen, blijkt echter vreugdevuur te zijn. Escalatie is uitgebleven, mede door de professionele opstelling van ons team.

Maandag

De grote dag, maar nu moet het managementteam van de cementfabriek opeens opdraven bij de vorige week benoemde directeur van hun hoofdkantoor in Kufa. Al met al is er op het fabrieksterrein de afgelopen vijf maanden geen vinger uitgestoken. De fabriek is geplunderd en is relatief eenvoudig weer op te starten met behulp van de Duitse ingenieurs die de fabriek geleverd hebben. De hele operatie betaalt zichzelf, omdat er nog grote hoeveelheden eindproduct aanwezig zijn. Daarnaast ondersteunt het beleid van de Coalition Provisional Authorities de verzelfstandiging van staatsondernemingen.

Het grote probleem bestaat uit het gebrek aan eenvoudige en eenduidige richtlijnen vanuit de ministeries. Het hele systeem bestond uit `verdeel en heers' en het wegnemen van elke vorm van eigen initiatief. We zullen dat niet in een jaartje veranderen. Maar de fabriek zou een mooi voorbeeld zijn, dus we gaan stug door. Morgen worden de plannen alsnog ingeleverd.

Aan de poort van het CIMIC-house weer een drukte van belang. Variërend van een kolonel van het voormalige leger die een demonstratie van duizend personen aankondigt tot een jongetje dat een uur blijft jammeren. Het uitgangspunt is dat wij ons niet met individuele gevallen bemoeien. Het jochie had echter een sterk verhaal: zijn thuis, met zeven zussen en moeder, werd bedreigd en aangevallen door een jeugdbende. Vader in de gevangenis en de politie deed niets. Verhaal gecheckt, zijn verwondingen opnieuw verbonden en de politie verzocht het huis te bewaken. 'sAvonds het team gebrieft waarmee we morgenochtend naar Al-Busayyah gaan. Hierna mailtjes gelezen, ook van Rineke. De tijd gaat snel, je denkt best veel aan thuis. Het begrip thuis concentreert zich steeds meer rond Rineke en de kinderen.

Dinsdag

Voor first daylight naar Al-Busayyah. We zullen afgezet worden in een gebied waar nog geen militairen zijn geweest. Uit niets is gebleken dat het dorp zich vijandig zal gaan opstellen. Omdat er geen communicatie met het dorp mogelijk is, stellen wij ons toch zeer voorzichtig op.

De standaardprocedures worden gevolgd, de CIMIC-groep van drie buddyteams met twee tolken is dan ook adequaat bewapend. De heli wil zo kort mogelijk op de grond staan. Als het stof is opgetrokken, zie je een stel mariniers in de rondom-beveiliging. De plaatselijke bevolking, 750 zielen groot, is volledig uitgelopen, althans, het mannelijke deel. Direct blijken een paar problemen: het dorp heeft sinds 14 dagen geen brandstof meer. Hier draait de pomp van de waterput op, er moet dus snel een oplossing komen. Het achterliggende probleem is dat de weg van 150 kilometer niet meer geveegd wordt. Hierdoor ontstaan zandduinen, waardoor auto's vastlopen. Het verantwoordelijke departement vertelt later dat de veegmachines gestolen zijn.

We worden uitgenodigd door de stamoudste om te ontbijten in de Dewania, het dorpshuis. Na helikoptergeronk in de looppas weer naar de landing site, waar het hele dorp ons uitzwaait. Onze westerse levensstijl is toch wel relatief als je bedenkt dat de `woestijngastvrijheid' veel verder gaat dan wij ons echt kunnen voorstellen. De tolken die voor het eerst van hun leven vliegen krijgen een behoorlijke luchtdoop tijdens de tactische vlucht, die op lage hoogte de contouren van het terrein volgt.

Woensdag 17 september

Om 09.15 uur een melding over een trein uit Basra. Die is 20 kilometer verderop ontspoord met 17 wagons dieselolie bestemd voor Bagdad. Met Korporaal der Mariniers Glenn, die fuel doet, afgereisd naar de plek van het ongeluk. Het blijkt redelijk ernstig te zijn: 13 wagons ontspoord, daarvan zijn zeven van het talud van vier meter gerold en er is al zo'n 250 ton dieselolie weggestroomd. Spoorwegpersoneel is begonnen met de eerste bergingswerkzaamheden. Er moet een zware kraan geregeld worden, die in de provincie niet voorhanden is. Glenn is de rest van de dag druk met de coördinatie naar het Fuel Department. De eerste indruk is dat het geen sabotageactie is, maar het gevolg van slecht onderhoud aan het spoor.

Gerapporteerd naar ons bataljon, dat de verdere actie van onze kant bepaalt. Het plan voor de steenfabrieken zal vertraagd worden. Verder een delegatie van de cementfabriek op bezoek gehad. En nu is het afwachten of de eerste deadlines gehaald worden.