Eergevoel van een loyale reserve

Patrick Lodewijks is morgenmiddag reservekeeper bij het duel tussen zijn huidige werkgever (Feyenoord) en zijn vorige werkgever (PSV). De 36-jarige doelman, het toonbeeld van loyaliteit, heeft zijn geduld verloren in de concurrentiestrijd.

De spanning is voelbaar op het trainingsveld van Feyenoord. De twee keepers van het eerste elftal zeggen geen boe of bah tijdens de oefensessie van keeperstrainer Pim Doesburg. Terwijl deze oud-international zijn hese stem schor schreeuwt, houden zijn leerlingen de kaken stijf op elkaar. Patrick Lodewijks spreekt over ,,een zakelijk contact'' dat hij met Edwin Zoetebier onderhoudt. ,,We zeggen inderdaad weinig tegen elkaar. So what? Echte vrienden zijn schaars in de voetballerij. Bovendien, van keepers wordt toch altijd gezegd dat ze eenlingen zijn? Nou dan.''

Toch blijft het een merkwaardig gezicht dat twee collega's, twee volwassen mensen, in volstrekte afzondering aan het werk zijn. Doesburg schudt met zijn scheldpartijen de boel wakker, anders zouden de circa honderd pottenkijkers er bij in slaap vallen. Hij schiet de ballen om de beurten naar Lodewijks en Zoetebier, die op de training zo te zien weinig voor elkaar onderdoen. In de wedstrijden heeft Zoetebier een snellere reflex en maakt Lodewijks een betrouwbaardere indruk. De laatste kan zich wel vinden in het kwaliteitskeurmerk.

,,Ik ben nog even fit als tien jaar geleden, alleen voelen mijn spieren na afloop stijver aan'', vertelt de hoofdpersoon van dit verhaal in de brasserie van Stadion Feijenoord. Twee dames op leeftijd – getooid met roodwitte sjaals – hebben hier zojuist een lunch genuttigd en proberen de reservekeeper op te vrolijken. ,,Jij bent toch Patrick? Sta jij in het doel, zondag? Van ons mag het, hoor.'' Hij maakt grapjes met de dames die zich tegenover de verslaggever voorstellen als ,,twee asociale vrouwen, schrijf dat maar op''.

Lodewijks, geboren en getogen in Eindhoven, geniet zichtbaar van hun Rotterdamse tongval. ,,Feyenoord is een club naar mijn hart. Alles is emotie. De Kuip is een verzamelplek, kijk maar hoeveel mensen hier naar de training komen. In het stadion hebben we altijd een twaalfde en soms zelfs een dertiende man. Ik voel soms letterlijk de grond trillen, als we hebben gescoord. In het begin had ik het hier moeilijk, was ik die PSV'er. Zodra ik goed bleek te presteren, sloten ze mij in hun hart. Niet omdat ik zo'n aardige jongen ben, wel toen ze hoorden dat ik had doorgespeeld met een paar gebroken ribben. Toen kon ik hier niet meer stuk.''

De populariteit van Lodewijks is tegelijkertijd het probleem van Zoetebier. De Volendammer maakte in 2001 en 2002 een sterk debuut in het seizoen dat Feyenoord de UEFA Cup won. Vorig seizoen raakte hij zwaar geblesseerd en werd hij vakkundig vervangen door zijn pas aangetrokken stand-in. Lodewijks deed het zo goed, dat hij na de genezing van Zoetebier zijn basisplaats behield. En toen ontstonden de problemen. De rolverdeling was veranderd. Zoetebier toonde zich volgens veel ploeggenoten bij Feyenoord een minder loyale reserve. Zelfs toen hem voor dit seizoen wél een basisplaats werd beloofd, bleef de onderlinge wrijving voelbaar en zichtbaar.

,,Edwin kon zijn teleurstelling niet verbergen'', weet Lodewijks. ,,Menselijk misschien, maar niet collegiaal. Het is geen excuus om de eerst keeper niet optimaal in te trappen voor een wedstrijd. Ik heb geen bewijzen, maar mijn perceptie is niet kleurloos. Andersom heb ik hem altijd een goede warming-up gegeven. Dat voel ik als een morele plicht. Van anderen verwacht ik dezelfde beroepsernst. Als hij een fout maakt, mag ik daar nooit de oorzaak van zijn. We praten wel over een teamsport.''

In navolging van Zoetebier heeft Lodewijks zijn loyale houding laten varen. Hij gaat de strijd aan, met zijn rivaal én met de clubleiding. Zijn contract loopt aan het einde dit seizoen af. ,,Ik voel me geen tweede keeper meer, maar een volwaardige concurrent. Toen de trainer mij kwam vertellen dat hij toch weer voor Edwin koos, heb ik hem meteen gezegd: `Van mij ben je nog niet af'. Ik had de pech geblesseerd te raken tijdens de voorbereiding. Zo begon ik dit seizoen met een achterstand. Nu ben ik nog strijdvaardiger. Of het nu over twee of zes maanden gebeurt, ik ga voor die plek onder de lat. Ik ben overtuigd van mijn kwaliteiten. Ik heb veel krediet opgebouwd, niet alleen bij de supporters, ook bij de spelers. Al zal de trainer altijd zijn eigen afweging maken. Hopelijk denkt hij dan nog een keertje aan vorig seizoen. Toen bleven we met mij in het doel na de winterstop ongeslagen.''

Vraag aan Lodewijks of hij momenteel met een objectieve blik naar de verrichtingen van Zoetebier kan kijken en hij zegt volmondig `ja'. Ook de neutrale toeschouwer zag de eerste doelman in de fout gaan tegen Heerenveen en NAC. Tegen AZ daarentegen voorkwam Zoetebier vorige week met een flitsende reactie een 3-1 achterstand. Mede dankzij hem sleepte Feyenoord een 2-2 gelijkspel uit het vuur. Waarmee trainer Bert van Marwijk beloond werd voor zijn standvastige beleid. De coach hield vertrouwen in zijn eerste keeper, ondanks het boegeroep vanaf de tribunes en de twijfel in de selectie. Lodewijks: ,,Deze situatie biedt één voordeel voor mij: de druk ligt bij hem. Elk foutje wordt uitvergroot.''

Door de onderlinge wedijver is Lodewijks niet langer de sociale ballenvanger, die zich bij gebrek aan wedstrijdspanning bezighoudt met teambuilding. Hij zorgde voor een vrolijke sfeer in de kleedkamer. Hij steunde teleurgestelde medespelers in woord en gebaar. Hij was voor hen een aanspreekpunt. Hij lijkt een uitzondering in een wereld die in veel opzichten niet de zijne is. ,,Ik heb van huis uit veel warmte meegekregen en hoop die warmte ook op mijn kinderen en mijn collega's over te brengen.'' Of hij dan niet toch een beetje baalt van de kille verhouding met Zoetebier? Zonder aarzeling: ,,Ik kan er goed mee leven, daarvoor ben ik professional.''

Bij PSV was Lodewijks in twee verschillende perioden ook bekend met het begrip `reservedoelman'. Tussen 1987 en 1989 onder Hans van Breukelen. Tussen 1998 en 2002 onder Ronald Waterreus. In de tussentijd werd hij eerst uitgeleend en later verkocht aan FC Groningen, waar hij gedurende negen jaar wel een basisplaats had. Toen PSV hem benaderde voor een terugkeer op het oude nest, voelde hij zich gestreeld door eergevoel en – hij geeft het ruiterlijk toe – door de betere financiële voorwaarden in Eindhoven.

,,Geld is niet zaligmakend, maar wel belangrijk'', weet de eigenaar van een kinderkledingzaak in de Eindhovense binnenstad. Zijn vrouw staat in de winkel, zelf is hij verantwoordelijk voor de inkoop en de boekhouding. Tijdens het vraaggesprek wordt hij deze middag telefonisch geïnformeerd over een mogelijke overname van een andere winkel. De duobaan van Lodewijks is bijzonder, de meeste spelers houden zich alleen met voetballen bezig. ,,Ik ken jongens die niets anders doen dan een video huren of playstation spelen. Ik wil juist afleiding. Het leven van een voetbalprof is toch inspannend, hoe goed we het ook hebben. De druk is groot, maar je krijgt er veel voor terug. Ik voel me heel erg bevoorrecht, zelfs nu ik reserve ben. Voetballers die klagen, zijn niet goed bij hun hoofd.''

Lodewijks vertelt over zijn vrijwilligerswerk in het Sophia Kinderziekenhuis, waar hij als `ambassadeur' van Feyenoord bezoekjes aflegt. Soms ook ontvangt hij jonge kankerpatiënten in de Kuip. ,,Kleine moeite, groot plezier. Laatst kwam er een jochie voor de laatste keer in het stadion. Ik heb hem alles laten zien: het krachthonk, de kleedruimte, de catacomben. Het ventje reageerde al slecht en had nog maar een paar weken te leven. Ik heb hem nog een verzetje kunnen bieden, maar kan zijn leven niet redden. Nee, ik weet niet eens of hij al overleden is. Het is redelijk heavy allemaal en daarom heb ik gevraagd of ze me voortaan eerder willen benaderen. Dan kan ik me er beter op voorbereiden. Het klinkt misschien banaal, maar elke week zou te veel zijn. Loop jij maar eens een begrafenis binnen bij wildvreemden. Zelfs dat gaat je niet in je koude kleren zitten. Kun je nagaan als het om doodzieke kindjes gaat.''

Lodewijks onderhoudt nog steeds een innige band met Waterreus, die hem bij PSV zelfs als geschorste speler wilde intrappen. `Reus' riskeerde daarmee een nog zwaardere straf, maar de vriendendienst was hem blijkbaar meer waard. De keeperscarroussel bij PSV vertoonde in die periode, rond de eeuwwisseling, curieuze trekjes. Op voorspraak van trainer Erik Gerets werd de Joegoslaaf Ivica Kralj gecontracteerd. Hij was de beoogde opvolger van Waterreus, die net als Lodewijks weinig krediet had bij de Belgische coach. Waterreus mocht naar een andere club uitkijken, maar besloot te knokken voor een basisplaats en haalde achteraf zijn gelijk en het ongelijk van de trainer.

Lodewijks: ,,Een bizarre situatie waarmee vergeleken mijn akkefietje met Zoetebier kinderspel is. De hele ploeg raakte er door uit balans. Ik was altijd tweede doelman. Kralj of Waterreus stond in het doel of zat op de tribune.'' Lodewijks zou volgens Gerets te sfeerbepalend zijn geweest bij PSV. Toen hij een keer openlijk opkwam voor een medespeler die ook problemen met de trainer had, wist hij welk risico hij nam. ,,Ik zei bij thuiskomst tegen mijn vrouw: `laten we meteen mijn zaakwaarnemer bellen. Wedden dat ik weg moet'.'' Tijdens de winterstop kreeg hij te horen dat zijn contract niet werd verlengd. ,,Gerets was achterdochtig. Hij dacht dat ik achter zijn rug om dingen deed die hem niet zinden. Onzin, maar ik kon mooi vertrekken. PSV wilde zogenaamd met jonge reservekeepers gaan werken. Ze hebben er al drie versleten. Nu hebben ze met Rob van Dijk een ervaren kracht gehaald en achteraf hun ongelijk toegegeven.''

Lodewijks heeft te veel sympathie voor PSV om in wrok terug te kijken. Over de handelwijze van Gerets heeft hij zo zijn gedachten. ,,Ik kan gelukkig elke morgen in de spiegel kijken, hij niet.'' Hij is zijn kwelgeest in zekere zin ook dankbaar. ,,Zonder hem had ik deze buitenkans bij Feyenoord nooit gekregen. Ik dacht al aan stoppen toen mijn zaakwaarnemer belde. Ik had geen zin in een eerstedivisieclub. Nu kan ik nog één keer op het hoogste niveau keepen. Feyenoord is zonder meer een verrijking van mijn carrière. Nee, ik ben nog niet klaar. Ik wil nog niet terugkijken. Inkakken kan ik later nog.''

Morgenmiddag schudt hij de handen van zijn oud-ploeggenoten en moet hij vanuit de dug-out toekijken of Feyenoord zich tegen PSV kan herstellen van een zwakke seizoenstart. Hij ziet een opgaande lijn, hoewel zijn vertrokken maatjes Paul Bosvelt en Pierre van Hooijdonk naar zijn zeggen moeilijk te vervangen zijn. Bij PSV speelt zijn buurman Mark van Bommel uit Veldhoven. Die staat nog altijd bij hem in het krijt. ,,Hij heeft mijn grasmaaier geleend en nog steeds niet teruggeven. Als mijn nieuwe huis over een paar maanden klaar is, ga ik dat ding meteen bij hem terughalen'', grijnst Patrick Lodewijks.